- blad nr 5
- 9-3-2013
- auteur T. van Haperen
- Column
Schoolbesturen zijn net banken
Ga mee terug naar 1929. De beurs op Wall Street crasht, banken gaan failliet, spaargelden gaan op in rook. De Amerikaanse politiek zegt ‘dit nooit meer’ en kondigt in 1933 The Glass-Steagall Act af. Deze wet regelt een strikte scheiding tussen banken en beleggers. Wall Street kan vanaf dan in de zee zakken, de rekeninghouder merkt daar niks van. Zijn geld mag namelijk niet gebruikt worden voor riskante beleggingen. The Glass-Steagall Act financiert de naoorlogse wederopbouw en de explosieve welvaartsgroei van de jaren zestig. Maar in de jaren zeventig ontmoet de westerse economie haar grens. Staatsschulden en rentes zijn torenhoog. Overheden liggen aan de ketting. De markt komt terug. Hebzucht is goed. Regels moeten weg. President Clinton verklaart half jaren negentig de The Glass-Steagall Act tot bedorven waar. Speculeren en bankieren lopen als vanouds door elkaar. En dus herhaalt 1929 zich met de kredietcrisis van 2008. Weer betaalt de burger de rekening.
De parallel met het onderwijs is opvallend. Eerst is daar een strikte scheiding tussen beheer en onderwijs. De overheid regelt de salarissen en de gebouwen. Leraren doen de schoolorganisatie. Deze variant van The Glass-Steagall Act is succesvol. Maar dan raakt het geld op. In de jaren tachtig dalen de salarissen. Even later verdwijnt de scheiding tussen beheer en onderwijs. De besturen nemen het budget, de gebouwen en de kwaliteit voor hun rekening. De bedragen die door de vingers van bestuurders gaan zijn enorm. Middelbare scholen kosten jaarlijks tegen de acht miljard euro. De reserves liggen tussen de anderhalf en twee miljard. Een spaarrekening is waardeverlies. Beleggen ligt voor de hand. Doe als pensioenfondsen. De inleg van de premieplichtige financiert slechts 20 procent van de uitkering. De rest komt uit rendementen op beleggingen. Rendementen, denken schoolbestuurders, staan voor mooi onderwijs.
In 2000 zegt minister Hermans (VVD) één keer: ‘Ho, stop.’ Schoolbesturen mogen geen aandelen kopen. Hermans, bedankt. De AEX ligt dan op 750. Nu is die minder dan de helft. Maar het helpt niks. Als de tandpasta eenmaal uit de tube is, krijg je hem er niet meer in. Het geld stroomt naar het onroerend goed en daaraan gerelateerde financiële producten. Voor handige vastgoedjongens zijn onderwijsbestuurders prettige prooien. De verliezen zijn enorm. Leraren en leerlingen betalen de rekening.
Dan de reparatie. Banken krijgen een Glass-Steagall Act 2.0. De scheiding tussen bankieren en beleggen wordt nu geregeld. En het onderwijs? Politici doen onderzoek, acteren verontwaardiging in de media, schreeuwen om toezicht en spreken morele oordelen uit over individuele schoolbestuurders. Over hun eigen rol zwijgen ze. Maar het was minister Ritzen (PvdA) die met Kamerbrede steun de scheiding tussen beheer en onderwijs wegpoetste. Hij maakte van schoolbesturen beleggingsmaatschappijen. Dat is een maatschappelijk onacceptabele constructie. Ook het onderwijs verdient zijn Glass-Steagall Act. Alle bestuurders moeten weg!