- blad nr 5
- 9-3-2013
- auteur A. Kersten
- Redactioneel
Politiek ziet niks in opheffingsnorm 100 leerlingen
Regeringspartijen VVD en PvdA hebben afhoudend tot ronduit afwijzend gereageerd. Volgens de VVD moet niet een nieuwe norm, maar de kwaliteit van het onderwijs vooropstaan. In een korte verklaring op de partijwebsite onderstreept Kamerlid Karin Straus fijntjes dat de Onderwijsraad slechts adviezen uitbrengt. ‘Ten onrechte wordt aangenomen dat dit advies automatisch wordt overgenomen door de Tweede Kamer. Er is dus absoluut geen reden tot paniek voor scholen in krimpgebieden.’
Wel moeten kleine scholen meer gaan samenwerken, aldus de VVD.
Eenzijdig
Kleine scholen zijn in een kleine gemeenschap van onschatbare waarde, vindt de PvdA. Volgens de Onderwijsraad kost een leerling op een kleine school bijna drie keer zo veel als op een gemiddelde school, ‘zonder dat daar een hogere onderwijskwaliteit tegenover staat’. PvdA-partijvoorzitter Hans Spekman, Kamerlid Loes Ypma en het Zeeuwse partijlid Jan Schuurman Hess trekken die berekeningen in twijfel. ‘Iedereen ziet dat deze getallen eenzijdig zijn en een gemanipuleerd beeld van de werkelijkheid schetsen’, schrijven ze op de partijwebsite. Als de onderwijskwaliteit op kleine scholen een probleem is, zo redeneren ze, doe dáár dan wat aan.
Bizar
Ook de christelijke partijen CDA, ChristenUnie en SGP voelen niets voor een opheffingsnorm van 100 leerlingen. ‘Een kleine school is niet altijd slecht, net zoals een grote school met meer dan honderd leerlingen niet altijd goed is’, aldus het CDA in een pamflet. De ChristenUnie voorziet een ‘kaalslag’ bij de voorgestelde norm, die ruim dertienhonderd scholen zou treffen. SP-Kamerlid Manja Smits reageerde via Twitter met ‘Dom plan. Slechte school moet beter, of ie nu groot is of klein. School in dorp is groot goed. En 100 is bizar.’