- blad nr 5
- 9-3-2013
- auteur R. Sikkes
- Commentaar
Ga wiskunde studeren! Of Nederlands!
Gelukkig zijn er ook lichtpuntjes. In de overzichten van de gekozen studies van leraren die gebruikmaken van de Lerarenbeurs, zien we dat heel wat docenten zich laten omscholen naar leraar wiskunde en Nederlands. Dat zal de druk iets verlichten, maar het is absoluut onvoldoende.
Wat houdt jongeren toch tegen om voor het leraarsberoep te kiezen? Oké, wiskunde is sowieso geen razend populaire studie. Het heeft een hoog nerdgehalte en schrikt misschien daardoor wel mensen af die best goed zijn, maar niet een Nobelprijsniveau halen. Toch kan ook dat het niet wezen. Want ook aan docenten Nederlands ontstaat een tekort, terwijl daar het afschrikwekkende beeld ontbreekt.
Ligt het dan aan het beroepsperspectief? Leraar worden, schrikt dat af? Deze maand wordt het leraarsberoep bediscussieerd op de internationale Teacher Summit in Amsterdam. De Tweede Kamer praat over de aantrekkelijkheid van het beroep. En intussen wil minister Bussemaker van Onderwijs een Nationaal Onderwijs Akkoord afsluiten om de sector te laten excelleren, zoals het huidige modewoord wil. Maar als het tegenzit – zo begrijpen we uit de schetsen van het Oranjeakkoord van haar collega bij Financiën – komt er nog een jaartje nullijn voor het onderwijs bij…
De Algemene Onderwijsbond mist in al die praatsessies een langetermijnperspectief. Vandaar dat er bij dit nummer een Nationaal Onderwijs Actieplan zit. Een discussievoorstel om in zeven stappen te komen tot toponderwijs. We zijn heel benieuwd hoe u tegen die gedachten aankijkt, laat het maar horen. En dubben uw kinderen of die van de buren over hun studiekeuze? Met wiskunde en Nederlands komen ze over vier jaar zeker aan het werk.