• blad nr 4
  • 23-2-2013
  • auteur R. Sikkes 
  • Redactioneel

 

Onderwijsraad: basisschool minimaal 100 leerlingen

De Onderwijsraad wil de enorme krimp in het basisonderwijs gestructureerd laten verlopen zodat er een stabiel scholenbestand komt van goede kwaliteit. Scholen moeten volgens de raad in 2019 minimaal 100 leerlingen tellen. De kleinescholentoeslag maakt plaats voor een regeling voor dunbevolkte gebieden. Het overblijvende geld wordt geďnvesteerd in kwaliteitsverbetering van het hele basisonderwijs.
Tot 2020 zakt het leerlingenaantal in het basisonderwijs met nog eens 100.000. Die krimp leidt in het hele land tot fusies en opheffing van scholen. Voor schoolbesturen is besluiten tot fusie alleen een keuze uit twee kwaden, signaleert de Onderwijsraad in het rapport ‘Grenzen aan kleine scholen’.
Kleine scholen krijgen namelijk door een toeslag fors meer geld dan grote. Fuseren betekent daardoor een aanslag op het eigen budget. Volgens het rapport kost een kleine school 11.000 euro per leerling en ontvangt een grote 4000 euro per leerling, zonder dat dat zich vertaalt in een betere kwaliteit. Er zijn volgens de raad juist bij de kleine scholen veel zwakke en zeer zwakke.

Omdat de leerlingdaling doorzet is volgens de Onderwijsraad snel actie nodig. Het fusieproces veroorzaakt nu veel onrust in de krimpregio’s en onzeker is of het eindresultaat toekomstbestendig is. Daarnaast vindt de Onderwijsraad 100 leerlingen een minimum om voldoende kwaliteit te bieden. Om het fusieproces te sturen zou de norm van minimaal 100 leerlingen moeten ingaan in 2019.
Schoolbesturen moeten samenwerken in een regionaal aanpassingsplan om te komen tot stevige nieuwe scholen. Wie daar aan meedoet wordt beloond: tot 2019 blijft voor die kleine scholen de toeslag gelden. Bij scholen die niet meedoen wordt die bonus net als nu na de fusie in vijf jaar afgebouwd. Vanaf 2019 maakt de kleine scholentoeslag dan plaats voor een ‘dunbevolktheidsregeling’ waardoor bepaalde gebieden nog aanspraak kunnen maken op een beetje extra geld. Het geld dat vrijkomt uit de kleine scholentoeslag moet volgens de Onderwijsraad worden gebruikt om te herinvesteren in kwaliteitsverbetering in het hele basisonderwijs.
Volgens het rapport vallen de gevolgen voor de schoolkeuze van ouders en de bereikbaarheid erg mee. Op dit moment zitten er ruim 1300 scholen onder die norm. Dat is weliswaar 20 procent van alle scholen, zo schrijft de raad, maar het gaat om slechts 6 procent van de leerlingen. In veel dorpen staat ten minste nog één school.
De gedachte dat na de fusie-operatie op het platteland scholen onverantwoord ver weg komen te staan van dorpen, is volgens het rapport onjuist. In dunbevolkte provincies staan basisscholen namelijk vaker op loopafstand dan in dichtbevolkte provincies als Utrecht of Zuid Holland. Vanwege de onbereikbaarheid zullen een paar kleine scholen op bijvoorbeeld de Waddeneilanden kunnen blijven bestaan.
De vrijheid van onderwijs zorgt nu nog voor een breed palet aan richtingen. De raad verwacht dat door samenwerking scholen dat kunnen blijven bieden. Om keuze en een beetje concurrentie te houden zouden op ‘redelijke afstand’ minimaal twee scholen moeten blijven bestaan voor de keuze van de ouders en concurrentie. Dat mogen scholen van dezelfde of verschillende richtingen zijn. Wanneer er geen openbaar onderwijs is, moet het bijzonder onderwijs algemeen toegankelijk zijn en niemand afwijzen. Hoe ver die ‘redelijke afstand’ is, wordt in het advies niet aangegeven.
Betrokken scholen per provincie
totaal scholen <100 in 2012/13
Friesland 465 233
Groningen 314 136
Zeeland 233 96
Drenthe 291 118
Gelderland 941 201
Overijssel 554 118
Flevoland 191 31
Limburg 388 62
Noord-Brabant 889 118
Noord-Holland 936 98
Utrecht 484 47
Zuid-Holland 1211 94
Totaal 6897 1352
(bron: DUO/OCW)

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.