• blad nr 19
  • 1-12-2012
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

Ongedekte derivaten bij zes instellingen 

De regels worden aangescherpt, opnieuw

En toen was daar het langverwachte rapport van de Onderwijsinspectie over derivaten in het mbo en hoger onderwijs. Om speculeren met gemeenschapsgeld te voorkomen, belooft Onderwijsminister Jet Bussemaker nu de regels voor scholen aan te scherpen. Maar wacht eens even, was dat een paar jaar terug niet ook al gebeurd?

Om vier over half twee op dinsdagmiddag 20 november komt er een persbericht binnen. Onderwijsminister Jet Bussemaker gaat de regels aanscherpen om te voorkomen dat scholen met derivaten zich onverantwoorde financiële risico’s op de hals halen. “Scholen wordt verboden te speculeren met derivaten”, licht een woordvoerder van het ministerie toe aan de telefoon. “Dat sluit aan bij het nieuwe regeerakkoord.”
De ministeriële beleidsreactie verscheen gelijktijdig met het rapport waarop Bussemaker reageerde. De Onderwijsinspectie heeft de afgelopen maanden in kaart gebracht welke scholen in het mbo en hoger onderwijs over derivaten beschikken. Na alle zorgbarende verhalen over woningcorporatie Vestia zit de schrik er flink in en staan derivaten bijna synoniem voor financiële misère. Maar die straffe vergelijking gaat voor het onderwijs niet op, valt in elk geval op te maken uit het inspectierapport.
Sterker nog: renteswaps, een veelvoorkomende vorm van derivaten, zijn op zich best nuttig. Met zo’n swap ruilen schoolbesturen de variabele rente op langlopende leningen, afgesloten voor bijvoorbeeld nieuwbouwprojecten, in voor een vast tarief. Veel scholen die zo’n contract afsluiten, doen dat vanwege de zekerheid die het biedt: je weet welke financieringskosten op de jaarlijkse begroting zullen drukken. Zo’n renteruil vormt een bescherming als de rente later gaat stijgen, want dan profiteer je van het vastgelegde, lagere tarief. Minder gunstig is het als de rente juist verder daalt, zoals met de kredietcrisis de afgelopen jaren is gebeurd. De marktrente kelderde naar een historisch dieptepunt en staat nog altijd extreem laag.
De inventarisatie van de Onderwijsinspectie, gebaseerd op informatie die de schoolbesturen aanleverden, telt veertig instellingen in het mbo en het hoger onderwijs die derivaten in huis hebben: 21 roc’s, aoc’s, en vakscholen, elf hogescholen, en acht universiteiten. Dat is ongeveer een derde van alle instellingen in die sectoren.
De lage rentestand op de kapitaalmarkt heeft invloed op de actuele waarde van al die derivaten. De opgetelde dagwaarde bij alle instellingen samen bedraagt min 290 miljoen euro, maar die som zegt eigenlijk niet zo veel. Want zolang de derivaten en de onderliggende lening netjes doorlopen tot het einde van de afgesproken looptijd, is er niets aan de hand. Nou ja, niets? Scholen met derivaten betalen nu wel een hoger rentetarief dan het tarief op markt.

:Blok aan het been
Dat is niet de enige prijs voor financiële zekerheid, aan renteswaps kleven andere haken en ogen. Bij een negatieve dagwaarde beperken ze de financiële speelruimte voor schoolbesturen. Want wie met z’n leningenportefeuille tussentijds wil overstappen naar een andere geldverstrekker omdat de voorwaarden daar toch aantrekkelijker zijn, heeft met zo’n renteswap een blok aan het been. Verkopen kost geld, en dat kan in de miljoenen euro’s lopen.
Bij zes schoolbesturen stuitte de Onderwijsinspectie op zogenoemde margin call-clausules. Dat zijn afspraken waarbij de bank in specifieke omstandigheden extra zekerheden kan eisen in de vorm van een huisvestingonderpand of geld. Bijvoorbeeld als de dagwaarde van een derivaat te laag is geworden. Welke impact de margin call-afspraken voor de betreffende de scholen hebben, wordt uit het inspectierapport niet duidelijk. Wat dat betreft schetst de inventarisatie - geen boekenonderzoek - vooral een overzichtsbeeld en blijven de precieze risico’s die onderwijsinstellingen lopen, ongewis.
Schoolbesturen zelf overzien ook niet altijd de impact van de kleine lettertjes, stelt de inspectie wel vast. Sommige instellingen bleken zich te verkijken op de strekking van de afgesloten contracten. Ze wisten soms niet eens wat de bank zou kunnen eisen. Een van de aanbevelingen in het rapport sluit daar op aan: instellingen moeten als de wiedeweerga zorgen dat ze genoeg kennis in huis halen. Ook om niet helemaal overgeleverd te zijn aan externe adviseurs of die ene medewerker op het bedrijfsbureau die het dossier beheert.
Zes andere instellingen zitten volgens de inspectie met renteswaps die niet (helemaal) worden gedekt door een onderliggende lening: twee aoc’s, één roc en drie universiteiten. Die zogenoemde ‘open posities’ kunnen ontstaan als de gerelateerde lening pas later ingaat of juist vervroegd wordt afgelost. Schoolbesturen die alvast een renteruil tekenen voor toekomstige leningen zijn eigenlijk aan het speculeren op een rentestijging, aldus de inspectie. En dat is in strijd met de regeling Beleggen en Belenen, waarin de voorschriften voor scholen staan opgenomen.
Maar die regeling zelf laat aan duidelijkheid ook te wensen over. In de nasleep van het Icesave-debacle zijn de beleggingsregels met ingang van 1 januari 2010 al aangescherpt. Er kwamen strengere eisen aan de betrouwbaarheidsrating van banken waarmee scholen zaken mogen doen. En derivaten, nog onvermeld in de oude regeling, werden voor het eerst geïntroduceerd en gekoppeld aan ratingeisen. Schoolbesturen waren toen al lang en breed met renteswaps in de weer.
Over open posities nog steeds geen woord in die nieuwe voorschriften. Dat wil zeggen: niet in de wettelijke regeling zelf. Een aparte handleiding, verstrekt als extra toelichting, verbiedt die ongedekte derivaten wel. Sommige schoolbesturen gaven tegenover het Onderwijsblad eerder aan vraagtekens te plaatsen bij de status van die bijlage, of haar überhaupt niet te kennen.
Volgens de inspectie zou de regeling ‘uitgebreider kunnen beschrijven wat exact de voorwaarden voor het gebruik van derivaten zijn’. Zo zouden margin calls verboden kunnen worden. En er zou vastgelegd kunnen worden dat renteswaps gelijk moeten ingaan met een lening, opdat speculatie niet meer voorkomt.
Een aanbeveling naar het hart van minister Bussemaker, die met het inspectierapport in de hand de regels nu opnieuw gaat aanpassen. Om een situatie te voorkomen die al langer onder de ogen van haar voorgangers heeft kunnen bestaan. Want het fenomeen van de ongedekte derivaten staat ook vermeld in de jaarrekeningen die scholen de afgelopen jaren bij het ministerie hebben ingeleverd.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.