- blad nr 17
- 3-11-2012
- auteur R. Wisman
- hier & daar
Lange dagen en bergen lolly’s
Het gezin Van Tilburg met Ruben (14), Jesse (12), Lois (8), Salomé (4) en Ellis (2) is sinds juli weer terug in de Nederlandse doorzonwoning. Voor de kinderen is het wennen dat de televisie in Ermelo weer ‘gewoon’ zichtbaar voor het raam staat met de gordijnen open. In Nairobi woonden ze op een compound met een bewaker voor de deur (die overdag dienst deed als tuinman). De gordijnen gingen er ’s avonds dicht en er zaten meerdere sloten op de deuren.
Sjaak van Tilburg werkt bij Open Doors, een stichting die vervolgde christenen ondersteunt. Om het werk in Kenia te begeleiden, woonde hij er drieënhalf jaar met zijn gezin. ‘Waar begin je aan?’, vroeg de familie bezorgd toen ze een paar jaar eerder om dezelfde redenen naar Soedan vertrokken. “Kenia klonk ze al een stuk beter in de oren”, zegt Mirjam van Tilburg glimlachend.
In de hoofdstad is regulier onderwijs geen optie voor expat-gezinnen, vertelt Mirjam. “Bij school denk je als westerling aan een onderhouden gebouw met boeken, schriften, schoolborden, stoelen en tafels. In Nairobi kan het zijn dat er vijftig kinderen in één lokaal op de grond zitten zonder papier, pennen en boeken. Kenianen die het kunnen betalen, sturen hun kinderen ook naar een privéschool.”
Van de drie Amerikaans-christelijke privéscholen in de buurt, kozen ze de meest kleinschalige. Met een elementary school, middle school en high school: voor driehonderd kinderen van vier tot achttien jaar.
Mirjam: “De school had een goede naam waar we op vertrouwden.” Met tweeduizend euro per kind was het ook de goedkoopste. Het gebouw was niet hypermodern. Mirjam toont foto’s van houten bankjes die je open kunt klappen, oprolbare landkaarten. “Het was even slikken”, erkent ze, “omdat we van een Nederlandse school met flatscreens en digiboards kwamen”.
De aanwezigheid van deze zaken zegt echter niets over de onderwijskwaliteit, overtuigde ze zichzelf. De schoolstart was moeizaam omdat de kinderen twee dagen lang in het Engels getoetst werden, voordat ze wisten in welke klas ze kwamen. “Dat voelde niet als een warm onthaal.”
Tussen de klassikale lessen door was ruimte voor spelletjes met een competitie-element. De klas werd bijvoorbeeld verdeeld in duo’s. Ieder duo kreeg een som. Wie als eerste het goede antwoord wist, mocht door naar de volgende persoon. Wie als eerste in alle duo’s alle sommen goed had, was de winnaar.
Mirjam: “Ze hielden ook bij wie waar de beste in was.” Ze toont een foto van Ruben met een high honor roll, een certificaat dat hij kreeg toen hij de beste van de klas was. Als beloning mocht hij met de andere knapste koppen ijs of pizza eten.
Jesse: “Of je kreeg mulah, een soort geld van de juf, voor een goed cijfer. Als je vijftig mulah had, kon je een lolly van de juf kopen.” Toen de mulah-voorraad op een dag gestolen was, kreeg de klas echter collectief straf. “De hele week geen pauze”, herinnert Jesse zich.
Toen Mirjam daar de juf op aansprak, haalde dat niets uit. ‘Zo doen we dat hier’, kreeg ze te horen.
Saai
Vergeleken met Nederland waar de weken propvol zitten, waren de schoolweken in Nairobi vrij saai. “Vanaf augustus tot Thanksgiving (de vierde donderdag in november, red.) gebeurde er vrijwel niets.”
Maar als er een feestje was - Christmas, Valentine, Easter, 100th Day of School, Last day of School - gingen de remmen los. “Dan mochten we zoveel snoep, chips en chocola eten als we op konden.” En zo kwamen ze dan thuis, beaamt Mirjam met een frons. “Je hoorde daar niemand over schommelende bloedsuikers.”
Een schooldag eindigde tussen drie en half vier. Met Nederlandse les kwamen daar soms een keer per week twee uur bij. En dan moesten ze thuis nog huiswerk maken. “Ik vond het voor jonge kinderen wat overdone”, zegt Mirjam. Jesse’s juf gaf ook ’s weekends huiswerk mee. “Toen ik een keer vroeg of het wat minder kon, was dat gelukkig afgelopen.”
Rubens leerkracht gaf iets minder huiswerk. Nu hij naar het tweetalig vwo gaat, moet hij ‘behoorlijk aan de bak’. “Ik heb meer vakken dan in Kenia en Frans is helemaal nieuw voor mij. Ook wordt hier meer getoetst. Op één dag soms een proefwerk en twee schriftelijke overhoringen”, zegt Ruben.
De kinderen vinden het leuk weer in Nederland te zijn. “Ze genieten van de vrijheid die ze hier hebben: op de fiets naar school, kijken of er vriendjes buiten zijn om mee te spelen. Als gezin waren we in Nairobi meer op elkaar aangewezen. De Kenianen hebben hun eigen leven waar je als expat-familie niet gemakkelijk tussenkomt.”
Ze missen echter het warme contact dat ze opbouwden met andere expat-families. Verder missen ze vooral het weer. “Dat was veel lekkerder”, zegt Ruben.
Dochter Lois mist vooral de mooie tuin en de losstaande klimeilanden bij de school. Wat ze ook mist, is een pauze met alleen haar eigen klas. “Dat zou ik hier ook wel willen. Dan heb je veel meer ruimte om te spelen.”