- blad nr 12
- 23-6-2012
- auteur . Overige
- Juridische rubriek
Berisping
Alle reden voor de MR daarover eens met het personeel een gesprek aan te gaan, en de resultaten daarvan aan het schoolbestuur voor te leggen. Het bestuur vindt dat nader onderzoek naar het functioneren van de directeur moet plaatsvinden, maar dat heeft wel even tijd nodig.
Daar heeft Marijke wel begrip voor, toch lijkt het haar ook een goed idee alvast een kleine bijdrage te leveren. Zij verzoekt haar collega’s om haar per e-mail te informeren over hun visie op de directeur, en over de vraag of ze die directeur wel voldoende capabel vinden.
Maar dat is iets te snel. Het bestuur meldt Marijke dat zij met haar acties het beleid van het bestuur doorkruist, en dat zij daarvoor berispt wordt. Met behulp van de juridische dienst van de AOb gaat Marijke vervolgens in beroep bij de Commissie van beroep. De AOb-raadsman van Marijke vindt eigenlijk dat het niet zo verstandig was om de collega’s te mobiliseren. En ook niet om het standpunt in te nemen dat de directeur niet functioneert, terwijl de werkgever daar nu juist een onderzoek naar instelt. Maar het is wel de vraag of de berisping, gezien de leeftijd van Marijke en haar goede staat van dienst, niet te zwaar is.
Hoewel Marijke het eens is met de tekst van het beroepschrift, is ze het bepaald niet eens met de reactie die haar werkgever vervolgens naar de Commissie van beroep stuurt. Marijke laat – tegen het advies van haar raadsman in - aan de commissie weten dat er weinig aan het verweerschrift van haar werkgever deugt. Op basis van haar ervaring binnen de school had zij zonder twijfel terecht de vraag uitgezet of de directeur voldoende capabel is. Marijke besluit bovendien een getuige, die ook wel een en ander over de kwaliteiten van de directeur wil vertellen, mee te nemen naar de zitting van de Commissie van beroep.
Dat lijkt de raadsman van Marijke allemaal niet zo’n goed idee. Het lijkt hem zelfs helemaal niet meer een goed idee om zelf mee te gaan naar de commissie, nu Marijke aangeeft dat ze eigenlijk gewoon gelijk heeft en dat er ‘dus’ geen sprake was van gedrag dat ze beter achterwege had kunnen laten.
Marijke besluit daarom haar standpunt, samen met de getuige, alleen bij de Commissie van beroep toe te lichten. Die oordeelt als volgt: de getuige wordt niet gehoord omdat uit de toelichting van Marijke niet blijkt dat hij iets kan toelichten waaruit de commissie zou kunnen oordelen dat de berisping een te zware straf is. De commissie vindt het niet juist dat een werknemer die weet dat de werkgever bezig is met een onderzoek naar het functioneren van een directeur, zich daar ook mee gaat bemoeien. Daarom was de berisping terecht opgelegd.
Joost Aarts, juridische dienst AOb
Voor juridisch advies kunt u contact opnemen met het Informatie en Advies Centrum van de AOb: 0900 4636262 (5 cent per minuut), info@aob.nl