• blad nr 11
  • 9-6-2012
  • auteur B. Hoogenboom 
  • Kleine column

 

Beleid als slechte televisie

Over de nullijn op ambtenarensalarissen is vaker geschreven op deze pagina. Door mij, door mijn collega’s. Duizenden collega’s worden erdoor gedupeerd, maar voor politici is het een van de makkelijkst uit te voeren bezuinigingen: ze gebruiken het cliché van de dozenschuivende duimendraaier zo regelmatig dat mensen er in zijn gaan geloven. In de praktijk krijgen ook brandweerlieden en onderwijspersoneel er geen euro bij. Voor het onderwijspersoneel betekent het dat politici sinds 2010 hun woord niet nakomen. Toen brak men immers met de belofte dat de salarisachterstand ten opzichte van andere sectoren in een paar jaar zou worden ingelopen en koos men voor het bevriezen van het salaris. Opmerkelijk, omdat vrijwel alle partijen die hier achter staan nog recent claimden dé onderwijspartij te zijn.
Een voorzichtige berekening die de AOb heeft laten uitvoeren, leert dat een leraar er door de maatregel tot 8 procent in koopkracht op achteruit gaat. Het staat vast dat (bijna) iedereen de prijs betaalt voor de huidige economische crisis, maar zoveel is onverantwoord. Natuurlijk wijzen politici naar het miljard dat het kabinet van CDA, PvdA en ChristenUnie voor de leraren hadden gereserveerd. Maar dat bedrag is ooit vrijgemaakt om de salarisachterstand in het onderwijs aan te pakken dat onderwijspersoneel opliep in de jaren daarvoor.
In het Lenteakkoord werd afgesproken dat 2013 weer een nullijn zal kennen. Dat document kan gelukkig grotendeels de prullenmand in op 12 september, dus de AOb zal rond de verkiezingen en tijdens de formatie volop lobbyen voor een eind aan de nullijn voor onderwijspersoneel en voor vermindering van de werkdruk. Het liefst zouden we dat doen met onze werkgevers, maar die houden zich tot op heden afzijdig op deze dossiers. Sterker nog, velen van hen denken het schip recht te houden met instructeurs en docenten zonder bevoegdheid. Die zijn immers een stuk goedkoper. Zonder te twijfelen aan de goede bedoelingen van (nog) ongediplomeerde collega’s: op die manier wordt het nooit wat met onze ambities. Willen we naar de top, dan moet het onderwijs een aantrekkelijke sector worden. En niemand trekt volle zalen met de slogan ‘we eisen meer, we geven minder’.
Salaris en werkdruk zijn de thema’s die de politiek moet oppakken als Nederland niet voor schut wil blijven staan met de ambitie tot de top vijf van kennislanden te horen. Met de ambitie is niets mis, maar de opeenvolgende coalities geven het onderwijs niet de kans orde op zaken te stellen. Om orde op zaken te stellen, hebben we meer middelen nodig. Als het onderwijs een oceaanstomer is, dan zit er een gapend gat in de romp van het schip. Van de opeenvolgende coalities krijgt het onderwijs de ene keer een paperclip en de andere keer een lijmstift om orde op zaken te stellen. Kennelijk heeft de jaren tachtig-televisieheld MacGyver enorme indruk gemaakt op de huidige generatie politici: die kon een atoombom ontmantelen met een punaise. Maar om nou beleid te maken op basis van een slecht geschreven tv-serie…

Ben Hoogenboom, lid dagelijks bestuur

Dit bericht delen:

© 2024 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.