- blad nr 7
- 7-4-2012
- auteur W. Dresscher
- Kleine column
Talentenjacht
VVD-Kamerlid Ton Elias stak de loftrompet. Hij twitterde over een verademing voor het onderwijs en ziet de jury als een middel om de ‘angst voor uitmuntendheid’ in het onderwijs te bestrijden. Daarmee toonde Elias weer eens aan hoe groot het verschil is tussen het politieke wensdenken van de rechtse coalitie en de dagelijkse praktijk in de klas.
Elias’ reflex is een voorspelbare: een beetje VVD’er denkt dat iedereen harder gaat lopen als je een beperkt aantal clubs aan het einde van de rit een prijsje geeft. We leven immers in het tijdperk van de eindeloze talentenjachten voor zangers, kappers, dansers en koks. Dus waarom geen ‘talentenjacht’ voor scholen? Prachtig toch?
Nou nee. Zoals zo vaak met dit soort ideeën is de praktijk een stuk weerbarstiger. Somber gesteld: scholen kampen met teruglopende middelen door de gevolgen van krimp of vanwege de bezuinigingen op het passend onderwijs. Ze hebben te maken met een vergrijzend personeelsbestand dat straks niet kan worden vervangen. Jonge collega’s zijn weggejaagd of ambiëren door de hoge werkdruk en het bescheiden salaris überhaupt geen loopbaan voor de klas. Een nullijn voor onderwijspersoneel is geen publiekstrekker, ophokuren zijn dat evenmin.
In dit door het kabinet-Rutte gecreëerde klimaat wil Marja van Bijsterveldt de moed er in houden. Ze schermt met een prestatieloon voor leraren en houdt scholen een worst voor met het excellentiekeurmerk. Je zou er lacherig over kunnen doen als het niet zo’n ernstige zaak was.
Extra geld is er niet in het onderwijs. Net als in andere sectoren wordt het eerder minder dan meer. In feite zegt dit kabinet tegen scholen: We slopen een lokaal van je schoolgebouw en je lost het zelf maar op. Maar als je meedoet met ons spelletje, dan krijg je er een circustent voor terug. Die circustent betalen we door bij de school aan de overkant niet één maar twee lokalen te slopen. Maar dat is hun probleem. Alsof de mensen in het onderwijs niet aan hun werk zijn begonnen om er met elkaar voor te zorgen dat iedereen zo goed mogelijk wordt opgeleid.
Het blijft verbazingwekkend dat de partijen die spelers op de linkerflank altijd hebben ingewreven dat de samenleving niet maakbaar is, nu zelf hun idealen opdringen. Men zou er verstandig aan doen daarmee op te houden. Nu we weer (bijna) allemaal on speaking terms zijn, kom ik dat graag nog eens persoonlijk uitleggen.
Walter Dresscher, voorzitter AOb