- blad nr 6
- 24-3-2012
- auteur A. Jonkman
- Column
Substitueren
Ik ben 50, maar soms ook 15 en Jochem uit 4-havo drukt dat zo uit: “Mevrouw, het is net alsof u in mijn hoofd zit, alsof u eigenlijk mij bent.” Ik projecteer mijn gedrag van heel vroeger op dat van mijn leerlingen en daardoor begrijp ik ze beter dan goed voor ze is. Voor een vijftienjarige met een bovengemiddelde behoefte aan autonomie moet je zoveel. Je móet naar school, je móet opletten, stilzitten, aan je toekomst denken, je kamer opruimen, uitloggen als het eten klaar is. Je móet na het stappen op tijd thuiskomen, sommige vriendjes niet mee naar huis nemen en in de klas op je vaste plaats gaan zitten. Natuurlijk ga je dan te laat komen, je huiswerk niet maken, onvoldoendes halen en soms zelfs blijven zitten. Want je bepaalt zelf wel wat je doet.
Ik was 22 toen ik eindexamen deed. Ik snap het helemaal. Maar als vijftigjarige docent is het mijn taak er voor te zorgen dat leerlingen het beste uit zichzelf kunnen halen. Dus bij wijze van therapie laat ik sinds een jaar mijn haar gewoon grijs en schrijf ik deze column. Natuurlijk zeg ik tegen alle Jochems in mijn klas dat zij hun negatieve gedrag ook kunnen vervangen door een andere vorm van ‘zelf bepalen’: er voor kiezen goed voorbereid op tijd te komen in elke les en te streven naar een hoog gemiddelde. Dat móet niet, maar het geeft veel meer vrijheid dan vastzitten aan strafmiddagen, strafwerk en oeverloze preken. Helaas blijft die vorm van substitutie voor een aantal veel te ingewikkeld.