• blad nr 6
  • 24-3-2012
  • auteur A. Moerman 
  • de Vereniging

 

Mediathecarissen haken aan bij AOb

De AOb wil graag het hele onderwijsveld vertegenwoordigen. Maar niet elke beroepsgroep komt optimaal aan bod. Dat gaat veranderen voor de mediathecarissen in het onderwijs. Hun beroepsgroep werkt sinds kort nauw samen met de AOb.

“We denken dat we met de hulp van de AOb meer erkenning voor onze beroepsgroep kunnen verwerven. Met de daarbij horende beloning”, zegt Jolanda Jole, penningmeester van de LWSVO, de Landelijke Werkgroep Schoolmediathecarissen Voortgezet Onderwijs. “We tellen nu ongeveer 425 leden.”
Op de komende ledenvergadering op 19 april zal de afkorting LWSVO overigens (als de leden daarmee instemmen) plaatsmaken voor BMO, Beroepsvereniging Mediathecarissen Onderwijs.
De club zit al langer op de koers van samenwerking. De afgelopen jaren was de LWSVO aspirant-lid van de Nederlandse Vereniging van Bibliothecarissen. “Dat bracht niet wat we ervan hoopten. Administratief klopte daar van alles niet. Bovendien had de NVB onvoldoende aandacht voor onderwijsspecifieke zaken. Daarom proberen we het nu met de AOb. Tot nog toe zijn we enthousiast”, meldt Jole, die samen met een collega-bestuurslid namens de LWSVO ook een plekje heeft in het bestuur van de groep onderwijsondersteunend personeel van de AOb.
De vereniging van Jole bestaat volgend jaar dertig jaar en behartigt de belangen van deze 'eenlingen in het onderwijs'. “De meeste scholen hebben één iemand in dienst als mediathecaris. Soms werkt er ook nog een assistent. Ons vak is niet opgenomen in de Wet bio (beroepen in het onderwijs). We worden beloond via het fuwasys, het functiewaarderingssysteem voor de totale ambtenarij. Dat heeft tot gevolg dat mensen met een soortgelijke opleiding en functie beloond worden in de schalen 4 tot 8. De laatste schaal is redelijk, maar mensen die ook mediacoach zijn, zouden best in 9 kunnen”, meent Jole, wier vereniging ook de scholing van mediathecarissen op een hoger plan wil brengen. “Vorig jaar is hiervoor een hbo-profiel vastgesteld en dit jaar is een werkgroep bezig te onderzoeken of Teacher Librarian haalbaar is voor Nederland.”

Nieuwe tak
AOb-bestuurder Martin Knoop is blij met 'de nieuwe tak van sport' binnen de bond. Hij wil vooralsnog vooral inhoudelijk meer op de hoogte raken over hoe de AOb de belangen van mediathecarissen in het onderwijs het best kan vertegenwoordigen. “Voortaan zullen we op beleidsvoorstellen die hun werk raken in een gezamenlijke brief reageren. Want samen staan we sterker.”
Het is geenszins het idee van de AOb om de mediathecarissenclub op te slokken. Integendeel. “Het gaat ons er echt om meer knowhow in huis te krijgen over de specifieke zaken die deze beroepgroep betreft. Zo zijn er wel meer beroepsgroepen in het veld waar we te weinig van weten, bijvoorbeeld de logopedisten. Die willen we er ook graag bij. Als de samenwerking lekker loopt, dan zien we na het kennismakingsjaar wel of er iets nog mooiers gaat opbloeien", meldt Knoop.
Jole en haar leden hopen binnen de AOb meer te leren over hoe ze moeten omgaan met leerlingen. “Daar hebben we de hele dag mee te maken. We willen meer pedagogische en didactische kennis aanbieden aan onze leden”, zegt ze. “Daar staat ook iets tegenover. Het middagprogramma van onze komende ledenvergadering staat tegen een kleine vergoeding ook open voor AOb-leden. Het belooft een leuke middag te worden in het Utrechtse Jacobitheater over 'mediawijs met sociale media'. Aanmelden kan nog tot 6 april. Vol is vol.”

{noot}
De themamiddag begint op 19 april om 14.00 uur. Niet LWSVO-leden betalen 25 euro entree. Aanmelden via mirjam.brugts@hotmail.com.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.