- blad nr 17
- 17-10-2000
- auteur D. van 't Erve
- Redactioneel
Taakbeleid centraal in nieuwe cao-bve
De cao gaat in op 1 januari 2001 en heeft een looptijd van twee jaar. De Bve-raad begon volgens cao-onderhandelaar Martin Knoop met een zeer magere inzet. 3Het kon op een A-viertje. De Bve-raad wilde zo weinig mogelijk regels opnemen in de cao en zoveel mogelijk overlaten aan overleg met de medezeggenschapsraad. Maar dat lijkt ons geen goed uitgangspunt.2
De AOb streefde vanaf het begin naar afspraken over beheersing van de werkdruk. Die zouden op een zo laag mogelijk niveau in de organisatie, het liefst op teamniveau, gemaakt moeten worden. In het akkoord is nu opgenomen dat taakbeleid onderdeel is van het algemeen personeelsbeleid. Om dit te regelen hebben werkgevers en werknemers de keuze uit twee modellen. Model A is het vrije model, dat in hoge mate overeenkomt met wat de AOb wilde. In dit model moeten docenten en ondersteuners jaarlijks met de werkgever overeenstemming zien te bereiken over de verdeling van contacttijd, scholing en andere werkzaamheden. Als minder dan tweederde van de werknemers zich in de afspraken kan vinden, wordt model B van kracht. In tegenstelling tot model A is aan model B een maximumaantal lesuren verbonden. Uitgangspunten van model B zijn: spreiding van de lessentaak over minimaal 36 weken, per week maximaal 22,5 uur (in totaal 810 uur). Indien noodzakelijk kan in een bepaalde periode een maximum van 24,5 lesuren per week worden gegeven. Deze uren moeten direct aan de voorafgaande of daaropvolgende periode worden gecompenseerd, zodat het jaarmaximum niet wordt overschreden.
De afspraken over het nieuwe taakbeleid gaan in op 1 januari 2001. Al voor de zomer zijn roc1s per brief geďnformeerd om er bij het vaststellen van het taakbeleid alvast rekening mee te houden dat dit beleid per januari zal veranderen. 3Het liefst zien we dat model A meteen wordt gebruikt, maar als dat niet lukt, kan model B nog als vangnet dienen2, verklaart Knoop. Als het zelfs niet lukt om per januari volgens model B afspraken te maken, moet een roc dit voor 31 januari 2001 aan de cao-partijen melden.
Ziektedagen
Voor het onderwijsondersteunend personeel in de schalen 1 tot en met 10 komt er een verschuivingstoeslag van vijftig procent. Als een werknemer bijvoorbeeld op maandag hoort dat hij in plaats van woensdag op donderdag opeens moet werken, krijgt hij een financiële tegemoetkoming. Ook zijn de carričrelijnen van het onderwijsondersteunend personeel aangepast aan die van de overige onderwijssectoren: in functieschaal 3 vervalt regelnummer 3.1 en in schaal 4 vervalt regelnummer 4.0.
Voor onderwijsgevend personeel is de seniorenregeling veranderd: personeel in de leeftijd 52 tot en met 55 jaar krijgt een dag extra verlof, vanaf 56 jaar 1,5 dag extra.
Ook is het ziekteverlof in de vakantie aangepast. Indien een docent tijdens de vakantie ziek wordt, geldt vanaf 1 januari dat deze ziektedagen tot maximaal 23 dagen niet voor eigen rekening zijn.
Verder zijn er voor MR-leden extra faciliteiten in het akkoord opgenomen. Tot nu toe kreeg een MR een budget van ten minste 0,35 procent van de personeelslasten. Nu heeft elk MR-lid daarbovenop recht op vijf scholingsdagen per jaar.
Over het geheel genomen is het een aardig akkoord met verbeteringen voor alle personeelsleden2, oordeelt Knoop. 3Natuurlijk had het nog mooier gekund, striktere regels voor model B bijvoorbeeld. We moeten echt af van het gefriemel met lesuren, daar wordt nog steeds te veel op gefocust. Als het aantal lesuren omlaag gaat, zullen andere taken omhoog gaan. Dat betekent niet in alle gevallen een verlaging van de werkdruk.2
Het volledige akkoord en meer informatie over de cao-bve zijn te vinden op www.aob.nl. Ook zijn de nieuwsbrief en het akkoord op te vragen bij de afdeling ledenservice, telefoon (030)2989850.