- blad nr 17
- 17-10-2000
- auteur O. Bosma
- Redactioneel
Vervangingsfonds kribbig over Hermans
Het tekort van het Vervangingsfonds bedraagt dit jaar zeventig miljoen. Voor de zomervakantie heeft minister Hermans een incidentele bijdrage van dertig miljoen ter dekking van het tekort toegezegd. Eind september deelde hij in een brief aan de Tweede Kamer mee dat hij daar nog een Rvoorschot1 bij doet, dat hij te zijner tijd zal verrekenen met het effect van structurele maatregelen om het ziekteverzuim in het onderwijs terug te dringen. De minister laat een extern onderzoek doen naar de manier waarop een sluitende exploitatie mogelijk is. In een beleidsnotitie zal hij daarna zijn plannen bekend maken.
Als de minister het Vervangingsfonds wil besturen, moet hij dat vooral doen, maar dan doen wij het niet meer2, reageert een geprikkelde directeur Niek Dekker. Volgens hem zijn zelfs de accountants van het ministerie het erover eens dat de tekorten bij het fonds structureel zijn en dat bijspringen dus onvoldoende soelaas biedt. 3Zestig procent van het verzuimvolume wordt veroorzaakt door lichamelijke ziekten, veelal ernstig van aard. En ook de psychische klachten verhelp je niet zomaar. Hermans heeft nu de mond vol van push and pull, maar er zijn grenzen aan wat scholen kunnen bereiken door ze te prikkelen met bonussen en malussen.2
Ook in het Kamerdebat werden vraagtekens geplaatst bij de ambities voor het terugdringen van het verzuim. De geplande vermindering met een procentpunt betekent dat de trend met vier procent moet worden omgebogen.
Volgens Dekker beweert Hermans ten onrechte dat scholen voor 28 miljoen onjuist hebben gedeclareerd. 3Hij baseert dat op een accountantsonderzoek in de dossiers van 285 scholen van zestig besturen, waar een bedrag van 1,2 miljoen aan onterechte declaraties werd gevonden. Dat kun je niet zomaar extrapoleren naar alle ruim 8000 scholen.2
Tevreden is de directeur van het Vervangingsfonds alleen over het uitstellen tot januari of augustus 2002 van het losmaken van het voortgezet onderwijs uit het fonds, zoals minister Hermans aankondigde tijdens het Kamerdebat. 3Zijn ambitie dat de scholen na de schaalvergroting van de laatste jaren de risico1s van het ziekteverzuim individueel kunnen dragen is kennelijk getemperd. Het is ook niet reëel. Bij de Kamer bestond het beeld dat het voortgezet onderwijs voor het fonds een positief saldo opleverde, waarmee het gat in het primair onderwijs kan worden gedicht. Maar we komen voor het voortgezet onderwijs twintig miljoen gulden tekort. Nog afgezien van de risico1s voor individuele scholen is het dus niet waar dat de sector voortgezet onderwijs budgettair neutraal uit het fonds kan worden gehaald.