- blad nr 4
- 25-2-2012
- auteur A. Kersten
- Redactioneel
Kritische noten Eerste Kamer over onderwijstijd
De VVD-senatoren verwijzen naar de vele protestbrieven die ze hebben ontvangen. Die gaan onder andere over de urennorm die in het wetsvoorstel is opgenomen. Na een advies van een commissie onder voorzitterschap van VVD-prominent Clemens Cornielje heerste er brede consensus over het hanteren van 1000 uur als wettelijke norm. Op het laatste moment diende de PVV-fractie een amendement in voor het verplicht stellen van 1040 uren, dat door minister Marja van Bijsterveldt werd omarmd.
‘Overleg over deze norm met het veld heeft niet plaatsgevonden. Integendeel, het gehele onderwijsveld ervaart dit amendement als een slag in het gezicht, een bewijs dat overleg met het veld er niet toe doet, en dat leraren en hun vertegenwoordigers irrelevant zijn’, aldus de VVD in het schriftelijk verslag. ‘Wat heeft de regering hiertoe bewogen?’
Bij het ingrijpen in cao-afspraken tussen werkgevers en werknemers over vakantie plaatsen de liberale senatoren vraagtekens. Ook over de grotere invloed van ouders en leerlingen op de invulling van de onderwijstijd klinkt een kritische toon.
Het verzamelen en indienen van schriftelijke vragen is de eerste stap bij de wetsbehandeling in de Eerste Kamer. Het kabinet heeft vier weken om de ingediende vragen te beantwoorden. Daarna komt de senaat bijeen om het wetsvoorstel te bespreken en erover te stemmen.
Eind januari staakten meer dan 20.000 leraren uit het voortgezet onderwijs in de Utrechtse Jaarbeurs tegen de plannen van Van Bijsterveldt.