• blad nr 14
  • 17-9-2011
  • auteur . Lachesis 
  • Column

 

Jongenstoilet

Tijdens de instructie van een taalles klinken er plotseling een paar harde dreunen tegen de muur van het lokaal. Het lawaai komt uit het aangrenzende jongenstoilet. Aangezien ik geen enkele jongen uit mijn groep mis en mij midden in een gloedvol verhaal over de open en gesloten lettergreep bevind, besluit ik net te doen alsof ik niets gehoord heb. Dat houd ik niet lang vol. Het volgende moment knallen er twee deuren tegelijk dicht in het toilet en klinkt er rellerig gelach. De leerlingen in mijn klas kijken mij nieuwsgierig aan. Zal ik weer net doen alsof ik niets hoor? Ik aarzel. Een betoog over de open en gesloten lettergreep is een serieuze zaak. Dan klinkt er daverende dreun. So hee, roept mijn klas in koor. Ryan richt zich op. Hij moet plotseling erg nodig naar de wc. Ik slaak een diepe zucht en open de deur van mijn lokaal. Precies op tijd om Daan en Thomas, leerlingen uit lagere groepen, een sliding uit het toilet te zien maken. Ze belanden voor mijn voeten. Maken jullie die herrie, vraag ik verstoord. Haastig staan beide heren op en kijken mij schuldbewust aan. In het toilet staan echter nog meer kleine mannetjes. Kevin en Tim voeren op luide toon een gesprek met elkaar. Weet jij hoe laat het is, galmt het door de holle ruimte, ik wil namelijk ontzettend graag naar huis. Nee, antwoordt Kevin, maar het duurt vast nog erg lang! Wat doen jullie hier tegelijk, bries ik. Ik ben eruit gestuurd, antwoordt Kevin. Ik ook, antwoordt Tim. Er klopt iemand op mijn rug. Het is Daan. Ik ook, grinnikt hij. En jij, vraag ik aan Thomas. Ik moest heel erg nodig plassen, antwoordt hij schalks. Ja, ja, en daarom glijd je hier over de grond, stel ik narrig vast. Aan het begin van het schooljaar voeren mijn collega’s en ik allemaal onze eigen strijd met bepaalde jongetjes en een enkel bepaald meisje. Dit keer zijn deze knaapjes er toevallig op precies hetzelfde moment uitgeknikkerd en hebben ze zich verzameld op het toilet. In de deuropening van mijn lokaal heeft inmiddels mijn eigen exemplaar postgevat: Bart. Hij kijkt zijn evenknieën lachend aan. Is er wat gebeurd juf, vraagt hij overdreven gedienstig. Ik jaag de knaapjes naar verschillende hoeken van de gang. Wacht hier maar tot je er weer in mag! Ja, maar u bent helemaal mijn juf niet, piept Daan verongelijkt. Niks mee te maken, zeg ik op ferme toon. In de klas vervolg ik mijn inmiddels wat moeizame verhaal over de lettergrepen. Bart is echter op een idee gebracht door zijn bloedbroeders. Hij laat een klein fluitje horen. Als ik dat niet op wens te merken produceert hij een gilletje. Ik loop naar hem toe. Je hoopt zeker dat ik je eruit zet, zeg ik op vileine toon. Bart kijkt betrapt. Ik laat mijn mooiste grijnslach zien. Maar ik zet je er niet uit, vervolg ik, ik laat je gewoon nablijven. Voor elk fluitje vijf minuten en elk gilletje een kwartier. Lijkt je dat wat? Bart schudt lachend zijn hoofd. Je kunt het goedmaken door een kop koffie voor me te halen, besluit ik. Bart springt overeind. Op de gang loopt hij keurig langs de strafklanten heen. Tevreden loop ik naar mijn bureau. Vandaag heb ik de strijd afgewend. Morgen is natuurlijk een ander verhaal.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.