- blad nr 12
- 25-6-2011
- auteur R. Wisman
- Redactioneel
Doe maar een interimmer
1100 euro per dag, plus logies
De Christelijke Hogeschool Ede haalde van oktober 2008 tot november 2009 via het bureau Boer & Croon een interim-bestuurder in huis voor 1700 euro per dag. Is zo’n tarief een uitschieter in onderwijsland?
“Ja”, zegt Bernd Bonnier. Adviseur, interim-manager en betrokken bij de stichting KTMO (Kwaliteitsstandaard en Toezicht op tijdelijk Management in het Onderwijs). Bij de KTMO is een vijftal bureaus aangesloten om meer controle te kunnen uitoefenen op de interim-diensten bij scholen. Boer & Croon, een bureau in de hoogste tariefklasse dat vooral bestuurders levert, zit er overigens niet bij.
Wat zijn volgens Bonnier gangbare tarieven voor interim-managers? Hij somt op. Een schooldirecteur in het primair onderwijs: 850 tot 900 euro. Een rector in het voortgezet onderwijs: 1200 tot 1250 euro. En de zwaarste functies: zo'n 1300 tot 1400 euro. Vergoedingen dus die de school aan het interim-bureau betaalt. Per dag en exclusief btw.
“Dat zijn aardig concurrerende bedragen, want wij houden als bureaus elkaar natuurlijk wel in de gaten, dat we niet te veel gaan afwijken.” De verschillen zitten hem vooral in de marges, zegt hij. “Wel of geen kilometervergoeding, dat soort meer marginale zaken.”
Bij zelfstandige interimmers die via hun eigen netwerk opdrachten binnenhalen ligt het anders. Maar bij bureaus gaat het doorgaans zo: de interimmer onderhandelt over een dagtarief met dat bureau. Het bureau onderhandelt vervolgens over een dagprijs met het schoolbestuur of de raad van toezicht.
“In de gouden tijd zaten er marges van 25 à 30 procent op. Op dit moment ligt dat eerder op de 15 procent”, stelt Bonnier. Dat heeft te maken met de markt, zegt hij. “Het lukt soms wel, als je een heel goede hebt. En ik moet zeggen dat het hbo en mbo en ook wel het voortgezet onderwijs in het algemeen die prijzen wel betalen als ze weten dat ze er kwaliteit voor krijgen. Dan is die marge wel 20 tot 25 procent. Het primair onderwijs heeft nogal de neiging alles heel duur te vinden.” Is dat zo? “Ja, dat is heel opvallend. Voor bovenschools niveau betaalt men over het algemeen nog wel gemakkelijk, maar bij een directeur van een schooltje van een paar honderd leerlingen zijn dat natuurlijk ook enorme bedragen op het budget.”
Gemopper
In de gemeenteraad van Beverwijk werd de afgelopen maanden gemopperd over 7,5 ton aan interim-kosten die in voorgaande jaren bij een aantal basisscholen zijn gemaakt: 445.536 euro bij de Zeester en 297.024 bij het Kompas. De bedragen staan in een brief die de overkoepelende stichting Openbaar Primair Onderwijs IJmond met de begroting 2011 naar de raad heeft gestuurd.
Sinds 1 januari 2010 is Jan Postma algemeen directeur ad interim bij de stichting, een bestuur met zestien reguliere basisscholen en eentje voor speciaal onderwijs. Het bestuur kende hem nog vanuit zijn vorige functie als directeur-bestuurder van Drielanden Educatieve Dienstverlening. Hij begeleidde de stichting bij een aantal bestuurlijke trajecten op het gebied van huisvesting.
Zijn opdracht omvat onder meer de financiële huishouding op orde brengen, de personeelslasten verminderen en de communicatie verbeteren. Plus zorgen dat er op tijd een geschikte opvolger klaar staat. In het contract bij zijn start is ook vastgelegd dat de overeenkomst in principe voor een jaar zou zijn.
Postma is vier dagen per week in touw, van maandag tot en met donderdag. Hij staat op de loonlijst in dezelfde schaal als zijn voorganger, dus geen dagtarieven en btw. De werkgever betaalt mee aan de pensioenopbouw via het ABP. Dat hij voor vijf in plaats van vier dagen betaald krijgt, hangt volgens hem samen met de aard van interim-werk. "Dat is de up-side. Dat is ook niet gek, want ik had een aanstelling van maar een jaar. Ik ben 60, voor het geld hoef ik het niet zo te doen. Er wordt wel eens geroepen dat interim-managers klauwen met geld kosten. Soms is dat terecht.” Maar in zijn geval niet, redeneert hij: hij kost het bestuur immers niet meer dan de vorige directeur.
De keuze voor maximaal vier dagen bij een interim-opdracht is bewust, vertelt hij. “Ik heb altijd geroepen: je moet nooit vijf dagen als interimmer ergens werken. Dan word je te veel onderdeel van de organisatie, dan kun je niet meer zo van buiten naar binnen kijken.”
Crisis
De interim-manager die als buitenstaander de school binnenkomt. In het archetypische beeld is dat een man in pak, 50-plus (of fpu’er), voormalig directeur, rector of bestuurder. Het contract is parttime: twee, drie, hooguit vier dagen per week.
“Je komt heel erg vers binnen”, vertelt interimmer Hans Meijer. “De mensen die er zitten, kijken vaak een beetje met argusogen naar je. ‘Wat gaat er nu gebeuren?’ Of: ‘Daar heb je er weer één’. Langs natuurlijke weg moet je dat zien te overwinnen, zonder mensen te beschadigen.” Meijer heeft overigens een wat atypisch cv. Zijn loopbaan begon hij als KMA-officier, hij zat elf jaar in het leger als registercontroller.
Wanneer de interim-manager verschijnt, is er meestal al heel wat gedoe geweest. Financiële problemen, bestuurlijke crisis, gespannen verhoudingen. Management dat ziek thuis zit, medewerkers die elkaar de school uit vechten. Niemand bestrijdt dat de sleutel soms in handen ligt bij iemand die buiten de organisatie staat. Juist een buitenstaander kan dan de crisis het hoofd bieden, de problemen nuchter ontleden en de betrokkenen uit hun loopgraven krijgen.
Schoolbesturen betalen de interim-diensten uit de algemene zak met overheidsbijdrage, de lumpsum. Net als de rest van de personeelslasten. Met het inhuren van interim-management of extern advies houdt de minister in de standaardbekostiging geen rekening. Belangrijke vraag blijft dus elke keer: hoeveel onderwijsgeld heeft een schoolbestuur ervoor over? Gangbare commerciële interim-tarieven komen uit op het twee- tot drievoudige van de reguliere loonkosten bij een vergelijkbare cao-schaal in vaste dienst. Daar staat wel tegenover dat het bestuur zonder wachtgeldverplichtingen af kan van een interimmer.
Van 1 maart tot 1 oktober 2009 was Meijer vier dagen per week interim-bestuurslid bij roc ID College. Volgens het jaarverslag kostte dat het roc 159 duizend euro. Welke dagvergoeding er was afgesproken houdt hij liever voor zich.
“Het zijn allemaal productieve dagen. Er zit geen verlof bij of risico voor ziektekosten. Maar het is altijd meer dan wanneer je iemand in vaste dienst hebt, dat is duidelijk”, aldus Meijer.
Bonnier: “Je betaalt wel veel geld voor iemand, maar die doet in twee of drie dagen het werk van een fulltimer.” Werkt die interimmer dan twee keer zo hard? “Een interimmer stelt prioriteiten. En hij gaat niet naar studiedagen of externe netwerkbijeenkomsten.”
Teller
Zelf vinden interimmers ook dat er een natuurlijke grens is aan de duur van een klus. Negen maanden, zegt de één. Eén tot anderhalf jaar, meent de ander. “Als je ergens te lang zit, word je te veel onderdeel van de organisatie”, zegt Meijer. Daarom vindt hij in principe een jaar de maximale termijn. Tenzij de opdracht wijzigt.
Ruim een jaar voordat hij begon als interim-bestuurder bij het ID College, had het roc Meijer al via het bureau Resources Global Professionals aangetrokken. Als interim-controller. Toen er in het college van bestuur plotseling een vacature vervuld moest worden, schoof hij met instemming van de raad van toezicht op tot er een nieuwe bestuurder was geworven. Met financiën in zijn portefeuille “een natuurlijke overgang”, aldus Meijer. “Schuif je door naar een andere functie, dan begint de teller opnieuw te lopen. Tenminste, zo kijk ik er tegenaan.”
Covoa, een voormalig Doetinchems bestuur voor voortgezet onderwijs, kreeg in de loop van 2004 een interim-bestuursmanager. Guus van Oers moest na een crisis onder andere zorgen voor een gedegen bestuursmodel voor de scholen. Eind vorig jaar nam hij afscheid, toen Covoa samen met de Orchidee Scholengroep fuseerde tot Achterhoek VO.
In een schriftelijke reactie licht voorzitter Flip Juch van de raad van toezicht toe waarom de manager steeds weer gevraagd werd aan te blijven.
Na de eerste twee jaar had het toenmalige bestuur, onder leiding van dezelfde Juch, de blik gericht op een mogelijke ‘bestuurlijke schaalvergroting’. Met een interimmer zou het bestuur bij een eventuele fusie zijn gevrijwaard van afvloeiingskosten. Die ‘verkenning’ liep op niets uit. In 2007 voerde Covoa het college van bestuur-model in. Juch werd voorzitter van de raad van toezicht, Van Oers voorzitter van het éénhoofdige college van bestuur. Opnieuw kreeg de interimmer met het oog op een potentiële fusie het verzoek zijn contract tijdelijk te verlengen. De fusie kwam er uiteindelijk, per 1 januari dit jaar.
Afgesproken was een dagvergoeding van 1100 euro, exclusief btw. Volgens zijn functiecontract zou Van Oers zo veel uren maken als zijn werk vereiste, ingeschat op circa drie werkdagen van acht uur per week. Naast het dagtarief kreeg de manager een vaste vergoeding voor onder andere hotelovernachtingen. Volgens Juch was dat redelijk vanwege de afstand tot de woonplaats in Noord-Holland.
In 2010 kwam Van Oers alsnog in dienst. Het nieuwste jaarverslag vermeldt de specificaties van de bezoldiging over dat jaar. Onkostenvergoeding (logies): 21.250 euro. Zorgtoeslag: 2340 euro. Reiskosten: 2428 euro. Opgeteld bruto jaarsalaris: 158.017 euro.
De bestuurder is in dienst genomen vanwege fiscale redenen, aldus het jaarverslag. ‘In overleg met en op advies van de Belastingdienst’, verduidelijkt Juch. De accountant van Covoa signaleerde eind 2009 namelijk dat met de contractverlengingen ‘een situatie was ontstaan die fiscaal zou kunnen worden aangemerkt als een waarbij sprake is van een reguliere arbeidsovereenkomst. Deze situatie zou mogelijk kunnen leiden tot een extra fiscale claim voor de organisatie.’
{KADER 1}
Even klankborden
Bij bureaus onderhoudt meestal een zogeheten schaduwmanager contact met de uitgezonden interimmer. Dat is iemand die beschikbaar is voor advies en die met zowel de interim-manager als de opdrachtgever de voortgang bespreekt. “Schaduwmanagement is bij ons een zeer serieuze zaak”, zegt Bernd Bonnier van de KTMO, de kwaliteitsstandaard voor interim-managers in het onderwijs. “Niet een keertje bellen of er nog problemen zijn. Nee, structureel overleg elke twee, drie, soms vier weken met de opdrachtgever en de interimmer die je inzet.”
Bonnier ziet meer voordelen van interim-bureaus ten opzichte van zelfstandige interimmers. Bureaus hebben genoeg namen in de rolodex om bij een opdracht verschillende kandidaten voor te dragen. “Niet iedereen is geschikt voor elke opdracht”, verklaart Bonnier. “Er lopen heel goede individuele interimmers rond, maar wij hebben liever dat ze zich toch bij een bureau aansluiten.”
Interimmer Jan Postma, niet gelieerd aan een bureau: “Voor het onderwijs worden die grote bureaus met hun marges en schaduwmanagers op een gegeven moment gewoon te duur. Ik merk dat besturen steeds kritischer worden rond het inhuren van interim-managers.” De gedachte achter schaduwmanagement vindt hij prima, maar het moet geen dogma worden. “Ik denk soms ook: nu moet ik even klankborden. Dat zoek ik dan zelf op, bijvoorbeeld bij collega's in de regio.”
{KADER 2}
Voorbeelden interim-kosten
Christelijke Hogeschool Ede (hbo): 422.175 euro, interim-bestuurder, 8 oktober 2008 tot 20 november 2009 (bron: jaarverslag 2008, 2009).
Roc ID College (mbo): 159.000 euro, interim-bestuurder, 1 maart tot 1 oktober 2009 (bron: jaarverslag 2009).
Roc van Amsterdam (mbo): 264.000 euro, interim-bestuurder, november 2008 tot 1 september 2009 (bron: jaarverslag 2008, 2009).
Driestar Educatief (hbo): 113.578 euro, interim-bestuurder, 18 augustus 2009 tot 1 maart 2010 (bron: jaarverslag 2009, 2010).
OPO IJmond, de Zeester (po): 445.536 euro, sinds 2003 voor totale periode van anderhalf jaar (bron: gemeenteraadsstukken 2011).
OPO IJmond, het Kompas (po): 297.024 euro, voor periode van één jaar (bron: gemeenteraadsstukken 2011).
Piter Jelles (vo): 326.525 euro (exclusief btw en reis/verblijfkosten), 18 augustus 2008 tot 1 augustus 2009 (bron: jaarrekening 2008, 2009).