- blad nr 11
- 11-6-2011
- auteur R. Sikkes
- Commentaar
Het niveau en de nullijn
Het niveau kan hoger, zo blijkt uit het tweede deel van de enquête De lat kan hoger die we in dit nummer publiceren. De meeste voorstellen vallen in goede aarde, voor extra aandacht voor hoogbegaafden is zelfs erg veel steun. Bij gebrek aan aandacht in de afgelopen jaren zien we nu voor die groep een nieuw soort speciaal onderwijs ontstaan, de Leonardo-scholen. In plaats van zo een kleine groep te helpen met extreem dure voorzieningen, stelde de AOb in het manifest Toponderwijs.NU voor om alle leerlingen die dat aankunnen met een hoger referentieniveau uit te dagen. Dat plan zien we helaas niet terug in alle voorstellen van de minister.
De actieplannen stellen een reeks van maatregelen voor zonder de kern te raken: de leraar. Investeer in docenten, zei de Oeso bij de presentatie van de Pisa-cijfers. Maar passend bij de wensen van het kabinet zegt het CPB braaf dat je met meer geld geen betere leraren krijgt. Een verrassende conclusie voor economen. Want onderwijs moet op de arbeidsmarkt concurreren met andere beroepen. Door de nullijn zet het kabinet het onderwijs op achterstand nu de salarissen in de markt allang weer stijgen. Het kabinet vertelt jongeren daarmee: zodra het even tegenzit, snijden wij in uw salaris. Terwijl het kabinet aan de ene kant het niveau omhoog wil jagen, jaagt het met de nullijn mensen weer weg.