• blad nr 10
  • 28-5-2011
  • auteur R. Sikkes 
  • Redactioneel

 

Onderwijspersoneel wijst prestatiebeloning af

Het idee van prestatiebeloning valt volkomen verkeerd in het onderwijs: zeven van de tien mensen wijzen prestatiebeloning resoluut af. In plaats daarvan kunnen scholen beter slecht functionerende leraren ontslaan, vindt tweederde. Dat blijkt uit een enquête onder bijna 3900 AOb-leden.

Het kabinet wil enthousiast prestatiebeloning invoeren in het onderwijs, maar het onderwijspersoneel voelt daar helemaal niets voor. ‘Het leidt tot een soort McDonald’s medewerker van de week, afgunst en demotivatie’, vindt de een leraar in de AOb-panelenquête. In de open vragen over prestatiebeloning wordt het meest genoemd dat het idee onuitvoerbaar is, zoals een leerkracht basisonderwijs signaleert aan de hand van zijn eigen ervaringen. ‘Vorig jaar had ik bijvoorbeeld een groep met ongeveer 80 procent aan leerlingen waarbij sprake was van taalachterstanden, sociaal-emotionele problemen enz. Dit jaar is dat niet het geval. Nu liggen mijn resultaten gemiddeld 175 procent hoger. Dit zou betekenen dat ik vorig jaar ontslagen had moeten worden en dit jaar een zeer grote bonus moet krijgen. Dit is scheef.’

Vriendjespolitiek
De vrees voor vriendjespolitiek of oneerlijke beoordeling is een ander veelgenoemd bezwaar. ‘Degene met de grootste mond heeft de meeste kans op beloning en de goede maar bescheiden docent krijgt geen waardering’, vindt de ene docent. Een andere stelt: ‘Op dit moment krijgen de lievelingetjes van de directie de bonussen of een hogere salarisschaal.’ Het pakt volgens de overgrote meerderheid in elk geval desastreus uit. ‘Prestatiebeloning is de doodsteek voor de teamgeest, solidariteit en teamvorming, het is onmeetbaar en zal elleboogwerk tot de norm maken.’
Prestatiebeloning is bovendien overbodig, vindt een leraar, want ‘een schouderklopje doet al wonderen’. Tegenstanders vinden het ook ongepast naast de bezuinigen op bijvoorbeeld passend onderwijs. ‘Belachelijk dat hiervoor geld wordt vrijgemaakt als op andere posten wordt bezuinigd.’
Er zijn ook AOb’ers die vinden dat de onderwijssector niet moet zeuren. ‘Bij het uitvoeren van welk vak dan ook is het mogelijk objectief te meten wat de effectiviteit van de geleverde arbeidsprestatie is. In het onderwijs is dit niet anders en dus moeten we streven naar een zo goed mogelijke gezamenlijke prestatie. Daarbinnen is het wat mij betreft gewoon mogelijk excellentie extra te belonen. Daarnaast moet slecht functionerende professionals de kans geboden worden zich te verbeteren of eventueel (met begeleiding!) gedwongen worden naar ander werk uit te zien.’
Maar de voorstanders zijn zwaar in de minderheid. Alle varianten van prestatiebeloning worden door een overgrote meerderheid afgewezen, al verschilt het welk model wordt gekozen. De hardste variant - een bonus op basis van de leerwinst in één jaar - wordt het negatiefst beoordeeld, driekwart is daar tegen. Dat geldt ook voor andere vormen van individuele beloningen, zoals het voorstel van de Onderwijsraad om de 5 procent meest excellente docenten extra te belonen.

Jongeren
Teambeloning wordt iets positiever beoordeeld, vooral als dat gebeurt op basis van de bereikte leerwinst over meerdere jaren. Met name in het basisonderwijs voelt men wel iets voor teambeloning (32 procent) in andere sectoren schommelt dat rond de 20 procent. Nog iets positiever valt het oordeel uit over de aanpak die de AOb de meest wenselijke lijkt, namelijk goede docenten binnen het huidige salarissysteem belonen met een extra periodiek of doorstroom naar een hogere salarisschaal. Die werkwijze - allang mogelijk binnen de huidige cao - stuit 44 procent tegen de borst, maar 36 procent ziet er wel wat in.
Jongeren zijn iets positiever over het idee van prestatiebeloning. Bij de groep onder de 25 jaar vindt 17 procent het wel een goed idee, maar in de groep van 25 tot 35 jaar neemt dat al weer af tot 13 procent. Verder zijn er opvallend weinig afwijkingen tussen de generaties als het gaat over excellente of matig functionerende leraren.
Als er een bonus komt, vindt een derde dat ze er zelf voor in aanmerkingen zouden komen. Kijkend naar de collega’s denken zij dat een kwart inderdaad excellent presteert. In het debat over prestatiebeloning wordt vaak gezegd dat ‘iedereen een goede leraar herkent’, maar daar blijkt in de enquête toch weinig van. Volgens ongeveer een kwart bestaat er consensus in het team over wie een goede leraar is, een kwart zegt dat dat zeker niet het geval is en de helft meldt dat ze geen idee hebben of alle collega’s dezelfde excellente docenten voor ogen hebben. Op dit moment krijgen de goede docenten meestal niets extra’s (51 procent), terwijl 8 procent sneller doorstroomt naar een hogere schaal. Bonussen of boekenbonnen komen nauwelijks voor.

Superman
In de Verenigde Staten is na de mode van prestatiebeloning nu een debat losgebarsten over slecht presterende docenten. In de documentaire Waiting for ‘Superman’ over het falende Amerikaanse onderwijssysteem werd het onderwerp hard neergezet: groepen ongemotiveerde docenten die maar wat zouden aanmodderen. Er volgde een fel debat, wat de gerenommeerde onderwijseconoom Eric Hanushek ertoe bracht om wat te gaan rekenen. Hij maakt duidelijk op grond van toetsuitslagen in zijn onderzoek The Economic Value of High Teacher Quality dat de kwaliteit van de leraar ertoe doet. Een goed presterende leraar weet een groep achtergestelde leerlingen in één jaar anderhalf jaar lesstof bij te brengen. Zijn zwak presterende collega komt maar tot de helft van het programma. De experimenten met prestatiebeloning beloven succes, maar overtuigend bewijs daarvan ontbreekt. Bovendien is het volgens Hanushek effectiever om slecht presterende docenten te ontslaan en te vervangen door betere docenten.
Om het leraar-worden aantrekkelijk te houden, moeten de overgebleven docenten wel iets beter betaald worden. Uiteindelijk zouden daardoor de kwaliteit van het lerarenbestand en de leerprestaties van leerlingen flink verbeteren.
Naar die variant heeft de AOb-panelenquête daarom ook gevraagd. Opvallend is dat driekwart van de ondervraagden de stelling onderschrijft dat het beter is slechte docenten te ontslaan dan bonussen uit te delen aan de besten. Er zijn overigens veel minder slechte dan excellente docenten, is de ervaring van de ondervraagden. Gemiddeld vinden zij dat 15 procent onder de maat presteert.
Wanneer zich dat voordoet, zijn er allerlei mogelijkheden om daar verbetering in te brengen. Functioneringsgesprekken, dossieropbouw, beoordelingsgesprekken, intervisie, bijscholing, coaching, overplaatsing - het komt allemaal in meerdere of mindere mate voor. Treurig is wel dat op één van de vijf scholen bij tegenvallende prestaties geen functioneringsgesprekken worden gevoerd. Na al die reparatiemogelijkheden kan een docent blijvend slecht functioneren. En wat gebeurt er dan? Eigenlijk vrij weinig: maar liefst 46 procent van de ondervraagden zegt dat niet goed functionerende leraren worden gedoogd door de directie. Slechts 13 procent wordt ontslagen. Een meerderheid van de ondervraagden vindt dat een onjuiste aanpak; 60 procent zegt daarom het beleid van de directie slecht of zeer slecht te vinden.

Mythe
AOb-voorzitter Walter Dresscher herkent de problematiek. “Het is een mythe dat slecht functionerende leraren niet ontslagen kunnen worden, maar als je dat wilt doen als werkgever moet je dat wel goed kunnen onderbouwen. Het oplossen van problemen met een slecht functionerende collega is namelijk duidelijk een verantwoordelijkheid van de directie. Helaas zien wij te vaak dat het personeelsbeleid van schoolbesturen nog niet echt goed op orde is. Er zijn te weinig functioneringsgesprekken of er wordt te weinig gedaan om iemands functioneren te verbeteren. Onze juristen merken regelmatig dat als een leraar ontslagen wordt, dat op basis van onvoldoende feiten gebeurt en de directie een collega maar wat heeft laten zwemmen.”

[grafiekjes]

Wat is uw oordeel over prestatiebeloning op basis van gemeten leerwinst?

Zeer slecht/slecht 71%
Neutraal 19%
Goed/zeer goed 10%


Voor de kwaliteit van het onderwijs is het beter om slecht functionerende docenten te ontslaan dan prestatiebeloning in te voeren.

Zeer mee oneens/oneens 11%
Neutraal 16%
Eens/zeer mee eens 73%


{streamers?}
Welk percentage van de leraren binnen uw school presteert naar uw mening onder de maat?
15%

Welk percentage van de leraren binnen uw school presteert naar uw mening excellent?
25%

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.