• blad nr 9
  • 14-5-2011
  • auteur T. van Haperen 
  • Column

 

Politisering van het eindexamen

Het inspectierapport van 2009/2010 constateert een terugval in examenresultaten. Na publicatie kopt NRC Handelsblad dramatisch: ‘Voortgezet onderwijs in gevarenzone’. En ja, dat beeld lijkt te kloppen, het falen is immers al vaker geconstateerd. Maar dan lees ik verder, zie in het inspectierapport dat alleen de basisvakken Engels, Nederlands en wiskunde het slecht doen, de rest gaat eigenlijk best lekker.
En dat geloof ik dus niet. Want hoe kunnen leerlingen landelijk en massaal in de basisvakken onderpresteren, terwijl ze die gebrekkig ontwikkelde basisvaardigheid bij andere vakken efficiënt inzetten? Ik bedoel, uitvallen op tekst verklaren bij Nederlands en Engels en bij Frans en Duits prima scoren, dat is als de zondagsrijder die met zijn Fiat Panda voortdurend brokken maakt, maar een vrachtwagen probleemloos file parkeert. Incidenteel komt dit misschien voor, gemiddeld niet. En dan denk ik, hier zit iets achter. Want het accent op basisvakken is nieuw beleid. Precies daar zit ook de strengheid van de nieuwe examennorm, die gaat toevallig het volgend jaar in. Is dat even handig. Want die norm prikkelt tot harder werken in die basisvakken. En dat is nodig, kijk maar naar het inspectierapport. Tjee, wat is deze minister toch goed bezig.
Maar dat valt nog te bezien. Want het inspectierapport baseert zich op de eindcijfers van het centraal schriftelijk examen, vastgesteld door het College voor Examens (CvE). Na een eerste en tweede correctie kiest het CvE een N-term. Bij een normale score, zonder aanpassing vanuit het CvE, is die N-term gelijk aan 1; de leerling die alles goed heeft, verdient daarmee 9 punten, krijgt 1 punt van de N-term en dat maakt samen 10. Maar zo gaat het niet altijd. Neem mijn vak, economie. Op het vwo is de N-term de laatste twee jaar 2. Voor de gemiddelde leerling betekent dat 1 punt extra. Gratis en voor niks. Maar dan kijk ik bij vwo Nederlands. Daar ligt de N-term in diezelfde periode op 0. En dat wil zeggen dat het CvE de gemiddelde leerling 1 punt afpakt. Kortom, als het CvE zich neutraal opstelt en consequent de N-term één hanteert, is er helemaal geen teruggang bij het basisvak Nederlands en heeft economie misschien een probleem.
Vanaf die bevinding heb ik één fundamentele vraag, is er sprake van politieke sturing van het examenresultaat? Want de top van het CvE, de inspectie en het ministerie, dat is de onderwijselite, die kent elkaar feesten, partijen en vergaderingen. Manipuleren van de scores in de basisvakken, daar een nummer van maken in de media, urgentie orkestreren, het is een klein kunstje. Die rare CvE biedt immers gelegenheid, sjoemelen met die N-term is zoooooo makkelijk. Is dat misschien gebeurd? Het formele antwoord is vast ontkennend. Procedures zijn nu eenmaal altijd zorgvuldig. Liegen met statistieken? Kom op, niet hier. Maar toch, vanaf het moment dat examenresultaten politiek zijn, ligt het voor de hand dat de politiek de resultaten beïnvloedt. En denk even mee aan de jong volwassene, die zo een jaar van zijn studieleven inlevert. Inderdaad, best lullig.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.