- blad nr 8
- 23-4-2011
- auteur R. Sikkes
- Redactioneel
Onderwijskwaliteit lijdt onder lerarentekort
De inspectie waarschuwt de scholen voor de gevolgen van krimp in de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Zeeland en Limburg. Door de terugloop van leerlingen worden scholen te klein om kwaliteit te bieden. Nu al zitten onder de zeer zwakke scholen veel kleine scholen. Het aantal scholen met minder dan vijftig leerlingen steeg in één jaar van 180 naar 201. Leraren vinden het vaak moeilijk om drie klassen te combineren, wat op zulke scholen gebruik is. Door bestuurlijke samenwerking zouden de kleine scholen hun kwaliteit beter overeind kunnen houden.
Het basisonderwijs presteert beter dan voorheen. Er wordt meer opbrengstgericht gewerkt. Het aantal zeer zwakke scholen daalde van 96 naar 69. De Cito-score ging van 535,1 naar 535,4. Ook gingen de taal- en rekenprestaties in groep vier omhoog.
In het voortgezet onderwijs ziet de inspectie juist een prestatiedaling. Voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde daalden de gemiddelde cijfers van het centraal schriftelijk eindexamen. Overigens verscherpen nu al havo- en vwo-scholen – onder druk van de strengere exameneisen – de selectie in de onderbouw. Sommige scholen plussen hun examenresultaten op door hoge schoolexamencijfers te geven. Dat doet zich vooral voor bij het particulier voortgezet onderwijs en het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo).
Kritisch zijn de inspecteurs over de schoolbesturen. Die besteden te weinig tijd aan de onderwijskwaliteit. Bij vrijwel alle zwakke en zeer zwakke scholen schiet het bestuur tekort.