- blad nr 8
- 23-4-2011
- auteur A. Kersten
- Redactioneel
Ja, ik ben van mening veranderd
Hoe kijkt u aan tegen het uitstel van de bezuinigingen op passend onderwijs die minister Marja van Bijsterveldt bekendmaakte, terwijl onder andere uw fractie een dag eerder moties met een dergelijke strekking wegstemde?
“Ik ben ontzettend gelukkig met die temporisering. Ik heb op werkbezoeken gezien dat veel mensen niet zozeer problemen hebben met het bedrag van 300 miljoen dat wordt bezuinigd, maar vooral met de vaart waarmee het ging. Dat we tegen de moties hebben gestemd, was omdat we op dat moment nog op zoek waren naar een dekking. Het zal geen geheim zijn dat onze fractie daar achter de schermen met de minister over heeft meegedacht.”
Uw fractie heeft tijdens voorgaande debatten altijd betoogd dat de bezuinigingen op passend onderwijs haalbaar en noodzakelijk zijn, ook met de vaart die de minister aanvankelijk voorstond. Bent u daarin dan van mening veranderd?
“Ja, ik ben van mening veranderd. Dat komt door wat ik tijdens mijn werkbezoeken heb gezien. Op een werkbezoek in Tilburg heb ik pas nog met alle betrokkenen gesproken. Die zeiden ook: Je kunt het stelsel beter en efficiënter organiseren, maar dat lukt niet binnen één jaar. En we hebben natuurlijk ook een CDA-partijcongres gehad waarin een meerderheid van de leden een signaal heeft afgegeven. Daar luister ik ook naar.”
Uw fractie heeft steeds vastgehouden aan het regeerakkoord. Was dat akkoord op dit punt dan toch niet zo goed doordacht?
“Nou, het was goed doordacht wat het bedrag van 300 miljoen betreft. Maar het punt is de vaart waarmee. Dat was toch teveel gevraagd.”
Het politieke dossier passend onderwijs wekt een op z'n minst rommelige indruk. Stug vasthouden aan een snelle start, het CDA-congres wil de bezuinigingen verzachten, moties die ‘temporisering’ bepleiten sneuvelen, een dag later komt de minister met een besluit in die richting. En intussen waren de brieven aan de scholen over de bezuinigingen voor komend jaar al de deur uit. Wat moet het onderwijs hiervan denken?
“Ik hoop dat het onderwijs in ieder geval ziet dat de politiek oog heeft voor de realiteit. Dat ik oppak wat mensen mij in vele toonaarden hebben laten horen en dat ik mijn visie en positie daardoor verander. Ja, het maakt misschien een rommelige indruk. Het leven is rommelig. Als je wilt dat dingen goed gaan, moet je openstaan voor voortschrijdend inzicht en bereid zijn om te erkennen dat je het op bepaalde punten niet goed gezien hebt. En daar het beleid op bijstellen. En als het dan weer te rommelig is, dan denk ik: We doen het ook nooit goed.”
Het uitstel gaat onder andere ten koste van het budget voor prestatiebeloning voor leraren, iets waar u zo enthousiast over was.
“Nou, dat was vooral mijn collega van de VVD.”
Het CDA toch ook?
“Kijk, het is een kwestie die opgenomen staat in het regeerakkoord. Ik heb ervaren dat prestatiebeloning niet iets is waar het onderwijs erg op zit te wachten. En dat is voor mij natuurlijk ook een belangrijk signaal dat ik oppak. Ik heb gezien dat met name docenten in het zorgonderwijs zich al meer dan honderd procent inzetten. Mensen in het onderwijs zeggen: Wij hebben liever dat die ombuigingen in het passend onderwijs zorgvuldig gebeuren.”
Er is nu een jaar extra tot de eerste bezuiniging. Wilt u die tijd ook benutten om de effecten van de bezuinigingen op het onderwijs te onderzoeken?
“Ik zal zeker in gesprek blijven met de raden, maar ook met de mensen in het veld en werkbezoeken blijven afleggen. Ik vind het ook belangrijk dat men niet denkt ‘van uitstel komt afstel’, want dat is absoluut niet aan de orde. Wij houden vast aan die 300 miljoen.”
U sluit nu al uit dat u het komende jaar toch tot de conclusie zou kunnen komen dat 300 miljoen teveel gevraagd is? Misschien krijgt u wel opnieuw voortschrijdend inzicht.
“Nou, dan had ik dat inzicht al echt wel gehad. Nee, ik hoor van heel veel mensen dat het bedrag van 300 miljoen niet het grote probleem is, maar de vaart waarmee het zou gaan. Daarom houd ik daar gewoon aan vast.”
Wij horen juist andere geluiden over die 300 miljoen. Wie spreekt u dan?
“Heel veel mensen, uit het onderwijs zelf maar ook ouders. Er moet echt iets gebeuren, het stelsel voor zorgleerlingen kan zo echt niet door. Ik sprak laatst twee moeders van zorgkinderen. Die zeiden tegen mij: Er kan nog veel meer uit dan 300 miljoen.”