• blad nr 1
  • 15-1-2011
  • auteur . Lachesis 
  • Column

 

Grijs gebied

Ik maak me zorgen over Madeleine, zegt de schoolverpleegkundige in de verwachting dat we het snel eens zullen worden over deze leerling. Die verwachting is niet onlogisch. Tot nu toe komen al onze bevindingen overeen. De opmerking over Madeleine verbaast me echter. Ik vind haar nogal brutaal, vervolgt de schoolverpleegkundige, Madeleine sprak op uitdagende toon tegen me en ze ging op kleinerende wijze met haar moeder om. Herken je dat? Ik schud mijn hoofd. Ik ken Madeleine als een beleefd, verlegen kind. Verlegen kinderen hebben soms de neiging om zich in ongewone situaties ongewoon te gedragen. Ik denk dat ze zichzelf niet was, vat ik mijn verweer samen. De schoolverpleegkundige knikt, maar lijkt niet erg overtuigd. Diezelfde dag heb ik toevallig een gesprek met de moeder van Madeleine. Ook het bezoek aan de schoolverpleegkundige komt ter sprake. Ik ben toch zo trots op haar, glimt moeder, het is zo’n zelfstandig leuk kind. Als ik zie hoe ze met zo’n schoolverpleegkundige praat dan vind ik dat ik toch iets goed gedaan heb in mijn leven. Ik zwijg verward. Eén gebeurtenis, één meisje, drie meningen.
Tim is heel vaak ziek. Hij heeft het aan zijn luchtwegen. Ik schat dat hij er de helft van de tijd niet is. Een kwaal aan je luchtwegen is een lastige kwaal. Je ziet er meestal niet ziek uit. Je loopt niet met krukken of een verband om je hoofd. Op dagen dat hij er wel is ziet hij er soms asgrauw uit. Toch ben ik regelmatig in dubio als hij ziek gemeld wordt: is hij echt zo ziek dat het al dit verzuim rechtvaardigt of wordt hij misschien teveel beschermd door zijn ouders. Een kind, een kwaal, twee mogelijke verklaringen.
Nou gaat het bij het voorafgaande nog om relatief onbelangrijke kwesties. Dat geldt niet voor het volgende verhaal. Twintig jaar geleden kwam ik er bij toeval achter dat er een ex-leerling van mij uit huis geplaatst werd omdat ze thuis ernstig mishandeld werd. Uit gesprekken met deze ex-leerling bleek dat deze mishandeling ook al tijdens haar basisschooltijd had plaatsgevonden. Ik had niets gehoord, niets gezien, hooguit iets vermoed destijds. Haar vader was een bullebak. Een vervelende schreeuwlelijk die het hele lokaal van een collega verbouwde toen deze het had gewaagd voor te stellen om zijn zoon te laten testen. Maar je kunt met vermoedens niet zomaar bij allerlei instanties aan de bel trekken. Daar kwam bij dat er allang instanties waren die zich met dit gezin bezig hielden. Je kunt nog zoveel protocollen opstellen en registratiesystemen opzetten, je zult het toch eerst onderling eens moeten worden of het wel waar is wat je denkt te zien. Je zult het zelfs eerst met jezelf eens moeten worden of het juist is wat je ziet. Stel, ik grijp in en ik blijk het niet bij het rechte eind te hebben. Stel, ik doe niets en het blijkt achteraf dat er van alles aan de hand was met die leerling? Het hele grijsgebied van meningen en vermoedens is een mijnenveld waar geen leerkracht ongeschonden doorheen komt. Vroeg of laat kom je erachter dat je ernaast zat, dat je iets hebt nagelaten of dat je als een olifant door een porseleinkast bent gedenderd. Je kunt nooit zeker weten of je juist gehandeld hebt.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.