- blad nr 1
- 15-1-2011
- auteur R. Sikkes
- Presteren en belonen
Uitslag enquête Toponderwijs.nu
Weinig vertrouwen in onderwijsbeleid kabinet-Rutte
Op het eerste gezicht is het regeerakkoord erg onderwijsvriendelijk: tegenover onderwijsbezuinigingen staan ook investeringen. Voor het gemak is alleen de nullijn voor de onderwijssalarissen daarin niet meegeteld en juist die maatregel (-300 miljoen euro) kan rekenen op massale veroordeling van de ruim drieduizend geënquêteerden. Acht van de tien keurt de nullijn af.
De enorme bezuinigingen van nog eens 300 miljoen euro op passend onderwijs kan bij 70 procent op geen enkele steun rekenen. De helft ziet niets in het schrappen van de bekostiging van dertigplussers in het mbo. Dat levert het kabinet 170 miljoen op, maar pakt desastreus uit bij grote groepen mensen die op latere leeftijd bij- en opgeschoold worden. In het mbo zelf vindt 75 procent dat de maatregel echt niet door de beugel kan.
Opvallend is dat het invoeren van twee profielen in havo en vwo vrij mild wordt beoordeeld. In het voortgezet onderwijs zelf is ongeveer een derde tegen, een derde neutraal en een derde voor. Dat alles ondanks een bezuiniging van 50 miljoen die daar ook aan verbonden is.
Geen enkel probleem zien de ondervraagden in het bezuinigen op adviesraden en andere bureaucratie. Gematigder wordt er gedacht over kortingen op de ov-jaarkaart of een ander beurzenstelsel. Maar het verhogen van het collegegeld voor langstudeerders valt weer slecht en wordt door de helft afgewezen.
Volgens de meeste ondervraagde AOb’ers kan in elk geval één investeringsmaatregel van het kabinet-Rutte meteen weer worden geschrapt: de plannen voor prestatiebeloning. Het kabinet trekt daar 250 miljoen euro voor uit, maar kan dat volgens ruim de helft gewoon laten. Een kwart is voor, een ander kwart neutraal.
Plannen om nascholing te versterken en de opleidingen te verbeteren kan wel rekenen op massale steun. Daar is 80 procent voor. Het intensiveren van het mbo-onderwijs in het eerste jaar is ook populair, net als het invoeren van referentieniveaus voor taal en rekenen.
Crisis
Volgens bijna de helft moet het kabinet investeren in onderwijs. Het beste medicijn tegen crisiskoorts is onderwijs, vond 48 procent. Ongeveer 9 procent vond dat onderwijs nu eenmaal mee moest delen in de ellende of zag geen andere mogelijkheid.
Maar het is echt crisis, zo hielden de enquêteurs het onderwijspersoneel voor. Nadat de ondervraagden hun afkeuring voor bezuinigingsmaatregelen en goedkeuring voor investeringsplannen hadden bepaald, kregen zij te zien hoeveel meer zij zouden willen uitgeven aan onderwijs dan er op de begroting staat. Dat ging in de meeste gevallen om een miljard euro of meer. Waar moet dat in deze krappe tijden, terwijl er elders fors gesneden wordt, vandaan komen?
We vroegen de AOb’ers een beetje mee te regeren. Daar zaten een aantal voorspelbare uitkomsten in. Er moet niet worden bezuinigd op de zorg, absoluut niet. Ook niet op de sociale zekerheid. En onderwijsmensen zijn zuinig: het vergroten van het nationale schuld kreeg een minimale aanhang. Er was een klein groepje van overheidsuitgaven waar iets meer enthousiasme voor was om te schrappen. Minder geld steken in asfalt (13 procent), minder ontwikkelingssamenwerking (13 procent) en de aow alsnog naar 67 jaar (16 procent).
Echt populair waren drie andere maatregelen. Korten op defensie doet het al jaren goed. In de open vragen werd het schrappen van de JSF-straaljagers vaak expliciet genoemd. Maar het meeste heil ziet het onderwijspersoneel in het verhogen van de belastingen van de hogere inkomens (48 procent) of het beperken van de hypotheekrenteaftrek (50 procent).
Opvallend was dat bij andere mogelijkheden het beperken van de onderwijsbureaucratie, de topsalarissen en bonussen voor onderwijsbestuurders of het schrappen in managementlagen op scholen erg populair waren om de gaten van de rijksbegroting te dichten. Een ondervraagde pleit bijvoorbeeld voor ‘boetes voor onderwijsinstellingen waar bestuurders meer verdienen dan de Balkenende-norm’ en een ander signaleert dat ‘er nog steeds meer managementlagen worden ingevoerd in het hbo terwijl docententekort heerst’.
{grafic 1, met tekst eronder}
Bezuinigingen regeerakkoord massaal afgewezen
Top drie slechtste onderwijsbezuinigingen Rutte
1. Nullijn 79% -300 miljoen
2. Passend onderwijs 70% -300 miljoen
3. Schrappen 30+ mbo 50% -170 miljoen
Top drie beste onderwijsinvesteringen Rutte
1. Meer nascholing 81% +150 miljoen
2. Meer lesuren eerste jaar mbo 69% +150 miljoen
3. Referentieniveaus 64% +20 miljoen
Waar moet extra onderwijsgeld vandaan komen?
1. Beperken hypotheekrenteaftrek 50%
2. Hogere belasting hogere inkomens 48%
3. Korten op defensie 33%
Het kabinet blaakt van daadkracht. Niet praten maar doen, is het motto. Het regeerakkoord is heilig en dient onverkort uitgevoerd te worden, hebben Mark Rutte, Maxime Verhagen en Geert Wilders afgesproken. Even leek de Eerste Kamer de btw-verhoging voor de kunstsector af te wijzen, maar die kwam niet verder dan uitstel met een half jaar. Voor veranderingen in het regeerakkoord is dus meer nodig.
Het AOb-actieplan Onderwijs in de top vijf, niet op nul wordt volledig onderschreven. Onderwerpen als meer en beter onderwijspersoneel, geen nullijn, het geld rechtstreeks naar de klas en kleinere klassen, krijgen de instemming van de leden. Diezelfde leden missen ook nog wat prioriteiten en vragen bijvoorbeeld meer aandacht voor de werkdruk. ‘Werkdruk, werkdruk, werkdruk: continue verandering waaraan we enthousiast, consistent en lachend “mogen” meewerken, maar het kost veel te veel tijd en energie. Het leidt af van onze kerntaak: lesgeven!’
Opnieuw worden de managementlagen genoemd als probleem dat opgelost moet worden: ‘Veel managers met onduidelijke taken drukken zwaar op de totale begroting’.
Is er daarom voldoende actiebereidheid bij de AOb’ers? Ja. Slechts een kleine groep vindt acties onnodig omdat onderwijs toch al gespaard wordt. De meerderheid wil het bij publicitaire acties houden, maar staken staat bij een derde op het programma. Het grootste deel pleit voor een algemene staking, een kleinere groep ziet liever stakingen per sector. Nu is het makkelijk om een actievorm aan te kruisen, maar doen de geënquêteerden ook mee? Ja, negen van de tien zeggen dat ze de daad bij het woord voegen als er gestaakt gaat worden.
Actie, actie! Maar hoe?
Publicitaire acties 44%
(advertenties, handtekeningen, kleine demonstraties)
Algemene staking 24%
Acties per sector (demonstraties) 13%
Geen, onderwijs wordt ontzien 11%
Staking per sector 8%
--------------------------------------------------------------
{grafic 2, met tekst eronder}
GroenLinks op één
Stemgedrag nu ten opzichte van verkiezingen
Nu 9 juni 2010
GroenLinks 25% +5%
PvdA 24% -7%
D66 17% +4%
SP 16% +2%
VVD 7% -1%
PVV 3% =
CDA 2% -1%
Niet 2% -1%
ChristenUnie 1% =
SGP 0% =
TON 0% =
Partij vd Dieren 1% =
Anders 1% =
Populairder dan PvdA
Voor het eerst in de peilingen onder de AOb-leden verliest de PvdA haar jarenlange nummer één positie en moet die overdragen aan GroenLinks. Eenmaal eerder dreigde dat toen de PvdA mee regeerde en Ronald Plasterk een jaar minister van Onderwijs was. D66, SP en GroenLinks zaten toen de PvdA als onderwijspartij allemaal op de hielen. Nu is de keuze blijkbaar gemaakt en is GroenLinks – tijdens de enquête nog met Femke Halsema - nipt populairder dan de sociaaldemocraten. Het voortdurende verlies van de PvdA in de afgelopen jaren gaat gewoon door, ook met Job Cohen. De SP stond de laatste peilingen op verlies in de personeelskamers in het onderwijs, maar komt nu weer terug, D66 staat ook weer op winst. Overigens weet na alle turbulente politieke ontwikkelingen 18 procent nog niet waar men nu op zou stemmen. Van de mensen die hun keuze al wel bepaald hebben, profiteren vooral SP en GroenLinks van de dalende populariteit van de PvdA. De minderheidscoalitie en gedoogpartijen raken van hun toch al kleine aanhang onder onderwijsmensen een paar procentjes kwijt. Het CDA verliest vooral aan de ChristenUnie.
--------------------------------------------------------------
{grafic 3, met tekst eronder}
Vertrouwen in bewindslieden
Minister Marja van Bijsterveldt
weinig vertrouwen 48%
redelijk vertrouwen 31%
geen idee 18%
veel vertrouwen 3%
Staatssecretaris Halbe Zijlstra
geen idee 44%
weinig vertrouwen 34%
redelijk vertrouwen 21%
veel vertrouwen 1%
Halbe Zijlstra grote onbekende
Er lag niet veel meer dan een regeerakkoord, dus was het te vroeg voor rapportcijfers van de bewindslieden en het kabinet. Reden om in plaats daarvan te vragen naar het vertrouwen dat met heeft in de coalitie of de hoofdrolspelers. Over het minderheidskabinet van VVD en CDA is men het meest uitgesproken: 80 procent van de ondervraagden heeft daar weinig vertrouwen in. Slechts een klein aantal heeft geen mening. Bij premier Mark Rutte en minister van Onderwijs Marja van Bijsterveldt overheerst ‘weinig vertrouwen’ bij ongeveer de helft van mensen. Staatssecretaris Halbe Zijlstra met in zijn portefeuille lerarenbeleid, hoger onderwijs en cultuur is voor onderwijspersoneel de grote onbekende. Bij hem scoort op de vertrouwensvraag ‘geen idee’ met 44 procent het hoogst.
{blokje op eerste pagina}
Wie deden mee?
In december 2010 enquêteerde de AOb 3.818 leden waarvan uiteindelijk rond de drieduizend de vragenlijst vrijwel volledig invulden. De uitvoering was in handen van Nico van Kessel, Raymond Overmars (ITS, Radboud Universiteit Nijmegen) en Robert Sikkes (AOb, het Onderwijsblad). Van de deelnemers werkte 41 procent in het primair onderwijs, 32 procent in het voortgezet onderwijs, 13 procent in de bve en 6 procent in het hoger onderwijs, 8 procent werkte nog niet of niet meer in het onderwijs. Het overgrote deel bestond uit leraren (71 procent), gevolgd door onderwijsondersteunend personeel (11 procent) en management (8 procent). Er deden iets meer vrouwen (58 procent) dan mannen (42 procent) mee. Daarmee vormen de deelnemers een goede doorsnee van het AOb-ledenbestand. De volledige uitslag is terug te vinden op www.aob.nl en op www.toponderwijs.nu