• blad nr 20
  • 11-12-2010
  • auteur G. van der Mee 
  • Redactioneel

 

De grenzeloze generatie is gespleten

Ze zijn of heel zelfverzekerd, of juist erg kwetsbaar. De generatie jongeren vanaf 1986 is gespleten. De een wil veel vrijheid, de ander vastigheid. Haiko van der Pol, directeur bij Manpower, weet zeker dat het bedrijfsleven zich zal moeten aanpassen aan de nieuwe werknemer. Die heeft een hekel aan bureaucratie maar wil, meer dan tien jaar geleden, wel graag leiding. Maar dan wel in een heel nieuwe, dienende stijl.

De bevolking krimpt, jongeren worden schaars. Crisis of niet, duidelijk is dat ze straks allemaal nodig zijn op de arbeidsmarkt. Als de babyboomers vertrekken, zo voorspelt het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), zijn er 1,5 miljoen nieuwkomers nodig tot 2014, terwijl de instroom stokt op 1,3 miljoen. Voor de zelfverzekerde, goed opgeleide twintiger zal het dus geen probleem zijn een baan te vinden. Eerder wordt het een probleem hem vast te houden. Vandaar dat uitzendorganisatie Manpower aan onderzoeksbureau Motivaction vroeg zijn onderzoek over de ‘grenzeloze generatie’, jongeren vanaf 1986, uit te breiden naar de arbeidsmarkt*.
“Wat mij het meest verraste in dit onderzoek, is toch die enorme tweedeling in die generatie. Ik had niet verwacht dat bijna de helft van die groep nauwelijks aansluiting vindt op de arbeidsmarkt”, zegt Haiko van der Pol. Hij is directeur marketing & communicatie van Manpower. Regelmatig laat Manpower onderzoek doen naar groepen of verschijnselen op de arbeidsmarkt en brengt daar dan een witboek over uit. “Op die manier delen we onze kennis, in dit geval gaat het om een groot maatschappelijk probleem dat wij niet alleen kunnen oplossen.”
Kenmerkend voor 43 procent van deze generatie is dat ze zelfverzekerder zijn dan tien jaar geleden. Ze hebben een positief zelfbeeld, voelen zich vaker bijzonder en hebben daardoor wat overspannen verwachtingen van hun eigen toekomst. In het onderzoek worden ze de ‘zelfredzamen’ genoemd.
Moet het bedrijfsleven zich aanpassen aan die aanstormende generatie?
Van der Pol denkt van wel. “Deze jongeren zijn gewend dat hun mening gevraagd wordt. Bij de opvoeding stond hun ontplooiing centraal. Ook op school waren ze gewend te onderhandelen en zelfstandig te werken in projecten. Maar de arbeidsmarkt zelf is ook veranderd. De technologische revolutie is nog steeds gaande, robots nemen het werk over. Dat betekent minder arbeid en meer behoefte aan gespecialiseerde mensen. Kwaliteit, snelheid en creativiteit wordt er gevraagd. Door de individualisering kiezen steeds meer jongeren voor een eigen bedrijf. De hoeveelheid informatie is in korte tijd verdubbeld, maar deze generatie kan dat aan, ze zijn gewend om met verschillende informatiestromen tegelijk om te gaan.”
Zelfoverschatting hoort ook bij hen, hoe merk je dat?
Jochem van den Hurk, business manager leren & werken bij Manpower herkent dat wel. “Als wij opleidingen of cursussen aanbieden roepen ze gretig ‘ja’. Zo van ‘ik doe dat er wel even bij’. Ze hebben meestal een drukke sociale agenda, en een opleiding doe je er dus niet even bij. Als ze een mbo- of hbo-opleiding willen volgen, gaan we daarom eerst praten over hoe belastend dat is en wat het betekent voor de vrije tijd.”
Negatief zijn ze bij Manpower absoluut niet over deze nieuwe groep werknemers. Het zijn bijvoorbeeld geen ‘nee-knikkers’, maar harde werkers die overal voor in zijn. Van der Pol: “Ze zijn doorgaans heel erg onbevangen. Als vroeger de minister gebeld moest worden gingen we daar eerst uitgebreid over vergaderen, zo’n jongere gaat gewoon direct bellen.” De keerzijde van de medaille is volgens hem wel dat de arbeidsmarkt veel breder is en er sectoren zijn die geen rekening zullen houden met hun voorkeur voor een platte organisatie, en die hun geen zelfstandigheid bieden.” Bureaucratische organisaties zoals de overheid worden daarom door hen gemeden, bureaucratie is voor hen een achterhaald begrip, bij snelle communicatie past dat niet.

Behoefte aan leiding
Wat opvalt in het onderzoek is dat jongeren nu, meer dan tien jaar geleden, behoefte hebben aan leiding. Bij de goed opgeleide zelfverzekerde werknemer steeg die behoefte van 30 naar 45 procent. Volgens de onderzoekers lijkt het erop dat deze mondige en kritische generatie zwemt in een zee aan mogelijkheden en als reactie hierop meer behoefte heeft aan structuur. Ook 52 procent van de groep die in het onderzoek de ‘buitenstaanders’ of ‘structuurzoekers’ genoemd worden, heeft in het werk behoefte aan ‘iemand die mij zegt wat ik moet doen’. Volgens de onderzoekers van Motivaction is een andere stijl van leidinggeven voor veel organisaties een van de grootste uitdagingen van deze tijd.
Hoe ziet het nieuwe leiderschap eruit?
Van der Pol: “Wij noemen het dienend leiderschap en dat past ook bij het nieuwe werken, waarbij mensen voor een deel hun werk zelf kunnen indelen. Zo’n manager zorgt er dus voor dat zijn personeel de faciliteiten krijgt om te functioneren.” Van de dienende manager wordt de nodige tact gevraagd om de zelfstandigheid en authenticiteit van zijn personeel te erkennen. Van den Hurk: “Ze willen wel graag ‘je’ en ‘jij’ kunnen zeggen tegen de baas en op voet van gelijkheid met hem praten, maar hij moet ook duidelijk aangeven wat hij verwacht en wat hij wil.” Van der Pol ziet de behoefte aan meer leiding als een reactie op bepaalde vormen van onderwijs en opvoeding. “Volgens mij kregen teveel jongeren zowel thuis als op school te horen: Zoek het maar uit.”
De nieuwe generatie wil graag gezien worden, kiest voor extraverte beroepen met status. Werk moet vooral leuk zijn. Vrije beroepen, marketing/pr en verkoop zijn nog populairder geworden, terwijl de voorkeur voor een non-profitorganisatie in tien jaar tijd gedaald is van 45 naar 36 procent. Voor het onderwijs is dat een zorgelijke ontwikkeling, omdat juist daar de vergrijzing toeslaat. Uit een onderzoek van Motivaction in juli van dit jaar blijkt dat jongeren een opleiding kiezen die bij hun zelfbeeld past. Ze vinden van zichzelf dat ze geen goede leerkrachten zullen zijn. Het beroep lijkt hen niet leuk en het verdient ook te weinig. Toch zegt 65 procent tegelijkertijd dat ze wil bijdragen aan het welzijn van anderen. Alleen het onderwijs, de zorg en de overheid vinden ze te bureaucratisch dat strookt niet met hun idealisme. Tip van Motivaction voor de werving in het onderwijs: benadruk het aspect ‘zingeving’, nadat je de bureaucratie in je organisatie hebt aangepakt.

Draaikolk
Wat is er mis met de andere helft van de nieuwe generatie, de buitenstaanders?
Een op de tien jongeren blijkt veel minder zelfredzaam, te zijn. Het gaat om een groep van 60 duizend jongeren. Zij komen niet toe aan het ontwikkelen van hun talenten. De wereld is voor hen een draaikolk zonder enige vorm van houvast. Ze kampen met problemen als schulden, huiselijk geweld, obesitas, alcohol- en drugsmisbruik en criminaliteit. De meesten van hen stopten al jong met onderwijs en zijn daarom slecht gekwalificeerd. Van der Pol: “Mensen die op zestien-, zeventienjarige leeftijd gingen werken en na een jaar werkloos werden. Om die groep gaat het, die moet er weer bij getrokken worden, maar daarvoor moeten ze allereerst opgeleid worden.” Manpower startte leer-werktrajecten met begeleiding. Vanuit een werksituatie krijgt iemand een bbl-of mbo-opleiding voor procesoperator, of voor een logistieke functie als magazijnmedewerker. Een coach kijkt steeds hoe het gaat, wat de resultaten zijn. Van den Hurk weet uit eigen ervaring hoezeer bepaalde functies veranderd zijn. “Twintig jaar geleden werkte ik bij de Campina-fabriek en kwam ik thuis met de resten van de yoghurt en de kwark nog op mijn kleren. Nu zitten er productiemedewerkers in een soort astronautenpak dat nooit vies wordt, met computers het proces te besturen. Ik wil maar zeggen dat banen die vroeger heel eenvoudig waren, allang niet meer bestaan. Je hebt daar kwalificaties op mbo-niveau voor nodig.” Van der Pol vindt dat, vanuit het oogpunt van maatschappelijk verantwoord ondernemen veel meer bedrijven initiatieven moeten nemen om deze mensen binnenboord te houden. “Wij hebben ook samenwerkingsverbanden met de gemeente Den Haag, ministeries en Schoevers om secretaresses op te leiden voor de toekomst.” Als het gaat om de uitval van jongeren wijzen beiden toch ook naar de opvoeding als factor. Van der Pol: “Als er thuis geen grenzen zijn, het ouders gewoon niet interesseert, dan kom je ook niet ver.” Volgens hem kan dat ook gelden voor kinderen van hoogopgeleide ouders. “Kinderen die steeds weer nieuwe studies beginnen, waar ze alle ruimte krijgen en niemand zegt ‘ga jij nou maar eens werken’, die komen ook tot niets.”
Jos Leenhouts, bestuursvoorzitter op het roc Mondriaan in Den Haag, wijst ook naar de ouders. In een interview in het witboek vertelt ze dat het een van haar grote ergernissen is dat sommige ouders zich in het onderwijs gedragen als klanten. “Ze stellen zich op als klanten die een deel van de opvoeding hebben uitbesteed. Scholing moet weer gezien worden als een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Waarom hebben we wel de rechten van de mens maar niet de plichten?” Voor jongeren in de problemen ziet ze maar een remedie: veel persoonlijk aandacht en begeleiding. Het is volgens haar de enige manier om te voorkomen dat ze uit de boot vallen.

Zonder diploma
“Er is niet één toverspreuk waarmee je de uitval van jongeren kan oplossen. De oorzaken zijn ook heel divers”, zegt Jim Allen, die voor het ROA onderzoek deed naar de 50 duizend jongeren die jaarlijks voortijdig de school verlaten. Uit het rapport Zonder diploma (2009) blijkt dat behalve om persoonlijke redenen en een foute studiekeuze, scholieren vooral stoppen omdat ze willen werken. “Dan gaat het om tijdelijk, ongeschoold werk. Ze willen geld verdienen, maar ontdekken na een jaar dat het leven toch wel duur is en het werk monotoon, dat dit het toch niet is. Op dat moment moet je dan volgens mij een vervolgopleiding voor ze hebben. Nu worden ze meestal werkloos. Op het moment dat ze vertrekken moeten ze eigenlijk al weten hoe en waar ze weer terug kunnen komen.” Omdat zo’n hoog percentage jongeren een verkeerde studie kiest loont het volgens de ROA-onderzoekers de moeite om veel meer ondersteuning te bieden bij het kiezen van de juiste opleiding.

*)De Grenzeloze Generatie op de arbeidsmarkt is te downloaden via www.manpower.nl. Het witboek is gebaseerd op onderzoek dat is uitgevoerd door Motivaction.

{kadertje 1}
Zzp’er
Bijna een kwart van de studenten aan het mbo, hbo en wo geeft aan een eigen bedrijf te willen starten. In 2007 was dat nog maar 13 procent. Toen wilde 30 procent ondernemer worden, dat aantal is nu verdubbeld naar 62 procent.

{kadertje 2}
Geluk
Geluk hangt voor een groot deel af van je carrière, vindt 53 procent van de grenzeloze generatie. Tien jaar geleden was dat nog 43 procent. Een succesvolle baan geldt voor deze groep als een statussymbool. Ze willen daar harder voor werken dan voorheen (gestegen van 59 procent naar 70 procent), want hard werken is goed voor de mens. Daar staat tegenover dat de stelling ‘mijn werk is mijn leven’ door een steeds kleiner deel van de jongeren wordt gehanteerd (gezakt van 20 naar 15 procent). Want vrije tijd wordt steeds vaker belangrijk gevonden dan werk (gestegen van 58 naar 72 procent). Vrije tijd en privéleven zijn meer bepalend geworden voor wie je bent. Ook dat is een nieuw gegeven waar werkgevers mee te maken krijgen.

{noot}
De foto’s bij dit artikel zijn van studenten van de Mix Academy Amsterdam, een particuliere onderwijsinstelling voor beeldende kunst en vormgeving waarbij de moderne kunst centraal staat. De studenten zijn geportretteerd met hun eigen werk.

Dit bericht delen:

© 2020 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.