• blad nr 11
  • 12-6-2010
  • auteur R. Voorwinden 
  • Redactioneel

AOb-formatieplanner geeft röntgenfoto van de school 

Een directie vertrouw je niet alleen op haar blauwe ogen

Hoe krijg je als medezeggenschapsraad zicht op de financiële positie van de school, of bijvoorbeeld op de personele gevolgen van een reorganisatie? De AOb ontwierp daarvoor de ‘formatieplanner’. “Zie het als een second opinion.”

Hoe druk je als directie een reorganisatie door de medezeggenschapsraad? AOb-bestuurder Marten Kircz weet het wel. “Je stuurt eind maart een enorme stapel informatie naar de MR, terwijl je weet dat elk jaar op 1 mei het formatieplan rond moet zijn. Dan organiseer je eind april een overleg met de MR. Je bestelt bitterballen, praat een paar uur over de voorgenomen reorganisatie en zegt rond elf uur ’s avonds: ‘Zullen we dit maar doen dan? Anders moeten we het een jaar uitstellen, en dan kost het alleen nog maar extra banen.’ En klaar ben je. Terwijl de MR door alle haast geen idee heeft waarmee nu precies is ingestemd.”
Het voorbeeld is uit het leven gegrepen, en helaas niet uniek. “Schoolbesturen in Nederland zijn kleine ondernemers die met belastinggeld een bedrijf runnen”, zegt Kircz. “En die besturen zeggen vaak tegen hun personeel: ‘Vertrouw ons maar. Wij doen wat goed is voor de school.’ En dat kan best waar zijn, maar mogen de leden van de MR dat dan ook zelf nog even beoordelen? Daar zitten ze immers voor.”
Het is voor een bestuur, eerlijk gezegd, vaak ook niet zo moeilijk de MR te overrompelen. Want het ontbreekt veel raden aan kennis over het financiële beleid, zegt Kircz. “De Wet op de medezeggenschap geeft de MR veel rechten. Maar veel medezeggenschapsraden maken daar geen gebruik van. Zeker op het gebied van financiën denken veel leraren te snel: het zal wel. Het is ook veel makkelijker om mee te praten over bijvoorbeeld de herinrichting van het schoolplein dan over het formatieplan.”
Maar er is hoop: voor medezeggenschapsraden die op het gebied van financiën en formatie ondersteuning willen inroepen, heeft de AOb de ‘formatieplanner’ ontwikkeld. Dit is een instrument waarmee de financiële positie van een school kan worden doorgelicht, en bijvoorbeeld de oorzaak en de gevolgen van een reorganisatie in kaart kunnen worden gebracht.
Raden die gebruik willen maken van de formatieplanner, krijgen allereerst een boodschappenlijstje met de gegevens die ze op hun school boven water moeten zien te krijgen. Zoals het aantal personeelsleden, de omvang van hun vaste of tijdelijke aanstellingen, het eventuele bapo-gebruik, de leerlingenaantallen en de prognoses daarvan voor de komende jaren, de jaarrekening en bijvoorbeeld de afdracht aan het bestuursbureau.
Dat lijkt allemaal ingewikkelder dan het is, zegt Kircz. “Het gaat om openbare informatie, die op de administratie van elke school aanwezig is.” De directies staan weliswaar niet altijd te trappelen om de cijfers af te geven aan de MR. “De standaard reactie is: ‘Beste MR, vertrouw je ons soms niet?’ Maar het standaard antwoord is dat dit geen zaak van vertrouwen is. Als MR heb je een verantwoordelijkheid naar je achterban: je moet kunnen uitleggen waarom je ergens wel of niet mee instemt. En daarvoor mag je best een second opinion vragen bij de AOb.”

Revolutie
Als alle cijfers binnen zijn slaat de adviseur van de AOb aan het rekenen. Binnen zeven werkdagen stelt hij een rapport op, dat hij aan de MR komt toelichten. Bij dat gesprek wordt de directie nadrukkelijk uitgenodigd. Kircz: “Wij komen als bond echt niet de revolutie prediken: wij zijn een onafhankelijk expert die een röntgenfoto van je school laat zien. Die diagnose is objectief. De therapie niet, maar daarover beslissen de MR en de directie verder.”
De formatieplanner is al een tijdje in gebruik. Bij een school werd de AOb mede op verzoek van de directie ingeschakeld. Kircz: “De nieuwe directeur vond een paar lijken in de kast.” Bij een andere school gaf de formatieplanner aan dat er wel erg veel geld aan het centraal bureau moest worden afgedragen. Kircz: “Er ging elk jaar een halve ton naar het bovenschoolse bestuur, zonder dat duidelijk was welke producten of diensten daartegenover stonden. Die afdracht werd daarna verminderd.”
Ook wordt de formatieplanner ingeschakeld door medezeggenschapsraden die geen idee hebben waar een bepaalde bezuiniging vandaan komt. Kircz: ‘Onze specialist zoekt dat dan uit. En hij zal vervolgens niet adviseren een bepaalde reorganisatie wel of niet door te voeren: dat is een zaak van de directie en de MR. Maar hij kan wel alternatieven laten zien. Is het bijvoorbeeld echt nodig om zo’n grote reserve aan te houden? En heeft de school er bij de bezuinigingsplannen rekening mee gehouden dat er de komende jaren veel docenten met pensioen gaan, waardoor er – goedkopere – jongeren kunnen worden aangenomen?”
Het inschakelen van de formatieplanner zelf kost overigens wel geld: zo’n drieduizend euro. Kircz: “Veel docenten schrikken daarvan, maar op een begroting van een school is het drie keer niks. En de directies schakelen zelf vaak veel duurdere adviseurs in: die zetten rustig een nul achter dit bedrag.” Zonder daarvoor per definitie beter werk te leveren, trouwens. “Een directie besloot, na het inzetten van de formatieplanner, van de eigen adviseur een schadevergoeding wegens wanprestatie te eisen.”
Aan het einde van de avond weten de MR en de directie precies hoe de zaak er financieel voor staat. En kunnen beide partijen op gelijke voet verder onderhandelen over eventuele herstelplannen. Kircz: “Een MR is best bereid om de broekriem aan te halen. Zo lang de leden tenminste aan hun achterban kunnen uitleggen waarom dat nodig is. De formatieplanner geeft daarover objectieve informatie, zodat je de directie niet op hun blauwe ogen hoeft te geloven.”

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.