• blad nr 11
  • 12-6-2010
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

 

Aandeel doenten op roc’s daalt

Docenten vormen een krimpende groep binnen het personeelsbestand van regionale opleidingencentra, heeft het ministerie van Onderwijs berekend. De AOb bracht de cijfers onder de aandacht in de aanloop naar een debat over het beroepsonderwijs met vertegenwoordigers van zes politieke partijen in het Dordtse roc Da Vinci College.

Op de functiemix-website van het ministerie van Onderwijs (functiemix.minocw.nl) zijn sinds kort ook cijfers over het mbo te vinden. Tegelijkertijd bracht het ministerie onlangs een voortgangsrapportage naar buiten. Het aandeel docenten op de totale personeelsformatie in 2009 blijkt met 3,1 procentpunt gedaald ten opzichte van 2008. Het aandeel van de ondersteunende functies daarentegen is toegenomen. Ook is uit de statistieken een toename af te leiden van het gemiddelde aantal studenten per docent.
De verschillen tussen roc’s zijn groot, volgens de functiemix-site. Bij het Maastrichtse roc Leeuwenborgh maakten leraren in 2009 zo’n 68 procent uit van de personeelsformatie. Het relatief kleine roc Westerschelde noteerde 48 procent, tegen 59 procent in 2007.
Westerschelde houdt desgevraagd vol dat het aantal docenten toch ongeveer gelijk is gebleven. “Alleen zie je dat niet terug in die cijfers”, reageert bestuurssecretaris Natasja Duinkerke. “Onder het ondersteunend personeel bevinden zich ook docenten die vanwege specifieke projecten tijdelijk buiten het primaire proces gerekend worden. En instructeurs, die ook bij het primaire proces betrokken zijn.”
Volgens de eerdergenoemde voortgangsrapportage van het ministerie is het aandeel docenten in salarisschaal LB vorig jaar gestegen. In de twee schalen daarboven is het lerarenaandeel juist gedaald. In het Convenant Leerkracht zijn afspraken gemaakt om een verdere downgrading tegen te gaan. ‘De cijfers laten een aan de convenantsafspraken tegengestelde beweging zien’, concludeert het ministerie. Vanwege het meetmoment konden de effecten van extra financiële middelen voor de Randstadregio’s nog niet worden meegenomen in de rapportage.

Alarmerend
AOb-sectorbestuurder André Steenhart kaartte de cijfers aan tijdens een debat over het beroepsonderwijs met de woordvoerders van zes politieke partijen: CDA, VVD, PvdA, D66, SP en GroenLinks. Het Toponderwijs NU!-debat, georganiseerd door scholierenorganisatie Laks, JOB (Jongerenorganisatie beroepsonderwijs) en de AOb, werd maandag 31 mei gehouden bij roc Da Vinci in Dordrecht.
“Het mbo-budget is in handen van managers die bedrijfsmatige keuzes maken”, betoogde Steenhart. “Op die manier raakt het doel om de beste docent voor het onderwijs te hebben steeds meer uit zicht.”
CDA-Kamerlid Jan Jacob van Dijk wilde niet voetstoots aannemen dat een dalend aandeel docenten gepaard gaat met een verslechtering van de onderwijskwaliteit. Hij koppelde onderwijsondersteunende functies als instructeur nadrukkelijk aan het competentiegericht onderwijs, waarbij volgens hem ‘leermeesters’ uit de beroepspraktijk hun ervaring overdragen. "Mits ze een didactische aantekening halen", voegde hij eraan toe.
Voor de meeste andere aanwezige partijen klonken de cijfers wel degelijk alarmerend. Alleen hoe keer je het tij? "Dan moet je misschien maar zeggen: er gaat een vast percentage naar docenten", opperde SP-Kamerlid Jasper van Dijk. "Of je maakt de minister weer verantwoordelijk." Ook Jesse Klaver, kandidaat-Kamerlid voor GroenLinks, vond het “een schande om te zien dat het aandeel docenten afneemt. Maar een minister in Den Haag zit nog verder weg van de werkvloer”, reageerde hij.
Cruciaal is de manier waarop het geld uit Den Haag wordt besteed door roc-besturen, zo luidde de consensus. Discussieleider Gerrit Stemerding, die met het debat zijn laatste dag als dagelijks bestuurder van de AOb afsloot: "Meer geld naar scholen alleen is niet genoeg, het moet op de goede plek terechtkomen."

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.