• blad nr 5
  • 13-3-2010
  • auteur W. de Lange, de 
  • Column

 

We doen normaal

In de tram doen we heel normaal. Sterker nog, het is gezellig. Met onze tweedeklassers het openbaar vervoer in, dat is goed te doen. Maken niks vies, schreeuwen nauwelijks, kletsen vrolijk – “juf, u komt uit de Middeleeuwen; hoe was het daar eigenlijk?”
Wij docenten kijken ernaar als naar een gelukte taart of een zelfgebreide trui. Alsof wij ze zo leuk gemaakt hebben.
Als we met zijn veertigen uitstappen, loopt er voor ons uit een lange stoet vreemde leerlingen van een andere school. Met het volume op hooligansterkte rukken ze loeiend op naar hetzelfde theater. We proberen het niet somber in te zien.
Ponies doen normaal, heet het stuk. Mariël Vaartjes en Fabian Holle van toneelgroep Ponies zullen een jongen en een meisje spelen, tieners, die worstelen met hun eigen en andermans ideeën over hoe je hoort te zijn. Dat doen ze geweldig. Maar voor het zover is, moet iedereen de zaal in.
Onze school mag eerst. Een stel reuzen uit de andere groep probeert even de onzen bij de zaalingang te pletten, maar een stevige vrouwenstem roept: “Ophouden en even hier komen. OPHOUDEN!” De leider grijnst en loopt met zijn groepje naar de stevige vrouwenstem toe. Hij doet zijn vingers tegen elkaar, buigt lachend zijn hoofd en zegt “sorry juf, ik zal stoppen”. Mooi, dat ziet er goed uit.
Het pletten blijkt vervangen door een spreidingsbeleid. De lichten zijn allang uit en de twee spelers zijn al een tijdje bezig als het eerste groepje van zes, zeven laatkomers binnenkomt. Ze worden met gebrul verwelkomd. Onze leerlingen kijken verbijsterd naar achteren, naar die anderen. De lichten gaan aan, de acteurs wachten, vragen om stilte. “Zo kunnen we niet spelen.”
Dit hele ritueel herhaalt zich enige tijd later nog een keer. Tussen die Grote Storingen door wordt er onophoudelijk gepraat. Ik kijk vragend naar een docent van de andere groep, die pal naast me zit. Moeten ze niet eens wat gaan doen? Ze slaat haar ogen ten hemel, doet niets, zegt niets. Ook haar collega’s zitten stil aan hun stoelen genageld. Waar is die stevige vrouwenstem?
De vrouw op het toneel vertelt een verhaal over een botsing die haar personage heeft met een groepje lawaaierige jongeren in de trein. Ze klinkt echt kwaad: “Ik vroeg ze op mijn beleefdst en vriendelijkst of het wat stiller kon en weet je wat het antwoord was? Wie denk je wel dat je bent, nazi-bitch.” Gestamp, gejuich, geroep. Zo doe je dat als iemand zeurt dat je je moet gedragen!
Achteraf lopen we even naar de actrice, die verwezen wat loopt op te ruimen op het toneel. Ze is geraakt. “Soms is het niet zo leuk om te doen.” Ze probeert de docenten niets te verwijten.
“Het heeft niets met geloof of cultuur te maken”, zegt een collega in de tram terug. “Docenten moeten optreden, daar gaat het om. Je moet je leerlingen kennen, van ze houden en niet bang zijn.”

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.