- blad nr 15
- 3-10-2009
- auteur . Overige
- Redactioneel
6 tips
Een geslaagde duobaan
Tekst Marieke Davidse
1. Controleer de organisatiecultuur
Een argument om niet voor een duobaan te kiezen, is dat twee kapiteins op een schip niet werkt. Er kan maar een voor de klas staan of de leiding hebben. Deze gedachte komt nog voort uit de managementopvatting waarin controle centraal staat, in plaats van samenwerken en motiveren. Met name in culturen waar het succes of de prestatie persoonlijk identificeerbaar moet zijn, is het een veel gehoorde kreet. In zo’n cultuur is een duobaan lastig te realiseren.
2. Check je competenties
Surfend over het net komen ‘vakvolwassenheid’ en ‘zelfreflectie’ bovendrijven. Bij vakvolwassenheid ben je bekwaam en bereid bepaalde taken uit te voeren. Je hebt voldoende kennis, vaardigheden, inzicht, motivatie en durf in je rugzak. Ook zelfreflectie in onontbeerlijk. Reflectie betekent dat je jezelf een spiegel voorhoudt om zo stil te staan bij hoe je bijvoorbeeld werkt, welke keuzes je daarbinnen maakt, welke vaardigheden je inzet en hoe dat voelt. ‘Dat laatste, je gevoel, is een thema waarbij je stil wilt staan. Vaak reageren we uit een eerste impuls op een situatie. Dat betekent dat je handelt op basis van je eigen emoties en niet eerst nadenkt voor je iets doet. Ook kan het zijn dat je werkt vanuit vooringenomen standpunten of overtuigingen zonder dat je dit zelf in de gaten hebt. Je gaat er bijvoorbeeld vanuit dat je duopartner iets niet kan. Zonder er echt over na te denken heb je zijn taken al overgenomen’, legt de website carrieretijger.nl uit.
3. Zit op één golflengte
Sinds zes jaar delen Olga Rietmeijer en Anita de Gier een directiefunctie op een basisschool in Noordwijk. Rietmeijer: “Het is grappig. Ook al zijn we heel verschillend, toch denken we over veel dingen hetzelfde, hebben we dezelfde normen en waarden. In de eerste plaats voelen we ons verantwoordelijk voor deze school. We willen een bruisende school zijn, met een groeiend aantal leerlingen. We geven ons team de ruimte, zodat ze zich kunnen ontwikkelen en onze leiderschapsstijl is coachend. Ook vind ik dat je open moet zijn naar elkaar en je team. Zeg zoveel mogelijk wat je denkt, voelt en ervaart. Het werkt niet als je moet gaan raden wat er in de ander omgaat.”
Ook voor kinderen is het belangrijk dat de duopartners op een lijn zitten. Liz Werter, leerkracht op een basisschool in Katwijk, vult aan: “Ouders in de klas voor of na schooltijd, vind ik gezellig en nuttig. Als mijn duo dat onrustig en onprettig vindt, heb je een dilemma, waar je samen uit moet zien te komen. Niet alleen de kinderen hebben behoefte aan duidelijkheid, de ouders ook.”
4. Onderzoek elkaars kernkwaliteiten en valkuilen
Om een duobaan te laten slagen is het van belang dat de verschillen tussen de partners vooraf bekend zijn en dat de partners elkaar aanvullen. Een manier om daarachter te komen is elkaars kernkwaliteiten en valkuilen vaststellen. Kernkwaliteiten zijn de specifieke sterktes die iemand kenmerken. Ze maken je tot wie je bent. Het zijn die kwaliteiten die een ander benoemt als ernaar wordt gevraagd. Bijvoorbeeld dat je een erg creatief, bijzonder geduldig of zeer besluitvaardig persoon bent. Deze kwaliteiten worden een valkuil als je erin doorschiet. Dat is een vervorming van de kwaliteit, de andere kant van de medaille. Je kwaliteit wordt een zwakte. Rietmeijer en De Gier vullen elkaar aan, vinden ze. Rietmeijer: “Ik geniet van Anita’s enthousiasme en dat ze tegen alle leuke dingen gewoon ja zegt. Ik ben meer de kat-uit-de-boom-kijker, voorzichtiger.”
De Gier: “Mijn enthousiasme heeft een kader nodig en dat is Olga’s kracht, zij brengt structuur.”
5. Wees transparant
“Zorg voor een goede taakverdeling, een schriftelijke overdracht en een gezamenlijke agenda”, is het advies van Rietmeijer en De Gier. Leg de taakverdeling vast, zodat deze voor iedereen inzichtelijk is. Rietmeijer: “Bij de overdracht geef ik altijd alle informatie met betrekking tot ouders en kinderen aan Anita door en natuurlijk de organisatorische highlights.” De twee directeuren vinden de schriftelijke overdracht vaak niet voldoende, ze hebben ook regelmatig telefonisch contact. De Gier: “We nemen beslissingen, die voor de hele school gelden. Dan is het prettig en noodzakelijk om met elkaar te overleggen. We vinden het allebei niet erg om op onze vrije dag met elkaar af te stemmen.”
6. Versnel je ontwikkeling
Door de aanwezigheid van een counterpart is het mogelijk om sneller je zwakke punten te ontdekken en deze te verbeteren. Hierdoor kan je ontwikkeling in een stroomversnelling komen. Ook leren succesvolle duo’s goed met elkaar te communiceren. Door de nauwe samenwerking neemt je mondelinge uitdrukkingsvaardigheid toe. Je leert je ideeën en meningen, voor een ander begrijpelijk, onder woorden te brengen.