- blad nr 13
- 5-9-2009
- auteur R. Sikkes
- Commentaar
Méér onderwijs
Alle initiatieven van de afgelopen maanden zijn gestart met subsidie van het ministerie van Onderwijs. Voor scholen in 23 gemeenten is er de komende drie jaar 42 miljoen euro beschikbaar om te experimenteren met langere of meer schooldagen. De experimenten worden wetenschappelijk onderzocht op hun effectiviteit. Het eindresultaat kunnen we alvast wel voorspellen: méér onderwijs werkt. De prestaties van de leerlingen zullen door extra en gerichte aandacht voor taal en rekenen stijgen. Dat is namelijk een heel oude en logische onderwijskundige wet. Zo bleek bijvoorbeeld uit een onderzoek naar de schakel- en kopklassen deze zomer dat daardoor de taalprestaties stegen en kinderen hogere adviezen kregen. Reuze jammer daarom dat het ministerie voorlopig vasthoudt aan de tijdelijkheid van de regeling en in een brief aan de Tweede Kamer schrijft: ‘Het staat op voorhand niet vast of we op basis van deze experimenten onze rol en verantwoordelijkheid in meer structurele zin nemen.’
Maar niet gesomberd: de experimenten zijn in elk geval te zien als een koerswijziging na en periode waarin alle extra onderwijstijd werd verminderd omdat het om inefficiënte leerwegen zou gaan. In het verleden gingen kleuters immers meer uren naar school, was een negende leerjaar in het basisonderwijs niet ongebruikelijk, mochten leerlingen een jaar langer over het vmbo doen en was stapelen normaal. Dat was misschien inefficiënt vanuit kostenoogpunt, maar bood kansen aan kinderen. Als alle experimenten nog een keer later zien dat méér onderwijs werkt, is dat op termijn hopelijk terug te vinden op de onderwijsbegroting.