• blad nr 12
  • 27-6-2009
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

Hogere schalen voor heel wat docenten 

Operatie functiemix in het hbo

Dankzij het Convenant Leerkracht liggen er voor hogescholen jaarlijks vele miljoenen klaar om meer docenten in hogere schalen te krijgen. Voorwaarde is wel dat ze met de vakbonden uiterlijk 15 oktober een akkoord bereiken over de precieze besteding ervan. Bij veruit de meeste instellingen zijn die afspraken inmiddels beklonken. Maar nog niet overal. Tijd voor een tussenbalans. “Hoe kun je ooit de minister van Onderwijs nog oproepen te investeren, als je deze zak met geld laat liggen?”

Zesentwintig miljoen euro hebben hogescholen de komende tijd jaarlijks voor het oprapen om meer docenten in hogere schalen te benoemen. Het kabinet heeft die zak met geld klaargelegd nadat de minister van Onderwijs, vakbonden en uiteindelijk ook de Hbo-raad op 17 september vorig jaar hun handtekening zetten onder het Convenant Leerkracht. Het geld is hard nodig om de arbeidsvoorwaarden te verbeteren, het vak aantrekkelijker te maken en uiteindelijk de onderwijskwaliteit omhoog te duwen.
Er is wel een belangrijke voorwaarde. Werkgevers en bonden moeten samen tot afspraken komen over de precieze inzet van het geld. En anders dan in het basis- en voortgezet onderwijs gebeurt dat in het hbo niet collectief, maar per hogeschool. En zo togen AOb-onderhandelaars Roelf van der Ploeg en Jan Dijkstra het afgelopen half jaar van Groningen tot Zeeland, elk naar de helft van de hbo-bestuurskantoren met een ongebruikelijke missie: akkoorden sluiten over een goede besteding van extra miljoenen.

Stroef
“Het is wel bijzonder om het nu eens over positieve zaken te hebben”, zegt Dijkstra. “Meestal worden we uitgenodigd als er ergens bezuinigd moet worden en er daardoor personeel uit moet. Maar nu hebben we juist kunnen praten over het investeren in docenten.”
Je zou zeggen dat colleges van bestuur dan ook juichend door de gangen gaan nu er een extra zak met geld klaarligt in Den Haag. Maar dat bleek nog wel eens tegen te vallen, zegt Van der Ploeg. “In het begin zetten ze soms hun meest chagrijnige gezicht op. Ik had aanvankelijk vaak helemaal niet het gevoel dat ik kwam praten over goed nieuws. ‘Extra geld? Bah!’”
Een verklaring voor die argwanende houding heeft Van der Ploeg wel. Colleges van bestuur moeten met de bonden afspraken maken, maar ze houden graag de handen vrij. Een vorm van inmenging in de eigen bedrijfsvoering. “Je merkt dat ze niet erg happig zijn om een heel klein beetje van hun beleidsvrijheid in te leveren, in ruil voor goede afspraken. Maar wie betaalt, wil ook een beetje bepalen. Dat is met de lumpsum al heel lang niet meer zo geweest. Sommige bestuurders hebben duidelijk moeite gehad om aan die nieuwe werkelijkheid te wennen.”
En er speelt nog iets mee. De hbo-werkgevers vrezen dat de jaarlijkse overheidsbijdrage van 26 miljoen na 2012 niet meer zal volstaan om de extra kosten op te vangen en dat ze op den duur zelf met grotere uitgaven komen te zitten. Wat als een nieuw kabinet dan geen aanvullende euro’s op tafel legt? Voor de periode vanaf 2012 gaan de partijen later weer om de tafel. Maar besturen zien vooral een groot vraagteken, zegt Dijkstra. “Afspraken maken over meer docenten in hogere schalen heeft nogal wat consequenties. De angst in een financiële wurggreep te komen was bij alle hogescholen nadrukkelijk aanwezig. Maar na verloop van tijd kwam er meer vertrouwen. Mochten de convenantsafspraken in de toekomst tot financiële problemen leiden, dan komen we weer praten over een oplossing.”
Het begin verliep stroef. Hogescholen keken de kat uit de boom, wachtten op elkaar, vertellen Van der Ploeg en Dijkstra. De aanvankelijke deadline van 1 maart 2009 bleek al gauw te vroeg dag en is verschoven naar half oktober. Dan moeten alle hogescholen hun afsprakenlijstjes hebben ingeleverd bij minister Plasterk. De vaart kwam erin. Nadat de eerste hogeschool over de dam was, kon de Hbo-raad op basis van de gebruikte berekeningen een rekenmodel maken. Dat maakte het er voor iedereen een stuk makkelijker op. De financiële verkenningstocht werd daarmee in sommige gevallen haast een simpele invuloefening.

Ambitieus
De AOb is tevreden met de tot dusver bereikte akkoorden, aldus dagelijks bestuurder Gerrit Stemerding. Er ligt bij bijna alle hogescholen een overeenkomst die het aantal docenten in hogere functies flink zal opschroeven. “Die hogescholen zien het belang in van investeren in hun docenten en zijn bereid gebleken daar zaken over vast te leggen.”
De eerste was Saxion, half januari dit jaar. Voor de hogeschool ligt jaarlijks 1,2 miljoen euro aan extra functiemix-geld klaar. In concreto gaan daar in 2012 117 volledige banen van schaal 10 naar schaal 11. Verder wordt het aantal functies in schaal 13 en hoger uitgebreid met dertig fulltime arbeidsplaatsen. Al met al komt de hogeschool over drie jaar op het landelijke streefgemiddelde met de schalen 11 en 12, een van de redenen waarom AOb-onderhandelaar Roelf van der Ploeg ermee heeft ingestemd. “Saxion haalt het landelijke gemiddelde niet helemaal, maar er wordt toch een grote vooruitgang geboekt.”
Bij de Hogeschool van Amsterdam kan vanaf 2010 2,3 miljoen extra worden ingezet voor meer hogere schalen. Daarmee komen 222 fulltime onderwijsgevende functies in een hogere schaal, bijna een vijfde van het totaal. In de praktijk zullen dat er nog meer zijn, verwacht AOb-onderhandelaar Jan Dijkstra, vanwege de garantieschalen. Iemand met een omlaag gewaardeerde functie in schaal 11 behoudt zijn salaris dankzij de garantieschaal en telt feitelijk mee voor schaal 12. Vertrekt die medewerker, dan moet hij volgens het convenant worden vervangen door een collega in diezelfde schaal 12.
Met Hogeschool Rotterdam is collega-onderhandelaar Jan Dijkstra een poos in de weer geweest. Begin maart kringelde er witte rook uit de bestuurskamer. De hogeschool zal tot 2012 een kleine tweehonderd voltijdbanen in een hogere schaal 11, 12 of 13 realiseren. “Ze hadden veel lagere docentfuncties in schalen 9 en 10”, vertelt Dijkstra. “Afgesproken is nu dat schaal 9 in wezen wordt opgeheven en dat er nogal wat functies naar schaal 12 en 13 gaan. De hogeschool gaat over de convenantsgelden heen en legt er zelf nog flink wat eigen middelen bij.”
Van de kleinere hogescholen valt de Katholieke Pabo Zwolle erg op. “Daar zitten al veel docenten in schaal 12. Het convenantsgeld wordt gebruikt om ook het laatste plukje omhoog te duwen”, aldus Van der Ploeg.
Nog een mooi voorbeeld vindt Van der Ploeg hogeschool Windesheim, die jaarlijks aanspraak maakt op ruim een miljoen euro. “Vanuit haar onderwijsfilosofie kent Windesheim geen docentfuncties onder schaal 11. Daar wordt het geld ingezet om meer mensen in schalen 13 en hoger te krijgen.” De hogeschool krijgt er tot 2012 volgens de afspraken 81 fte’s aan hogere docentfuncties bij aan de bovenkant. “Het is ambitieus”, zegt Van der Ploeg. “Maar het getuigt van durf en optimisme. Het is een goede zaak dat ze het geld niet laten liggen.”

Doodzonde
In tegenstelling tot bijvoorbeeld Avans Hogeschool. In april werd duidelijk dat het bestuur en de bonden er niet uitkwamen. Avans wil niet het volledige beschikbare bedrag van 1.318.200 euro per jaar in de functiemix steken, omdat het volgens de instelling niet past binnen haar strategisch beleid en te grote structurele financiële risico’s met zich mee zou brengen. En dus gaat de deal niet door.
Erg jammer, vindt onderhandelaar Dijkstra. “Ze zitten al ver boven het landelijk gemiddelde. Van de grote hogescholen hebben ze het hoogste percentage schaal 12-docenten. Als ze het hele bedrag zouden inzetten voor nog meer hogere functies, zou dat de organisatie naar eigen zeggen scheeftrekken. Avans wordt gestraft voor goed beleid, vinden ze. Ze hebben niet aan het downgraden van functies gedaan zoals andere hogescholen. Die andere hogescholen krijgen nu extra geld om dat weer bij te stellen.”
Ook bij Fontys Hogescholen is een akkoord vooralsnog afgeketst. Om andere redenen. De instelling mag van alle hogescholen de grootste hap nemen uit de knip van Plasterk, opgeteld 9 miljoen euro over de jaren 2009 tot en met 2012. Maar tegelijkertijd heeft Fontys het financieel zwaar en is er een ingrijpende bezuinigingsronde gaande, waarbij de formatie sterk teruggebracht moet worden. Het valt niet te rijmen, zo schreef het Fontysbestuur begin juni in een brief aan het personeel, ‘dat enerzijds formatiereductie moet plaatsvinden en er anderzijds groei in hogere schalen zal plaatsvinden’.
Dijkstra sprak er onlangs nog over met bestuursvoorzitter Marcel Wintels. “Ik kan me op zich wel iets bij die argumentatie voorstellen. Tegelijkertijd is het doodzonde als dat geld blijft liggen. We zullen allemaal nog eens diep moeten nadenken. Er is nog tijd om na de zomer met een oplossing te komen. Voor mij is het geen einde oefening.”
De AOb blijft ook nog actief op een paar kleinere hogescholen waar nog geen afspraken zijn vastgelegd. Mede-onderhandelaar Van der Ploeg: “Ik denk dat het toch moeilijk blijft uit te leggen als je geld laat liggen. Er wordt altijd geroepen dat er meer geld naar onderwijs moet, en terecht. Nu is het er dan. Hoe kun je ooit de minister van Onderwijs nog oproepen te investeren, als je deze zak met geld laat liggen?”


Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.