• blad nr 4
  • 28-2-2009
  • auteur R. Wisman 
  • Redactioneel

10 tips  

Maak je niet te sappel over een inspecteur in de klas

Minstens eens per vier jaar bezoekt de Onderwijsinspectie alle scholen voor basis- en voortgezet onderwijs. Om een goed beeld te krijgen van de kwaliteit van de school woont de inspectie meestal ook lessen bij. Hoe bereid je je hier als leerkracht op voor? “Doe zoals je anders ook doet. Op een toneelstukje zitten we niet te wachten.”

1 Doe wat je anders ook zou doen
“Bereid je voor op de les, niet op het bezoek van de inspecteur”, adviseert Rutger Meijer, die als ‘toezichtdirecteur’ leiding geeft aan inspecteurs in de regio Zuid-Nederland. “Doe gewoon de les die op het rooster staat. Als dat een les is waarin leerlingen vooral zelfstandig werken, prima. Laat maar zien hoe je dat doet en organiseert. Soms zegt een leraar vanwege ons bezoek: ‘We gaan het vandaag een beetje anders doen dan normaal’. Dat is niet de bedoeling. De inspecteur kan een school het beste beoordelen als het gaat zoals het altijd gaat. Op een toneelstukje of een modelles zitten we niet te wachten.”

2 Zorg dat het bezoek de les niet stoort
Sommige leerkrachten wringen zich in allerlei bochten om het de inspecteur naar de zin te maken, weet ook Erik Adema. Als onderwijsadviseur bij KPC Groep begeleidt hij regelmatig scholen die een bezoek van de inspectie verwachten. “Met tafels en stoelen gaan slepen is niet nodig. Het is wel belangrijk dat de inspecteur onopvallend zijn werk kan doen. Zoek vooraf een plekje in de klas waar hij kan plaatsnemen, zodat het de les niet stoort. Zorg dat je de klassen- en zorgmap op orde hebt en dat die ter inzage klaar ligt.” Meijer: “Daar kijken we standaard in. Als zo’n map toevallig net bij iemand thuis ligt, is dat geen drama. Maar ik kan me voorstellen dat het de leerkracht een ongemakkelijk gevoel geeft.”

3 Weet waarom de inspectie komt
Op www.onderwijsinspectie.nl kun je via de ‘schoolwijzer’ actuele inspectierapporten downloaden. Lees voor het bezoek eens zo’n rapport om te weten waar de inspectie op schoolniveau in geďnteresseerd is. “Bespreek met het team de reden van het inspectiebezoek, zodat je weet wat er van je verwacht wordt”, zegt Erik Adema. “Het scheelt nogal wat in spanning of de inspectie komt voor een regulier bezoek of naar aanleiding van achterblijvende opbrengsten.”

4 Geef effectief instructie (1)
Erna Nederlof, directeur van (zwarte) basisschool de Fontein in Breda, kreeg in 2007 een rapport met louter voldoendes en ‘goedjes’. Het belangrijkste is, volgens de schoolleider, dat je effectieve instructie geeft. Dus: “Begin met een terugblik, benoem dan de doelen voor de les van vandaag, koppel de stof regelmatig terug naar de leerlingen, zorg voor een taakgerichte werksfeer en heb oog voor niveauverschillen. Is dit kind toe aan basis-, herhalings- of verrijkingsstof?”
Haar tweede advies: “Zijn er goede looproutes in de klas? Kunnen kinderen zelfstandig aan het werk? Is duidelijk waar alles ligt?”

5 Geef effectief instructie (2)
Hang een planbord in de klas waarop de dagindeling staat. Ga respectvol met de kinderen om. Gebruik heldere taal en koester hoge verwachtingen. Uit onderzoek blijkt dat kinderen daardoor beter scoren. Als je denkt ‘het wordt toch niks’, wordt het ook niks’. Vergeet niet aan het eind van de les te evalueren. Wat hebben ze geleerd?
Nederlof: “Leraren wier instructie niet effectief is, moeten zich zorgen maken.” Ook als je als leraar onwijs populair bent bij de kinderen. “Als je slecht instructie geeft, is dat een minpunt. Kinderen moeten wat leren van jou.”

6 Licht de kinderen in over het hoge bezoek
Vertel de leerlingen dat er vandaag iemand van de Onderwijsinspectie meekijkt in de klas. Leg uit waar de inspecteur gaat zitten in de klas en wat hij komt doen. Stel de klas voor aan de inspecteur en andersom. De kans bestaat dat de inspecteur ze vragen stelt over wat ze aan het doen zijn. Als ze weten waar het voor is, werken ze graag mee.

7 Laat zien dat je controle hebt
Vooraf kondigt de inspecteur vaak aan welke lessen hij wil bijwonen in welke groepen. Bijvoorbeeld: rekenen en taal in de groepen 3, 5 en 8. Rutger Meijer: “Het is niet zo dat we per se een instructieles willen zien. Ons interesseert ook de overgang tussen onderdelen van de les, van klassikale instructie naar individuele opdrachten bijvoorbeeld. Dat laat zien dat je de dingen in de hand hebt. Dat de leerlingen weten wat ze moeten doen. Een leraar moet zelfvertrouwen hebben en weten waarmee de leerlingen bezig zijn.” Maar: “Het bezoek draait niet om het beoordelen van individuele leerkrachten. We kijken of de school als geheel aantrekkelijk en uitdagend onderwijs aanbiedt.”

8 Wees eerlijk
Goede inspecteurs stellen een hoop vragen aan leerkrachten, zegt Erik Adema. “Wees gewoon eerlijk. Je hebt niets te verbergen.”

9 Maak je niet te sappel
Zenuwen horen er een beetje bij. Maar maak het niet te spannend, zegt Rutger Meijer. “Als Sven Kramer gaat nadenken over de manier waarop hij schaatst, valt hij geheid. Als je continu denkt ‘doe ik het wel goed?’ domineert een gevoel van onzekerheid je les en maak je het jezelf onnodig moeilijk.” Wat wel? “Begin uitgeslapen aan de dag en wees jezelf.” Extra nette kleren helpen je waarschijnlijk ook niet, denkt Erna Nederlof. “Trek gewoon aan wat je gewend bent. Blijf rustig. Je weet hoe het moet.”

10 Doe je voordeel met de feedback
“Steek na afloop de koppen bij elkaar als team”, zegt Erik Adema. “Bespreek de dag. Zie het bezoek en de rapportage als gratis feedback en maak daar gebruik van.”

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.