- blad nr 1
- 17-1-2009
- auteur R. Voorwinden
- Redactioneel
De NOT staat er vol mee, maar is het ook wat?
Verslingerd aan het digibord
Als de kinderen de klas binnenkomen van Esther Tel, leerkracht groep 3 van de Kindervriend in Gouda, staat het digitale schoolbord al aan. Er draait een screensaver, met een knipoog naar de tijd van het jaar: in de winter een knapperend haardvuur.
In de leesles gaat de juf echt los met het bord. Bij de methode Veilig leren lezen zit veel digitaal materiaal, en de oefeningetjes flitsen over het scherm. “Echt kant-en-klaar, daar hoef ik niets meer aan te doen.” De rekenmethode is wat minder geavanceerd, maar Tel heeft in elk geval de boeken ingescand. “Ik kan op het bord aanwijzen wat de leerlingen in hun boek zien. Wel zo duidelijk.”
Ook de rest van de dag bewijst het digitale bord goede diensten - bijvoorbeeld doordat de juf er ook filmpjes vanaf internet op kan afspelen. Zoals educatieve televisieprogramma’s, via uitzendinggemist.nl. “Of gewoon een filmpje van Teleblik, een soort educatieve YouTube. Bijvoorbeeld over paddenstoelen. Ik kan echt niet meer zonder zo’n digitaal schoolbord.”
Die borden zijn in opmars. De eerste scholen haalden al in 2005 of 2006 een of twee borden in huis, vaak voor de hogere groepen. Maar vanuit die voorposten rukken de borden door de hele school op, ze zijn inmiddels gearriveerd in groep 3 en zelfs in enkele kleutergroepen.
Ook steeds meer lesmethoden bevatten materiaal dat de docent op een digitaal schoolbord kan laten zien. Paul Gudde, leerkracht van groep 6 van obs Rubenshof in Oosterhout, gebruikt een rekenmethode waarbij hij op het digitale schoolbord driedimensionale figuren kan tonen. “En bij de methode voor aardrijkskunde zitten diverse instructiefilmpjes, bijvoorbeeld over hoe een gemaal werkt. Die filmpjes mag ik van de leerlingen echt niet overslaan.”
“Er is een tijd geweest waarin je als leerkracht zelf lesmateriaal voor die borden moest maken”, vertelt Ed de Haas, overkoepelend ict-coördinator van een aantal scholen in Delfland. “Maar die tijd is voorbij.” Het kan natuurlijk nog wel, voor de liefhebbers. De Haas: “Je kunt de krant van vanochtend op het digitale schoolbord laten zien, en een bericht uitkiezen als aanleiding voor het kringgesprek. Of zomaar even wat plaatjes van internet laten zien als je vertelt over een wesp of een zebra, want een plaatje zegt tien keer meer dan een heel verhaal. Het is maar hoe ver je fantasie gaat.”
Update
Hét ‘digitale schoolbord’ bestaat niet. Dat is slechts een verzamelnaam, die borden zijn er in allerlei soorten en maten. Er zijn bijvoorbeeld smartboards en activeboards, focus boards en starboards. Het ene bord heeft een aanraakscherm, waarop de leerkracht met zijn vinger kan schrijven. Op het andere bord moet juist een pen worden gebruikt.
De software van de borden verschilt ook behoorlijk, weet ict-coördinator De Haas. “Wij hebben gekozen voor een bord met software die sterk lijkt op Windows. Daarmee kunnen de leerkrachten snel aan de slag.” Aan de andere kant is die software wel erg zakelijk, zegt Esther Tel. “Er is ook software die er heel speels uitziet, en dus meer gericht is op kinderen.”
Om wegwijs te worden in het land der digitale schoolborden zijn er inmiddels verschillende forums op internet verschenen. Die zijn vaak opgericht door leerkrachten. Zo heeft Esther Tel al in 2005 het smartboardforum.nl opgezet, toen ze als pabo-afstudeerproject een digitaal schoolbord uitzocht voor haar school. “Ik heb die site in eerste instantie voor mezelf opgezet, om de bij elkaar geraapte lessen en sites voor digitale schoolborden te ordenen. Vandaar is het verder gegaan.”
Haar forum krijgt nu elke dag wel een paar nieuwe gebruikers: doorgaans leraren die met vragen of problemen zitten. “Stel dat je een bepaald type bord gebruikt en je een update van de software installeert. En dat je daarna opeens een foutmelding krijgt. Dan kan je op dit forum terecht bij andere gebruikers die tegen hetzelfde probleem aanlopen.”
Leerkracht Paul Gudde uit Oosterhout is de drijvende kracht achter het forum digibordhulp.nl. “Een site waar leerkrachten zelf hun ervaringen kwijt kunnen.” Want leraren hebben vaak een steuntje in de rug nodig als ze een digitaal schoolbord in de klas krijgen, weet Gudde. “Ik sprak iemand bij wie de hele school vorige week was voorzien van digiborden. Dus daar stond het team dan: wat konden ze er eigenlijk mee? En dat kan je zelf uitzoeken, met vallen en opstaan. Maar je kunt veel meer en sneller leren van andere collega’s in het onderwijs die ervaring met die borden hebben.”
Er zijn wel officiële cursussen in het gebruik van de digitale borden, maar die zijn nogal eens prijzig. Bovendien kan je inderdaad heel veel leren van collega’s, vindt ook ict-coördinator De Haan. “Op scholen waar één of twee digitale borden staan, ben je als leerkracht op jezelf aangewezen. Zodra er meer borden de school in komen, gaat het makkelijker. Wat de een niet weet, weet de ander wel.”
Bovendien zijn officiële cursussen vaak puur gericht op het omgaan met de software, vindt leerkracht Esther Tel. “Maar het gaat ook om andere zaken - bijvoorbeeld hoe je het bord interactief inzet in je lessen, en hoe je er kleinere groepen leerlingen mee aan de slag kunt laten gaan. Want het is natuurlijk niet de bedoeling dat door het digitale bord de oude, geheel klassikale les weer terugkomt.”
Luxer
Een belangrijk criterium bij de keuze van een bord is uiteraard de prijs. En die prijzen ontlopen elkaar niet zo veel, vindt ict-coördinator De Haas. “Een gemiddeld bord kost zo’n drieduizend euro. Dan heb je er ook een beamer en een paar speakers bij.” Het kan altijd luxer, maar soms ook goedkoper. In juni zijn er vaak aanbiedingen: de oude modellen gaan goedkoper van de hand als er het volgende schooljaar iets nieuws wordt geïntroduceerd. “Dat kan vijfhonderd euro schelen”, zegt De Haas. “En op de NOT zijn ook vaak aanbiedingen te krijgen, zeker als je met een aantal scholen tegelijk inkoopt.”
De Haas adviseert echter om eerst naar het gebruiksgemak van een bord te kijken, en dan pas naar de prijs. “Denk niet: een bord is een bord. Elk bord heeft een andere gebruikers-interface. Als die makkelijk te leren is, gaan leerkrachten er snel mee aan de slag. Anders staan ze voor de klas te stuntelen en worden de leerlingen onrustig - dat motiveert niet.”
De ervaring leert overigens dat een digitaal schoolbord alleen vaak niet voldoende is. Er zijn toch doorgaans nog één of twee vaste borden nodig waar zaken op staan die meerdere uren of dagen bij de leerlingen in beeld moeten blijven - zoals de weektaken. De digitale borden worden dan ook vaak geflankeerd door een of twee whiteboards.
Zonwering
Er mag niet teveel licht vallen op de digitale borden, want anders zijn ze vanuit de klas niet meer leesbaar. “Als je een lokaal hebt waar de hele dag zon op je digitale bord valt, heb je wel zonwering nodig”, zegt leerkracht Esther Tel. Haar collega Gudde uit Oosterhout doet standaard de voorste rij lampen in de klas uit, en gebruikt zonwering als dat nodig is. En hij doet het bord ook wel eens uit. “Want het geeft best wel fel licht, zeker voor de kinderen. Die kijken in feite naar een groot computerscherm.”
De leesbaarheid wordt verder niet bevorderd doordat het digitale bord nogal eens verkeerd wordt geplaatst. Precies op de plek van het oude krijtbord, namelijk, maar dat krijtbord hing nu juist op de plek met het meeste zonlicht. Terwijl het digitale bord op de plek met de meeste schaduw moet hangen.
Leerkracht Gudde is niet erg enthousiast over de digitale pen waarmee hij op het bord moet schrijven. “Er zitten batterijen in, maar daardoor is die pen eigenlijk te dik. Dat maakt het schrijven iets lastiger.” De voordelen van het bord wegen echter ruimschoots op tegen die kleine nadelen, zeggen Tel, Gudde en De Haas. “Zelfs leerkrachten die sceptisch waren, zijn na een paar dagen verkocht.”
De drie zien geen grote toekomst meer voor de traditionele krijtborden. “Ik denk dat beide borden de komende jaren nog naast elkaar gebruikt gaan worden”, zegt Gudde. “Maar er komt natuurlijk ook een nieuwe generatie onderwijzers aan die zelf op de pabo met digiborden heeft gewerkt.” De Haas geeft de krijtborden nog drie tot vier jaar. Tel sluit zich daarbij aan. “Het krijtbord heeft zijn langste tijd echt gehad.”
{kader 1}
Gooi het krijtbord niet weg!
Digitale schoolborden zijn leuk, maar hebben een heleboel nadelen, zegt schrijfdocent Ben Hamerling, medewerker van de Stichting Schriftontwikkeling. “Die borden zijn duidelijk ontwikkeld voor het bedrijfsleven.”
Schrijfdocent Hamerling is niet tegen vooruitgang. Maar hij wordt zo onderhand behoorlijk moe van het gejubel over de digitale borden en van de laatdunkende woorden over het oude, ‘stoffige’ schoolbord. Want in de eerste plaats zijn digitale borden moeilijk leesbaar als er teveel licht op valt. Dus moet de verlichting in de klas vaak worden gedimd. “In het bedrijfsleven, waarvoor die digitale borden in eerste instantie zijn ontworpen, is dat niet erg: daar kun je tijdens een vergadering best even de lampen uitdoen. Maar in het onderwijs kan je toch moeilijk de leerlingen de hele dag in het halfdonker zetten.”
Verder schrijf je als docent veel makkelijker op een traditioneel krijtbord dan op een digitaal bord. “Met een krijtje schrijf je vanuit je schouder: dan krijg je mooie, gelijkmatige letters. Maar op een digitaal bord schrijf je met je vinger of met een pen, en dat doe je vanuit je hand. Dan krijg je kleinere letters, die in de klas moeilijker te lezen zijn.”
Verder hebben de gladde, digitale borden vaak een lagere schrijfweerstand dan de stroeve krijtborden. “Op zo’n digitaal bord ga je als leerkracht snel alle kanten op. Op een whiteboard ook, trouwens. En wij zeggen altijd: rommelig op het bord, rommelig in de schriften.”
Verder komen leerkrachten met zo’n digitaal bord wellicht in de verleiding om in één keer een heleboel informatie te vertonen. “Op een krijtbord bouw je het langzaam op, dat is duidelijker voor de leerlingen. En het blijft langer staan, zodat de informatie kan beklijven. Op het digitale bord is het zo weer weg, als het volgende plaatje wordt getoond.”
Verder zijn digitale borden duur, in aanschaf en gebruik: “Je moet regelmatig de lamp van de beamer vervangen, en die dingen kosten al snel vijfhonderd euro. Als je dan ziet dat veel scholen niet eens genoeg geld hebben om de toiletten schoon te houden...” Krijtborden verslijten daarentegen nauwelijks.
En tot slot heeft een krijtbord ook emotionele waarde. “Als een leerling jarig is, kan de leraar een mooie tekening voor hem maken op het bord. Dat vind een kind altijd prachtig: op het hele bord, speciaal voor hem. Kinderen kunnen dan ook opkijken tegen een leerkracht die zo mooi kan tekenen. En ja, inderdaad, met een digitaal schoolbord kan de leraar een mooie powerpoint-presentatie voor de jarige maken. Maar dat kunnen de leerlingen zelf ook wel.”
Begrijp Hamerling goed: hij twijfelt er niet aan dat het digitale bord enthousiaste gebruikers heeft, en hij wil zelf ook mee met de vooruitgang. “Gooi alleen je krijtborden nog niet weg: gebruik beide borden gewoon naast elkaar.”