- blad nr 1
- 17-1-2009
- auteur E. Went
- Redactioneel
De ene leraar in opleiding vangt honderden euro’s, de ander niets
Waar je kunt cashen
Pabostudenten van Stenden Hogeschool - met vestigingen in Leeuwarden, Assen, Meppel en Groningen - lopen nog maar mondjesmaat een betaalde eindstage, meldt stagecoördinator Jan Kruimink. En dat is eigenlijk onterecht, vindt hij. “Studenten nemen stagescholen namelijk heel wat werk uit handen. Daar mag best iets tegenover staan.”
Hoe anders is dat bij de pabo’s van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) en de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Op deze instellingen heeft ongeveer een op de drie studenten een betaalde lio (leraar in opleiding). Maar het beste af zijn studenten aan de Hogeschool Rotterdam, waar zo’n 53 procent van de eindejaars betaald wordt voor de eindstage. Bij Fontys Pabo Tilburg ligt dat percentage zelfs op 66 procent.
De Aandachtsgroepenmonitor 2007 van ITS bevestigt dit beeld. In de noordelijke provincies Groningen, Friesland en Leeuwarden is het aantal betaalde lio’s per 100 leraren 0 tot 0,3; in Overijssel en Gelderland loopt dat aantal op naar 1; en in de zuidelijke provincies zijn dat er maximaal 3,3 per 100 leerkrachten.
Volgens diezelfde monitor is het aantal betaalde lio’s overigens al jaren dalende: had in het voorjaar van 2007 nog 13 procent van de scholen er een of meer in dienst, in 2006 was dat nog 16 procent en in 2004 zelfs 23 procent. Het aantal lio’s is ook in absolute zin fors gedaald, ongeveer met een kwart: van 1550 leraren in 2005/2006 naar 1300 in 2006/2007.
Toch gaat dat vermoedelijk snel veranderen. De verwachting is dat het aantal betaalde lio’s de komende jaren onder invloed van het lerarentekort en de vergrijzing behoorlijk zal stijgen. Zo ziet stagecoördinator Jim Grigoleit van de HvA nu al dat steeds meer scholen kiezen voor het concept ‘opleiden in de school’. “En ik hoor tegenwoordig ook wel dat derdejaars benaderd worden voor een betaalde stage.”
Ook de Hogeschool Rotterdam ziet binnen vijf jaar tekorten op de regionale arbeidsmarkt ontstaan, en rekent daardoor op een verschuiving naar meer betaalde lio-banen. Zelfs Ton van Houtert, stagecoördinator bij Fontys Tilburg, koploper als het gaat om betaalde lio’s, verwacht dat de groei van betaalde eindstages er voor zijn studenten nog niet uit is. “Integendeel. Zo hebben we nu al contacten met een schoolbestuur dat er nu nog 20 heeft maar er volgend jaar maar liefst 25 wil. Het is maar de vraag of wij in de toekomst genoeg studenten kunnen blijven leveren om aan de enorm stijgende vraag te voldoen.”
Klinkende munt
Stichting de Haagse Scholen, een samenwerkingsverband van 55 openbare scholen, heeft een aantal jaren geleden de betaalde lio-stages nog helemaal afgeschaft. “Vroeger hadden we ze wel, maar toen de personeelstekorten over waren zijn we daarmee gestopt”, aldus directeur Peter Vermeulen van obs de Baanbreker in de Haagse wijk Laak. Maar ook hij acht een kentering niet denkbeeldig. “Als er straks weer krapte op de markt ontstaat, zou het mij niets verbazen als we onze lio’s weer gaan betalen.”
Het ziet er dus, zeker op wat langere termijn, goed uit voor die studenten die hun eindstage willen omzetten in klinkende munt. Maar niet overal. Zo rekenen de HAN-pabo’s erop dat hun aantal betaalde lio’s de komende jaren niet zal stijgen, maar hooguit gelijk zal blijven, omdat er in de regio Arnhem nog absoluut geen sprake is van een lerarentekort. Ook stagecoördinator Kruimink van Stenden Hogeschool rekent niet op een ommekeer: “Bij ons heeft bijna niemand nog een betaalde stage en gezien het hoge aantal mensen op de invallijsten van diverse gemeentes in ons werkgebied, zie ik dat niet zo snel veranderen.” Dus lijkt het er op dat ook in de toekomst studenten beneden de grote rivieren beter af zullen zijn.
{kader 1}
Leraren in opleiding
Sinds 2001 bestaat voor scholen de mogelijkheid om leraren in opleiding (lio’s) aan te stellen. Dat zijn vierdejaarsstudenten die werken en leren combineren. Zij worden aangesteld in het kader van een leerarbeidsplaatsovereenkomst en mogen zelfstandig lesgeven. Ze krijgen een tijdelijk dienstverband van vijf maanden bij een volledige werkweek (blokmodel) of van tien maanden voor een werktijdfactor van 0,5 (lintmodel).
Het bruto salaris van een lio is de helft van een bruto salaris van een beginnende leerkracht bij een volledige betrekking.
{kader 2}
Betaald versus onbetaald
Waarom kiezen scholen voor betaalde lio’s? En waarom juist niet? Twee schooldirecteuren zetten hun argumenten op een rijtje.
“Wij betalen onze stagiairs niet. De budgetten besteden we liever aan regulier personeel, want we streven naar zo klein mogelijke klassen. Bovendien hebben wij hier regelmatig tien stagiairs rondlopen. Zouden we hen allemaal moeten betalen, dan lopen de kosten zo hoog op dat ik mijn eigen personeel geen salaris meer kan geven. Wat we wel doen is stagiairs belonen die het erg goed doen. Zij krijgen een vrijwilligersbijdrage van 150 euro per maand. Maar dat kunnen we ook weer niet structureel doen, want dan hebben we alsnog een probleem.”
Andy de Graaf, locatiedirecteur de Duizendpoot, Oosterhout
“Wij betalen lio’s de wettelijke bijdrage, ofwel de helft van schaal LA1. Waarom? Omdat iemand die de klas draait met zijn voeten in de klei staat. Daar mag best een beloning tegenover staan. Bovendien zit er ook een schoolbelang achter. We kunnen op deze manier namelijk vaste leerkrachten vrijspelen om extra hulp elders in de school te geven. Zo splitsen we dankzij lio’s nu bijvoorbeeld klassen op. Dat hadden we zonder een lio niet kunnen doen.”
Joop Schoonis, de Kaleidoscoop, Utrecht
{portret 1 + foto Ton Poortvliet}
‘Liever leuke stage dan geld’
“Ik ga vanaf januari een half jaar lang stage lopen in groep 7 en 8 van openbare basisschool Pantha Rhei in Tilburg. Een onbetaalde stage, dat wel. De school heeft geen geld om stagiairs te betalen. Maar het wordt zeker wel een leuke stage. Ik heb daar namelijk al eens eerder stage gelopen, bij dezelfde leraar. Dat was voor ons allebei een doorslaand succes. Ik werd heel warm ontvangen en voelde me daar echt thuis.
Doel van de stage is dat ik zelfstandig een klas leer draaien. Dat wordt best zwaar, want er zitten nogal wat zorgleerlingen in deze groep. Dus gaan we in eerste instantie de klas samen doen, de docent en ik. Geleidelijk zal ik steeds meer gaan overnemen.
Ik moet toegeven dat ik best even getwijfeld heb. Kies ik voor geld, wat op zichzelf best handig is, want dan kan ik mijn studiefinanciering stopzetten, of kies ik voor een stage die gegarandeerd leuk wordt? Ik heb voor het laatste gekozen, en daar sta ik nog steeds achter. Ik ken medestudenten die de keuze precies andersom hebben gemaakt, en zij hebben daar echt spijt van gekregen. Dat zal mij niet overkomen.
Eigenlijk vind ik dat alle stages betaald zouden moeten zijn. We doen allemaal immers hetzelfde werk. Maar ik snap ook dat er soms geen budget is.”
Anne van de Schoot, vierdejaars Fontys Pabo Tilburg
foto: Ton Poortvliet
{portret 2 + foto Joost Grol}
‘Ik red het nu zonder bijbaantje’
“Dit schooljaar loop ik een betaalde lio-stage op basisschool de Wingerd in Oisterwijk. Drie dagen per week sta ik voor groep 4. Daar krijg ik 550 euro per maand voor, de wettelijk vastgestelde vergoeding dus.
Ik draai de klas helemaal zelfstandig. De eerste twee weken heb ik gekeken hoe de docent het aanpakte, daarna heeft zij mij twee weken geobserveerd en gevoed met tips. Nu komt alleen af en toe de directeur nog binnenvallen om te zien hoe het gaat. Daarnaast heb ik regelmatig begeleidingsgesprekken met de collega met wie ik samen deze groep draai.
Ik word op school als een volwaardig lid van het team beschouwd. Ik mag bijvoorbeeld zelf handelingsplannen schrijven. Deze constructie geeft mij het gevoel dat ik eindelijk mijn eigen onderwijs kan gaan vormgeven. Voorheen deed ik vaak hetzelfde als mijn mentor. Ook de kinderen zien mij als een gewone leerkracht, waarschijnlijk omdat ik een vol jaar meedraai. Ik ben niet die stagiair die zo af en toe eens les komt geven.
Ik heb niet bewust gekozen voor een betaalde stage, maar voor een stage in mijn eigen dorp, en dat bleek ook nog een betaalde te zijn. Reizen vind ik zo’n gedoe. Voordeel is dat ik het dankzij die vergoeding zonder bijbaantje red. En dus kan ik me helemaal op mijn stage concentreren.
Ik vind het terecht dat scholen een vergoeding voor hun stagiairs betalen. Stagiairs zijn heel gewild en nemen scholen vaak veel werk uit handen. Daar mag dan best iets tegenover staan.”
Daisy Groenland, vierdejaars Fontys Pabo Tilburg
foto: Joost Grol