• blad nr 17
  • 4-10-2008
  • auteur J. van Aken 
  • de Vereniging

 

Profiteren van de gymnasiale populariteit

Overleg en praktische uitwisseling van ideeën was de insteek van de eerste werkconferentie van de Belangengroep Gymnasiale Vorming. Een werkgroep over het gymnasium binnen een scholengemeenschap werd druk bezocht. “We hebben geprofiteerd van de groeiende populariteit van het gymnasium.”

De werkconferentie van de Belangengroep Gymnasiale Vorming (BGV) op 18 september in Utrecht trok ruim zestig bezoekers. “Door elkaar vandaag praktische voorbeelden te vertellen, kunnen bezoekers ideeën oppikken”, hoopte Math Osseforth, voorzitter van de BGV. “Zo zijn veel scholengemeenschappen bezig met de vraag hoe ze een gymnasiumafdeling kunnen organiseren.”
Een antwoord kwam tijdens de goed bezochte werkgroep ‘Het gymnasium binnen een scholengemeenschap’. Sectorleider Hans Campman van Christelijke Scholengemeenschap Calvijn uit Rotterdam deed, gesecondeerd door 6-gymnasiumleerlingen Clara en Eline, Gymnasium Calvinum uit de doeken. “We hebben geprofiteerd van de groeiende populariteit van het gymnasium. Nu is het een school met vierhonderd gymnasiumleerlingen op een totaal van 4400, waarmee we volgens de BGV de grootste gymnasiumafdeling binnen een scholengemeenschap zijn.”
Als gymnasiale afdeling is het belangrijk je goed te profileren ten opzichte van de atheneumafdeling en vooral ten opzichte van de twee categorale gymnasia in de stad, vertelt Campman. Dat doen ze met een speciale gymnasium voorlichtingsavond. “Tijdens die avond benadrukken we het eigen karakter van het gymnasium binnen de school. In tegenstelling tot categorale gymnasia staan we door de verschillende niveaus en de gekleurde leerlingpopulatie midden in de samenleving. Ouders die voor ons kiezen, zeggen vaak: We willen ons kind in de werkelijke wereld hebben. En mochten ze onverhoopt het gymnasium niet redden, dan kunnen ze hun opleiding binnen de school afmaken.”
Ook Eline koos bewust voor een scholengemeenschap. “Een brede scholengemeenschap leek mij leuker dan een categoraal gymnasium”, verklaart ze.

- Drama
Het gymnasium is er voor begaafde leerlingen, vandaar het schoolmotto ‘meer dan het gewone’, dat zowel binnen als buiten de lessen terugkomt. Binnen de lessen krijgen de leerlingen vanaf het eerste jaar filosofie en Latijn, van leraren uit het aparte gymnasiumteam voor klas 1 tot en met 6. “Het streven is dat teamleden 70 procent van hun lessen aan gymnasiumklassen geven”, zegt Campman.
Tijdens het ‘gymnasiumuur’ in de eerste en tweede klas kunnen allochtone leerlingen hun taalniveau bijspijkeren en verdiepen andere leerlingen zich in verrijkingsstof. “Een project over uitvindingen en ontdekkingen, archeologie of lessen Spaans”, noemt de sectorleider als voorbeelden.
De 6-gymnasiumleerlingen maken geheel zelfstandig een dramaproductie. “We oefenen zelfstandig en zoeken sponsors. Het vormt de afsluiting van de lessen klassieke culturele vorming”, vertelt Clara.
Buiten de lessen heeft de school een cultuurkring, waarbij een leraar Nederlands bijvoorbeeld een betoog hield over het boek De Vliegeraar. “Ouders en leerlingen met een Afghaanse achtergrond reageerden op het waarheidsgehalte van het boek”, zegt Campman.

Gymnasiumgevoel
Risto van Peursen, docent klassieke talen van het Christelijk College de Populier in Den Haag, vond het nuttig te horen waar zijn collega’s mee bezig zijn. De Populier heeft een gymnasiale richting die in de tweede klas start. De projecten van het Calvijn hebben Van Peursen op ideeën gebracht. “Bij de klassieke talen kun je ook andere vakken betrekken.” Ook de Gymnasiumdag (Dies natalis) van Calvijn, met workshops als verhalen vertellen, schaken en klassieke schilderingen, vindt hij een goed idee. “Op een kleinschalige manier kunnen wij ook activiteiten organiseren om het gymnasiumgevoel van leerlingen te versterken.”

Meer informatie op www.bgv.aob.nl

Dit bericht delen:

© 2020 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.