• blad nr 17
  • 4-10-2008
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

 

Aan bestaande hoge beloningen kan Plasterk niets doen

Een salarisplafond voor onderwijsbestuurders mag niet leiden tot constructies waarbij het salaris met lucratieve secundaire arbeidsvoorwaarden of vertrekregelingen wordt aangevuld. Dat schrijft minister Plasterk van Onderwijs in antwoord op Kamervragen.

De PvdA- en SP-fracties in de Tweede Kamer stelden de minister schriftelijke vragen naar aanleiding van een AOb-onderzoek naar beloningen in het hoger onderwijs. Plasterk schrijft dat hij de toezichthouders in het onderwijs zal ‘blijven aanspreken’ bij buitensporige beloningen. De minister vindt niet dat de beloning van onderwijsbestuurders weer cao-bepaald zou moeten worden.
Het kabinet werkt aan een normering van de topsalarissen van bestuurders in de semipublieke sector. Het onderwijs staat daarbij het strengste regime te wachten: een wettelijk vastgelegd salarisplafond. Die salarisgrens, gekoppeld aan het verhoogde ministerssalaris, zou uitkomen op 176.000 euro. Vraag is: Wat valt daar nu precies onder? Minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken gaf tijdens een overleg met de Kamer vorige maand aan dat de nieuwe norm naast het vaste loon ook bonussen en andere salariscomponenten zal omvatten. Pensioenpremies en vertrekregelingen zijn bij die 176.000 euro niet inbegrepen, aldus Ter Horst. Een commissie onder leiding van VVD’er Hans Dijkstal werkt op verzoek van Ter Horst aan een advies over ontslagregelingen.
Sommige Kamerfracties, waaronder GroenLinks, uitten tijdens het overleg de zorg dat een salarisplafond constructies tot gevolg hebben waarin buiten het directe salaris aanvullende beloningsafspraken en arbeidsvoorwaarden worden vastgelegd.
Vragen over de precieze definitie van het salarisplafond kan het ministerie van Binnenlandse Zaken op dit moment nog niet beantwoorden.

Openbaar
Aan de raad van toezicht van de Hogeschool Leiden heeft minister Plasterk opheldering gevraagd over de beloning van voormalig collegelid Vork. Die nam na een dienstverband van 32 jaar eind 2007 afscheid van de instelling en staat in de boeken met een totale bezoldiging van ruim zes ton. Plasterk wijst erop dat hij niet kan ingrijpen in bestaande contracten en salarisafspraken. Bij nieuwe benoemingen zal hij zijn invloed doen gelden, schrijft de minister. De toezichthouders van de Universiteit Groningen en Technische Universiteit Delft heeft hij eerder aangesproken toen er nieuwe bestuurders werden aangetrokken.
De commissie-Dijkstal buigt zich ook over de effecten van de Wet op de openbaarmaking van publieke topinkomens. Die gebiedt instellingen in de (semi)publieke sector beloningen boven een normbedrag openbaar te maken.
Wanneer een wettelijke normering van bestuursbeloningen wordt ingevoerd, is nog niet duidelijk. Voor een aantal sectoren komt er eerst een apart Kameroverleg met de betrokken bewindspersoon. Ook over het onderwijs zal de Kamer nog in debat treden met minister Plasterk.

Dit bericht delen:

© 2020 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.