- blad nr 5
- 8-3-2008
- auteur L. Douma
- Redactioneel
Meeste uitzenddocenten in mbo
Het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt (SBO) ondervroeg in een panelonderzoek ruim 1300 schoolbestuurders, managers en p&o-functionarissen van het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Zij bleken niet massaal gebruik te maken van uitzendkrachten. Driekwart van de panelleden in het mbo huurt wel eens een uitzendkracht in of is van plan dit binnenkort te doen. In het basisonderwijs (31 procent) en voortgezet onderwijs (54 procent) ligt dit aandeel significant lager.
Een ruimer gebruik van uitzendkrachten kan lerarentekorten voor de korte termijn oplossen. ‘Het kan echter ook de aantrekkelijkheid van het werken in het onderwijs verminderen (geen vaste secundaire arbeidsvoorwaarden, grotere omloopsnelheid van personeel) en zo de problemen op lange termijn verergeren’, schrijven de onderzoekers.
Ongeveer een vijfde van de respondenten vindt het inzetten van uitzendkrachten een (zeer) slecht fenomeen. Het grootse deel staat er neutraal tegenover (36,7 procent). Iets meer dan een kwart is (zeer) positief.
Panelleden die nooit een uitzenddocent inhuren, hebben daarvoor verschillende motieven. Zij hebben vaste invallers en beschikken over voldoende interne achtervang. Of ze vinden uitzendleraren te duur. Daarnaast zegt een groep panelleden dat de uitzendleraren te weinig binding hebben met de school of onvoldoende kwaliteit in huis hebben.
De AOb vreest dat het slecht is voor het pedagogisch-didactisch klimaat in een school als mensen er een paar uurtjes of slechts voor korte tijd komen werken. Ook maakt de bond zich zorgen over de arbeidsvoorwaarden van uitzendkrachten.
In het mbo zegt 58 procent dat het aantal uitzendkrachten toeneemt. In het basisonderwijs bevestigt 25 procent van de panelleden een groei.