• blad nr 5
  • 8-3-2008
  • auteur G. van der Mee 
  • Redactioneel

 

Amsterdamse scholieren krijgen laag advies

Amsterdamse leerkrachten wijzen hun leerlingen veel vaker door naar het leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) dan elders gebeurt. Na correctie op achtergrondkenmerken, zoals het opleidingsniveau van de ouders, blijkt de kans daarop in Amsterdam drie zo groot te zijn. Dit meldt het SCO-Kohnstamm Instituut van de Universiteit van Amsterdam. De toenmalige onderwijswethouder Ahmed Aboutaleb had om een onderzoek gevraagd vanwege het grote aantal leerlingen (20 procent) dat niet het beoogde eindniveau in het basisonderwijs haalt.
Volgens de onderzoekers zijn er verschillende oorzaken aan te wijzen. Meestal gaat het om leerlingen met een onderwijsachterstand van één tot anderhalf jaar. Zij worden in Amsterdam vaker getest dan op andere plaatsen in het land met het oog op een lwoo-advies. Vooral voor allochtone leerlingen met een taalachterstand vallen deze tests vaak negatief uit omdat de tests erg ‘talig’ zijn.
Uit het onderzoek van SCO-Kohnstamm komt naar voren dat deze leerlingen wel normaal scoren op rekenen. En ook dat scholen die veel lwoo-adviezen verstrekken, van de inspectie een negatief oordeel kregen over leerlingenzorg. De onderzoekers pleiten onder andere voor uitbreiding van de leertijd. In die extra uren zou vooral veel aandacht besteed moeten worden aan taalonderwijs. (GvdM)

*Het rapport ‘Achterblijven in Amsterdam?’ is te vinden op www.sco-kohnstamminstituut.uva.nl

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.