- blad nr 20
- 17-11-2007
- auteur R. Voorwinden
- Redactioneel
Basisschool leert omgaan met mondige ouders
Aikido, paarden mennen en één lijn trekken
Hoezo gaat mijn kind niet over naar de volgende groep? Hoezo besteden jullie geen extra aandacht aan de noden van mijn hoogbegaafde zoon? Hoezo heeft mijn dochter remedial teaching nodig? Openbare basisschool de Tovercirkel in Heerlen heeft het maar druk met al die vragen van mondige ouders.
“Ouders zijn soms verbaal heel sterk en gewend om hun zin te krijgen. En daar kunnen ze heel ver in gaan”, zegt directeur Adri Rooijakkers van de Tovercirkel. “Ze lezen ook bladen als Ouders van Nu en J/M en denken dat ze hun eigen intelligentie genetisch hebben doorgegeven aan hun kinderen. Als hun kind dan mindere prestaties haalt dan ze gehoopt hadden, is dat de schuld van die sukkels van leerkrachten.”
Het stroeve contact met de ouders vrat aan de school. “Ik zag met lede ogen aan dat leerkrachten die naar eer en geweten hun werk probeerden te doen, soms niet meer normaal konden functioneren”, zegt Rooijakkers. Het ziekteverzuim was mede hierdoor opgelopen tot een schrikbarende zestien procent; de school had al diverse keren hulp gezocht bij lokale onderwijsondersteuners. Rooijakkers: “Maar die bureaus dragen allemaal hun eigen oplossingen aan. Oplossingen die te simpel of te dogmatisch zijn, maar die in elk geval niet werkten omdat de leerkrachten van de Tovercirkel er in de praktijk niets mee konden.”
Dominante mensen
Begin dit jaar zocht de Tovercirkel hulp buiten het vaste onderwijscircuit. “Overmatige assertiviteit komt niet exclusief in het onderwijs voor, het verschijnsel is overal, ook in het bedrijfsleven. Dus zijn we eens gaan kijken of dáár oplossingen te vinden waren.”
Zo kwam de school terecht bij bureau ZEST, dat de leerkrachten onder andere uitnodigde in een manege. Daar stond een paard in de bak en de leerkrachten werden aangespoord om contact met het paard te maken en het in beweging te laten komen. Zonder hulpmiddelen als hoofdstel of halster, puur door overtuigend op te treden.
De oefening maakte grote indruk op Filomena Masala, leraar van groep 1 en 2 op de Tovercirkel. “Ik had nooit iets met paarden te maken gehad, maar het dier liep bij mij vrijwel direct. Het gaat erom dat je stevig in je schoenen staat en vasthoudt aan je eigen gevoel: bijvoorbeeld dwingend of uitnodigend. De oefening liet heel duidelijk zien dat er niet één beste manier is om dingen bij anderen voor elkaar te krijgen. Die ervaring heeft me echt diep geraakt.”
“De oefening draait om je ruimte innemen, je plek innemen, leiding en richting geven”, zegt Marie Therese Corbey, trainer van ZEST training & coaching. “Het klinkt misschien zweverig, maar een paard is een spiegel van je eigen gedrag. Als jij je kleinmaakt zal een dominant paard over je heen walsen. En dat doen dominante mensen ook.”
Zelfvertrouwen
Omgaan met mensen vergt dus dat je als leerkracht stevig in je schoenen staat. Corbey: “Tijdens de oefening zie je dat sommige leerkrachten heel erg gaan nadenken. Dan doet dat paard dus helemaal niets. Het draait om een basaal zelfvertrouwen.”
Na de sessie in de manege volgde er onder andere een introductie in aikido, een oosterse verdedigingssport waarbij meebewegen in plaats van weerstand bieden centraal staat. Daarna konden de leerkrachten in sessies met acteurs moeilijke situaties met ouders naspelen. Daarop kregen ze feedback van de acteurs en hun collega’s.
Directeur Rooijakkers werd bij enkele sessies weggestuurd. “De trainers kregen het idee dat leerkrachten soms sociaal wenselijke antwoorden gaven als ik aanwezig was. Omdat je in het bijzijn van je directeur niet graag toegeeft dat je ergens moeite mee hebt. Prima, dan ga ik toch even weg?”
Uit die sessies heeft de Tovercirkel geleerd hoe belangrijk het is om één lijn te trekken. Rooijakkers: “We waren van nature geneigd om de ouders een heel stuk tegemoet te komen. Maar als één leerkracht net wat soepeler is met een overgangsnorm dan de ander, heeft die ander wel meteen een probleem.”
Verder leerden de leerkrachten om gesprekken met ouders op hun eigen voorwaarden te voeren. Trainer Corbey: “Het komt regelmatig voor dat een ouder na schooltijd even de leerkracht aanschiet. Terwijl die nog bezig is om de dag af te ronden. Dan is het heel legitiem om tegen de ouder te zeggen dat je hem of haar graag te woord staat, maar dan morgen. En of je even mag weten waarover het gaat, zodat je je kunt voorbereiden. Neem, heel praktisch, zelf het heft in handen.”
In de sessies bleek ook dat er duidelijker moet worden gepraat met ouders. “De inspectie had ons er ook al eens op gewezen dat wij veel van de problemen zelf opriepen door onduidelijke communicatie”, zegt Rooijakkers. “Er moet volstrekt duidelijk zijn wat wij wel en niet kunnen doen voor een kind. We zijn op dit moment bijvoorbeeld bezig met het ontwikkelen van een programma voor hoogbegaafde kinderen. We hebben meteen vastgelegd dat we niet in discussie gaan over de vraag of een leerling al dan niet hoogbegaafd is. Daar zijn criteria voor en daar houden we aan vast. Dan kun je ook niet omver geblazen worden door een ouder die vindt dat zijn kind wèl hoogbegaafd is.”
Balans
Dergelijke voorwaarden – één lijn in de school, met vaste afspraken en criteria – helpen de leerkrachten ook om steviger in hun schoenen te staan. Het belangrijkste dat Esther Bonné, leerkracht van groep 7, uit de bijeenkomsten heeft gehaald, is het inzicht dat assertief gedrag ook kan voortkomen uit bezorgdheid. “Als een ouder zich dwingend opstelt, komt dat doorgaans voort uit bezorgdheid voor zijn kind. In dat geval is het beter om samen te zoeken naar een oplossing in plaats van in verzet te gaan. Ik zeg tegenwoordig: ‘Ik zie dat je boos bent, waar komt dat door?’ Ik kijk door weerstand heen, en sta daardoor veel krachtiger in mijn schoenen.”
Leerkracht Masala uit groep 1 en 2 voelt zichzelf meer in balans. “Ik was te aangepast, te invoelend. Ik heb geleerd om grenzen te stellen. Je moet een duidelijke boodschap geven, ook al komt die hard over.”
Directeur Rooijakkers is zeer tevreden over de behaalde resultaten. Al is één ding nog niet erg van de grond gekomen: het elkaar onderling aanspreken. “Het is not done om collega’s aan te spreken, bijvoorbeeld op afspraken die niet worden nagekomen. Daar is nog veel meerwaarde uit te halen.” Maar verder niets dan lof over de trainingen. “Ik heb de afgelopen jaren vier dikke schriften volgeschreven met verslagen van oudergesprekken over incidenten. Dit schooljaar heb ik pas twee van die gesprekken gehad. Omdat we nu als collectief optreden in het belang van het kind, in plaats van individueel steeds andere signalen te geven. Waardoor we het ene na het andere brandje moesten blussen.”