- blad nr 7
- 7-4-2007
- auteur J. van Aken
- de Vereniging
Controle op de beleidsbepalers
“Dat zijn heel actuele thema’s waarmee scholen in de dagelijkse praktijk geconfronteerd worden”, vertelt Piet Uneken, algemeen directeur van de Stichting Primair Openbaar Onderwijs Noord-Veluwe. Daarnaast is Uneken bestuurslid van de directiegroep primair onderwijs van de AOb.
De schoolleiders discussieerden onder leiding van Frans Brekelmans, bestuursadviseur van de AOb, over wat goed bestuur - good governance - is. Ofwel, wie controleert de beleidsbepalers? Brekelmans schetste twee modellen. Een met bestuur en directie en een model met een college van bestuur en een raad van toezicht.
De openbaar onderwijs in Noord-Veluwe heeft het eerste model met een bestuur dat vrij ver op afstand staat, jaarlijks komen ze vijf keer bij elkaar, en met een ruim mandaat voor de algemeen directeur. Overweegt de stichting een collegebestuurder aan te stellen die dagelijks een vinger in de pap houdt? “Die behoefte is er vanuit de praktijk niet”, zegt Uneken. Nu voeren de elf directeuren gezamenlijk overleg. “De grote lijnen beslissen we gezamenlijk, de onderwijskundige invulling op schoolniveau geven de directeuren zelf”, licht hij toe.
Uneken vindt de juridische verdieping die Brekelmans aanbrengt het waardevolle aan de masterclass. Hij noemt het voorbeeld van een raad van toezicht waarin verschillende groepen vertegenwoordigd waren. Onder druk van hun groep waren die vertegenwoordigers tegen een eerder genomen meerderheidsbesluit. Maar dat vond de rechter niet kunnen, vertelde Brekelmans. De rechterlijke uitspraak was dat een toezichtsraad met één mond moet spreken.