• blad nr 1
  • 13-1-2007
  • auteur . Overige 
  • Redactioneel

 

De markt verandert, ook zonder ‘gratis’ schoolboeken

Niet ouders, maar scholen zelf betalen straks waarschijnlijk voor schoolboeken en andere leermiddelen. Ouders zijn daarmee een kostenpost kwijt. Scholen gaan wellicht bewuster kiezen welke schoolboeken ze nodig hebben. Maar volgens de educatieve uitgevers verandert er niet veel. Zij moeten sowieso al veel meer dan vroeger inspelen op de wensen van scholen.

Het moet nog beklonken worden in de kabinetsformatie, maar het heeft er alle schijn van dat ouders van leerlingen in het voortgezet onderwijs voortaan niet meer hoeven te betalen voor schoolboeken. Het plan ligt al klaar: als alles meezit, kan de maatregel volgens demissionair minister Van der Hoeven komend schooljaar zelfs al van kracht worden.
Veel scholen zijn blij met de maatregel. “Die verlost ons van emotionele taferelen”, zegt Martin Jacobs van het Commanderij College in Gemert. Zijn school werkt met een intern boekenfonds. Dat betekent dat de school zelf de boeken aanschaft. Die verhuurt ze vervolgens aan leerlingen. Omdat ze die boeken in vier jaar afschrijft, komt de huurprijs een stuk lager uit dan de aankoopprijs van nieuwe boeken. Maar desondanks zijn er ouders die de boeken niet kunnen betalen. “Ze krijgen weliswaar een vergoeding via de Wet tegemoetkoming studiekosten”, weet Jacobs. “Maar ja, dat geld is vaak al op aan andere zaken voordat ouders aan het betalen van schoolboeken toekomen. Daar zit een hoop verborgen ellende in gezinnen achter. Besteden we het geld aan de schoolboeken van onze Henk of aan de reparatie van de auto?”
Dat is precies de reden waarom ouderorganisaties al jaren ijveren voor de maatregel die in de lucht hangt. Nu nog bepalen de scholen welke boeken ouders moeten aanschaffen. Straks zijn het de scholen die bepalen èn betalen. Het geld daarvoor – volgens het ministerie van Onderwijs 290 miljoen euro per jaar – krijgen de scholen van het rijk. Het scheelt ouders zeker een paar honderd euro per schoolgaand kind per jaar.
Werner van Katwijk van ouderorganisatie Ouders & Coo is dan ook een tevreden man. Hij voorziet louter goeds als gevolg van de maatregel. “Ik verwacht dat scholen veel bewuster, veel kritischer zullen kijken naar de leermiddelen die ze nodig hebben”, zegt hij. “Nu wordt de discussie tussen een vaksectie en de schoolleiding over de noodzaak van nieuwe, duurdere boeken vaak beslecht met een ‘vooruit dan maar’. Als boeken straks door scholen zelf betaald worden, zal dat minder snel gebeuren.”

Kleurenfoto’s
Maar wat gebeurt er op de markt voor schoolboeken als een van de partijen op die markt - de scholen - een andere rol krijgt? Zullen scholen echt andere keuzes gaan maken? En welke gevolgen zal dat dan hebben voor de andere partijen op de markt: de uitgevers en de educatieve boekhandel?
Een voor de hand liggend gevolg is dat scholen eerder voor de goedkoopste boeken kiezen in plaats van voor de beste. Niet de kwaliteit, maar de prijs wordt dan doorslaggevend. Maar Van Katwijk is daar niet bang voor. “Kwaliteit is zo belangrijk in het onderwijsbeleid, en de inspectie en ook ouders zitten daar bovenop.”
Scholen zelf verwachten dat de druk om prijs en kwaliteit met elkaar in evenwicht te brengen vooral bij de uitgevers komt te liggen. “Die zullen zich moeten afvragen: moeten we dit boek echt op zulk duur papier drukken, hebben we echt kleurenfoto’s nodig?”, denkt Jacobs van het Commanderij College.
“Uitgeverijen zullen innovatief moeten denken”, zegt Herman Bosman van het Ashram College in Alphen aan den Rijn. Zijn school heeft een extern boekenfonds: boekgroothandel Van Dijk Educatie levert de school alle benodigde boeken en stuurt de factuur daarvoor naar de ouders. Straks kan die factuur dus naar de school, maar verder verandert de rolverdeling tussen school en boekhandel niet, verwacht Bosman.
Maar voor uitgeverijen kan er wel iets veranderen, voegt hij eraan toe. Als scholen niet uitkomen met hun budget, moeten die zich aanpassen in hun aanbod. “Minder volumineus drukwerk, meer digitaliseren”, vat hij zijn verwachtingen samen. “Vooral werkboeken zullen onder druk komen te staan. Die gebruik je één keer en gooi je daarna weg.”
Scholen zullen waarschijnlijk meer maatwerk eisen als ze bewustere keuzes maken, voorspelt Van Katwijk van Ouders & Coo. “Scholen zullen niet langer willen werken met methodes die maar ten dele overeenkomen met hun wensen. Ze zullen minder volledige methodes willen aanschaffen en meer met halffabricaten gaan werken. Die trend doet zich nu al voor en die wordt versterkt als scholen zelf een budget voor leermiddelen krijgen.”

Desillusies
Maar volgens uitgevers en boekhandelaren verandert er niet veel. “Ik waarschuw voor desillusies”, zegt Hans van der Wind over de her en der verwachte heilzame effecten. Hij is directeur van Van Dijk Educatie, met ongeveer een half miljoen klanten een grote partij in de leermiddelenbranche. “Het geld gaat straks naar de scholen, ja, maar het blijven de vaksecties die beslissen. Ik verwacht niet dat die inhoudelijk heel andere keuzes gaan maken”, zegt hij. “Als een school niets wil veranderen, hoeft dat ook niet. En ik krijg geen signalen dat veel scholen het anders willen.”
Ook Stephan de Valk laat relativerende geluiden horen. Hij is bestuurslid van de GEU, de brancheorganisatie van educatieve uitgeverijen, en werkt zelf bij uitgeverij Wolters-Noordhoff. Er zijn drie ontwikkelingen gaande op het gebied van leermiddelen, legt hij uit, waarvan de maatregel om scholen een budget voor schoolboeken te geven er maar één is. De andere twee zijn de groeiende autonomie van scholen en de multimedialisering. “Doordat scholen autonomer worden, stellen ze vaker specifieke eisen aan hun leermiddelen”, aldus De Valk. “Daardoor versnippert de markt. En je hoeft geen economie gestudeerd te hebben om te begrijpen dat dat de prijzen opdrijft.”
Ook het toenemende gebruik van multimedia maakt leermiddelen er niet goedkoper op. “De prijs van leermiddelen wordt nu eenmaal grotendeels bepaald door de ontwikkelkosten. En die zijn nu eenmaal hoger bij digitaal materiaal”, zegt De Valk. “Het kloppen van een hart kun je veel beter laten zien via een animatie dan met vier plaatjes. Maar die animatie is wel een stuk duurder.”
Beïnvloedt de ene trend de andere? Nauwelijks, denkt De Valk. Wie de leermiddelen ook betaalt, de multimedialisering zal doorzetten, net als de groeiende autonomie van scholen. “Scholen gaan beter nadenken over hun leermiddelen. Ze weten steeds beter wat ze willen”, zegt De Valk. “Voor ons is dat een uitdaging. Veel meer dan vroeger moeten we samen met de scholen tot oplossingen komen.”

Naslagwerk
Ook de GEU laat een waarschuwing horen. Inderdaad, scholen vragen steeds meer om (al dan niet digitaal) maatwerk. Maar die trend wordt wellicht niet versterkt, maar juist abrupt afgebroken als scholen hun eigen leermiddelenbudget krijgen. Door de versnipperende markt en de hoge ontwikkelkosten van digitaal materiaal worden leermiddelen de komende jaren hoe dan ook duurder, legt De Valk uit. “Het ministerie zegt nu dat 290 miljoen genoeg is. Als dat budget vervolgens met de ogen dicht alleen maar aangepast wordt aan de inflatie, dan komen scholen binnen afzienbare tijd geld tekort. En dan hebben zij geen ruimte meer om te vernieuwen.”
Tenzij scholen het voortaan zelf uitzoeken. Zoals het Stedelijk Lyceum in Enschede. Samen met elf andere scholen in Oost-Nederland ontwikkelt die digitaal leermateriaal, buiten de educatieve uitgeverijen om. “Er zijn al veel opensource-producten beschikbaar, vooral uit Engeland”, zegt rector Hans Reiber van het Stedelijk Lyceum. “Dat passen we nu aan voor eigen gebruik.” De elf scholen hebben samen veertig docenten voor twee dagen per week vrijgesteld voor dit werk. “Leuk en uitdagend werk”, vindt Reiber. “Docenten zijn zo veel meer met de inhoud van hun vak bezig.”
Als alles volgens plan verloopt, hebben leerlingen van het Stedelijk over een paar jaar nauwelijks nog schoolboeken nodig. Het overheidsgeld dat de school daar straks voor krijgt, is desondanks meer dan welkom. “Dat ga ik steken in de professionalisering van docenten”, zegt Reiber.
Werkboeken worden er aan het Stedelijk nu al weinig meer gebruikt. Lesboeken zullen misschien nog wel in het schoolgebouw te vinden zijn, maar vooral als naslagwerk. “Die koop ik eenmalig”, zegt Reiber. “Nee, uitgevers zijn niet blij met mij.”

[kader]

Luchtballonnetje wordt heus plan

Het leek een luchtballonnetje in verkiezingstijd: ‘gratis’ schoolboeken in het voortgezet onderwijs. Een aantal politieke partijen had het al in het verkiezingsprogramma staan en toen ook de congressen van CDA en PvdA hun partij dwongen die maatregel in het programma op te nemen, was de Kamermeerderheid een feit. Dat bleek tijdens de behandeling van de OCW-begroting, half oktober. In een motie werd minister Van der Hoeven gevraagd een plan van aanpak op te stellen waarmee een toekomstige kabinetsformateur uit de voeten zou kunnen.
Het plan ligt er sinds begin december. Het ministerie gaat uit van een bedrag van 308 euro per schoolkind per jaar en komt zo op een bedrag van 290 miljoen euro per jaar. Maar omdat de overheid straks minder hoeft te betalen aan tegemoetkoming in studiekosten, komen de extra kosten uiteindelijk uit op 210 miljoen. Atlassen, rekenmachines en woordenboeken moeten ouders overigens ook in de toekomst zelf aanschaffen.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.