• blad nr 22
  • 16-12-2006
  • auteur T. van Haperen 
  • Opinie

Ton van Haperen over intimidatie 

Leraren hoeven niet bang te zijn

Een vriend van Ton van Haperen belt en raadt hem aan naar Netwerk te kijken. Daarin een leraar met spreekverbod, door school opgelegd. Het zoveelste voorbeeld van intimidatie in het onderwijs. Of Van Haperen zoiets ook niet heeft meegemaakt? Dat valt wel mee, mompelt hij en zet snel de televisie aan. Daar ziet hij een opgewonden Pierre Diederen die niks mag zeggen, dat toch doet en met ontslag bedreigd wordt. De schoolleiding weigert commentaar.

De aanleiding van dit arbeidsconflict is een filmpje van de SP. Ik surf naar de website en zie Diederen op een duikplank staan. SP-voorzitter Jan Marijnissen geeft commentaar. Hij babbelt over de menselijke maat. Verder weinig bijzonderheden. Diederen is geen klokkenluider die de vuile was buiten hangt. Hij neemt stelling in het publiek debat. Zijn wrevel luidt: geld gaat naar de organisatie en niet naar leraren en leerlingen. Een tweede klas vmbo dient als bewijs. Deze groep van 29 kinderen kent veel probleemgevallen. Volgens Diederen bestaat een verband tussen groepsgrootte en uitval. Ik herken de redenering van Diederen en verklaar me solidair middels een door de SP opgestelde e-mail richting schoolleiding*. Een dag later krijg ik antwoord. Er zijn geen disciplinaire maatregelen genomen, de media geven de zaak eenzijdig weer.
Punt is dat leraren doodsbang zijn om in dit soort uitzichtloze situaties terecht te komen. De idee dat kritiek leidt tot intimidatie van management, uiteindelijk uitmondend in ontslag, wordt breed gedragen. Dat is niet helemaal terecht.
Ik sta voor de klas, schrijf tien jaar over onderwijs en breng een boodschap naar buiten waar menig manager van gruwelt. Met schoolleiders heb ik nooit problemen gehad. Wel ben ik licht geïntimideerd door de voorzitter van mijn bestuur. Ik was daar boos over en beriep me op de vrijheid van meningsuiting. In de krant schrijven dat besturen het onderwijs verlammen, kartels zichzelf immuniseren voor wensen van afnemers, bovenschools managers in schaal 16 niks zitten te doen, het moet mogen. Maar ik begrijp best dat aan de andere kant van de kloof het argument nestbevuiling opdoemt. De bestuurder heeft dan ook het recht iets van mijn artikelen te zeggen. Beschermen van de organisatie is immers zijn werk. Feitelijk niks aan de hand dus. Ieder speelt zijn rol en daarbij wordt van twee kanten geïntimideerd. Zolang dit binnen zekere grenzen van fatsoen blijft, is het niet meer dan een maatschappelijk aanvaard potje schaduwboksen, met als inzet het grote gelijk.

Beeldvorming
De nieuwe voorzitter van de VO-Raad, Sjoerd Slagter, ziet dat schaduwboksen echter anders. Letterlijk zegt hij in zijn speech tijdens de openingsconferentie van de VO-Raad: “Bent u het niet zat voortdurend geconfronteerd te worden met verhalen over tegenstellingen tussen docenten en directies, tussen professionals en bobo’s, tussen school en samenleving?” Slagter reduceert daarmee de klachten tot beeldvorming. Ook in zijn analyse hebben de media het gedaan. Ten onrechte, want in werkelijkheid wordt het hedendaags onderwijs verscheurd door een structurele belangentegenstelling.
Die is ingezaaid in 1994. In dat jaar legt het Schevenings akkoord de autonomie van schoolbesturen vast. Even later maakt de lumpsum het karwei af. Besturen professionaliseren, doen noodgedwongen aan fondsvorming en importeren het managementdenken. Vanaf dan woekeren de voorwaarden voor strijd als onkruid in een moestuin. Stevige financiële reserves zijn goed voor de continuïteit van de organisatie en de leraar ziet zijn klassen tot aan de rand toe vollopen. Vandaar dat in de docentenkamers het voorpaginabericht ‘Middelbare scholen potten miljoenen op’ van de Volkskrant van 30 november het prikbord haalt. Elk keer zullen dit soort nieuwsfeiten een golf van rancune boven brengen. Lessenaantal, groepsgrootte, begeleidingstaken en het aantal te verwerken leerlingen zijn de afgelopen jaren eerder gestegen dan gedaald. Is er geld, dan gaat het naar ict en management.
Ook over het werk in de klas ontstaat onenigheid. In het managementdenken is besturen een vak apart, losgezongen van product of sector. Beheer van een organisatie is een kwestie van sterkte-zwakteanalyse, organisatiedoelen en cultuuromslag. Aankoop van een onderwijsvisie bij een pedagogisch centrum biedt de remedie tegen kwaliteitsproblemen. De leraar past vanwege zijn specifieke vakachtergrond niet in dit organisatieparadigma. Hij is duur en beperkt inzetbaar, een remmer met vaste aanstelling. De reactie op dit dedain ligt voor de hand. Leraren ontwijken decentraal beleid door zich in te graven.
In een bedrijf corrigeert de markt intuïtief en inefficiënt bestedingsgedrag. Als het autobedrijf Fiat verlies draait, constateert wonderdokter Sergio Marchionne dat de lonen in de productie slechts 6 procent van de totale kosten bedragen. En dus vliegen de managers met hun hofhouding eruit. Het resultaat? Vier kwartalen achter elkaar winst, zo meldt The Wall Street Journal van 26 oktober. In het onderwijs zou de overheid de sector slank moeten houden, maar het Schevenings akkoord legt de minister aan de ketting. Door het ontbreken van checks and balances is de moderne school als Bob Dylan in zijn slechte tijd. De begeleidingsband zette het ene nummer in, hij zong het andere en klonk als een jankende hond die vastzat in het prikkeldraad**.

Bang
Ik zat even geleden in een forum en hoorde een schoolleider over vakleraren zeggen: ‘Neem nou Philips. Een werknemer in Eindhoven wil gloeilampen maken. Nou, dat kan niet meer.’ Mooi beeld, maar ook niet meer dan dat. Inderdaad, de productie van gloeilampen is verplaatst naar lagelonenlanden. Daardoor wint onderwijs aan belang. Van lesgeven is inmiddels redelijk bekend wat werkt. Opleidingsniveau van personeel en omstandigheden bepalen het succes eerder dan een organisatiebreed onderwijskundig concept. Het is aan zelfbewuste professionals om dit op hun school te benadrukken.
Hoe dat dan in zijn werk gaat? Een voorbeeld. Michael Richards is de dolkomische Kramer in de serie Seinfeld. In november ging hij zich tijdens een stand-up te buiten aan een racistische tirade. Het publiek aarzelde even, stond vervolgens op en vertrok. Onzinnige vergaderingen en slechte nascholing verdienen eenzelfde reactie. Goede leraren hoeven niet bang te zijn. Scholen kunnen niet zonder.

{noten}
*) Ook u kunt zich solidair verklaren met Diederen, ga naar www.sp.nl en alles gaat vanzelf.
**) Met dit beeld beschreef Sjoerd de Jong in NRC Handelsblad een optreden van Dylan begin jaren negentig.

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.