• blad nr 15
  • 8-9-2001
  • auteur D. van 't Erve 
  • Dossier

 

Ander werk

Als iemand twee jaar van tevoren weet dat zijn baan als docent wordt beëindigd omdat de opleiding ophoudt te bestaan, gaat hij natuurlijk alvast uitkijken naar een andere baan. Maar dat betekent niet dat de werkgever zich daarom niet meer hoeft in te spannen om ook nog een andere functie voor zijn werknemer te vinden.
Docente R. krijgt op haar 48-ste te horen dat de hogeschool haar dienstverband wil opzeggen. De opleiding waar zij lesgeeft wordt opgeheven en er is voor haar geen andere plek meer. Zij is het daar niet mee eens: in zo¹n grote organisatie als een hogeschool moet er een passende functie voor haar te vinden zijn. Als bezwaar niets helpt, kaart ze de zaak met hulp van de AOb aan bij de commissie van beroep. De commissie stelt haar in het gelijk. Volgens de commissie is de hogeschool tekortgeschoten met het zoeken naar een andere functie voor R. binnen de school. De hogeschool is het daar niet mee eens en stapt naar de rechter. Het dienstverband zou moeten worden ontbonden omdat R.¹s functie is opgeheven en herplaatsing binnen de eigen organisatie niet mogelijk is. Verder betoogt de school dat R. niet in aanmerking komt voor een andere functie omdat zij door te solliciteren er blijk van heeft gegeven dat zij haar loopbaan elders wil voortzetten. Bovendien heeft R. nooit aangegeven dat ze binnen de hogeschool een andere functie wilde en heeft daartoe ook geen enkele actie ondernomen.
Dat was waar: R. heeft zich georiënteerd op functies elders op de arbeidsmarkt en heeft met de hogeschool onderhandeld over een eventuele beëindiging van haar contract. Maar dat hoeft volgens de rechter niet te betekenen dat R. uitsluitend op zoek was naar banen buiten de hogeschool. De werkgever had er daarom ook niet zomaar van uit mogen gaan dat de docente geen beroep meer zou doen op de verplichting van de school een andere passende functie te vinden. Dat zij nooit heeft gezegd dat ze daar wel oren naar had, is volgens de rechter niet aangetoond.
De hogeschool geeft toe dat het verloop van medewerkers in de organisatie redelijk groot is. Waarschijnlijk zullen er binnen korte termijn wel vacatures ontstaan die voor de docente een passend alternatief kunnen zijn. Hierin ziet de rechter voldoende reden om het verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst af te wijzen en de hogeschool tot betaling van de proceskosten te veroordelen. Overigens wil docente R. nog graag bij haar oude werkgever werken. Haar vertrouwen in een zinvolle voortzetting van haar dienstverband is ondanks de juridische procedure in stand gebleven.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.