• blad nr 15
  • 8-9-2001
  • auteur I. Westbroek 
  • Redactioneel

ŒKinderen zijn pas èchte wereldburgers¹ 

Rotterdam 2001 en het onderwijs

In en buiten Rotterdam wordt met cynisme gesproken over Rotterdam 2001. Niemand zou er iets van merken. In de praktijk lijkt het wel mee te vallen, zeker wat de inbreng van kinderen en jongeren betreft. In het culturele jaar 2001 moet Rotterdam zich waarmaken als Stad van de toekomst¹. Als nieuwe generatie bepalen kinderen straks de cultuur van de stad.
Een vijftigtal projecten, veelal in samenwerking met scholen georganiseerd, bereidt hen alvast voor op deze taak.

Veel onderwijsprojecten in het kader van Rotterdam 2001 richten zich op achterstandsleerlingen. Niet toevallig, volgens Jolanda Moerkerke en Marian Dijksman, die de stedelijke jeugdactiviteiten vanuit R2001 coördineren. ³In zo¹n jonge stad als Rotterdam, met het hoogste aantal laagopgeleiden van Nederland, moet fors worden geïnvesteerd in jeugdprofilering², aldus Moerkerke. Onder het motto ŒStad van de toekomst¹ krijgen scholen en buurthuizen in achterstandswijken daarom de gelegenheid om de jeugd met kunst in aanraking te brengen. In de programma¹s, ontwikkeld door kunstenaars van verschillende richtingen, vaak in samenwerking met het sociaal-cultureel werk en de stichting Kunstzinnige vorming Rotterdam, staat de eigen inbreng van kinderen voorop. Kinderen en jongeren maken toneelstukken, concerten, schilderijen, films en tv-programma¹s, waarvan de meeste in de loop van het culturele jaar worden vertoond in het kinderhoofdkwartier Villa Zebra, een permanent podium naast het Architectuurmuseum. Het gaat er vooral om dat kinderen op eigen kracht iets moois creëren, zodat hun sociale competenties worden versterkt. Moerkerke: ³Door de waardering die kinderen krijgen, groeit hun ego. Kinderen die het Nederlands niet beheersen, maken toch hele mooie animatiefilmpjes. Zij leren ontdekken wat zij zelf kunnen. Alle R2001-programma¹s bergen deze elementen in zich. Daar selecteren wij ze op.²

Zelfportretten
Bekijk het maar. Ik ben weg.² Michael¹s gezicht drukt weerzin en dodelijke verveling uit als hij uiteindelijk het fototoestel aanpakt. ³Doe het nou maar², spoort zijn klasgenoot hem aan. Na tien minuten zijn de drie platen geschoten van het meisje, lezend in haar lievelingsboek. Hoewel niet alle leerlingen uit de eerste klas van de Rotonde meteen overlopen van enthousiasme, krijgen de meesten na verloop van tijd steeds meer lol in de lessen waarbij zij een zelfportret maken. Leerlingen denken na over vragen als Œwat doe ik als ik 25 ben en stinkend rijk¹. De antwoorden worden verwerkt in de portretten. De lessenserie maakt deel uit van het project ŒMijn Rotterdam in 2001/kunstenaars in het voortgezet onderwijs¹, speciaal voor het vmbo ontwikkeld door projectbureau Konings Kunst. Het project laat kunstenaars hun passie voor het eigen vakgebied overdragen op moeilijk bereikbare jongeren.

Tv-programma
Ook na 2001 moeten de projecten een plek krijgen in het Rotterdamse onderwijs. Voor de jeugdcoördinatoren van R2001 is een van de belangrijkste taken leerkrachten ideeën aan de hand te doen. Voorstellingen, presentaties en exposities op verschillende plaatsen in de stad moeten docenten inspireren. Volgens Dijksman kan elke school de projecten gemakkelijk overnemen, zonder dat het ze veel kost. Moerkerke signaleert een groeiende belangstelling. Zij hoopt dat leerkrachten door de presentaties worden geprikkeld: ³Want daar gaat het om, dat in die scholen een proces op gang komt tussen leerlingen en kunstdocenten, waarbij scholen bij elkaar gaan kijken en ideeën uitwisselen. Dat er over een project gepraat wordt, dat men zich er op verheugt en dat ouders ervan horen.²
Als voorbeeld van een project dat zich bij uitstek leent voor overdracht, noemt Moerkerke Big Smile TV, ontwikkeld door de culturele stichting Kuub3 en buurthuis de Gaffel in Het Oude Westen. Dit project, gericht op leerlingen uit groep 8, wil de grote verscheidenheid tussen kinderen in een grote stad zichtbaar maken. In een tv-programma van een halfuur, dat wordt uitgezonden via het lokale Rotterdam TV, laten kinderen hun stadgenootjes zien wat hen bezighoudt. Door onder deskundige begeleiding zelf een tv-programma in elkaar te zetten, ontwikkelen kinderen sociale en technische vaardigheden en leren zij hun talenten ontdekken. De bedenkers, Edward Boele van buurthuis de Gaffel en Huub ¹t Hoen van Kuub3, ervoeren dat tv-maken een ideale methode is om door te dringen tot de leefwereld van kinderen. Ouders, die meeleven als hun kind op tv komt, worden gemakkelijker bereikt dan voorheen. Gedurende het hele jaar dat Rotterdam culturele hoofdstad is kunnen twintig basisscholen een uitzending verzorgen. In een week leren de klassenleerkracht en de leerlingen hoe ze een tv-programma moeten maken. De leerkracht gebruikt hierbij een lesbrief, samengesteld door de Gaffel en Kuub3. Vaste onderdelen zijn reportages, een videoclip en een soap. Met de camera trekken leerlingen de wijk in. Om hun ervaringen met het maken van televisie over te dragen op leeftijdgenoten, maken leerlingen materiaal voor een website.

Interviewen
Basisschool de Wilgenstam in Schiebroek maakte items over onder andere een banketbakker, een dierenarts, een ponyclub en Rotterdam Airport. ³Het interviewen is het leukst, omdat je dan op tv komt², vindt Pauline uit groep 8, terwijl zij de laatste klodders slagroom van haar broek veegt. Een serieus interview met de banketbakker liep uit op een semi-spontane slapstickact, waarbij Pauline en haar collega¹s Kim en Wendy elkaar met moorkoppen insmeerden. Meester Patrick de Bruin, zojuist van de schrik bekomen ­ ten onrechte meende hij niets te hebben opgenomen - bespeurt verborgen vaardigheden bij zijn leerlingen: ³Kinderen achter wie je het niet zou zoeken, durven scherpe vragen te stellen en afspraken voor reportages te maken.² De Bruin vindt dit belangrijke opbrengsten. Daarbij is het naar zijn idee goed voor kinderen om verder te kijken dan hun eigen klaslokaal: ³Ze trekken de buurt in, maken kennis met andere disciplines dan ze gewend zijn.²
Voor initiatiefnemers Boele en ¹t Hoen is Big Smile TV echt geslaagd als blijkt dat Rotterdamse basisscholieren hun leefwereld daadwerkelijk aan elkaar doorgeven. Dat moet lukken, geloven zij: ³De uitspraak van de burgemeester ŒRotterdam is vele steden¹ geldt in hoge mate voor de jeugd. Kinderen zijn pas èchte wereldburgers. Van alle groepen Rotterdammers zijn de verschillen in nationaliteit, taal en cultuur nergens zo goed overbrugbaar als bij de jongste groep.²

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.