• blad nr 9
  • 29-4-2006
  • auteur J. van Aken 
  • Redactioneel

 

Prikkelen tot nadenken

De Drentse veengebieden zijn voor leerlingen vaak een ver-van-mijn-bed-show. Met De blauwe planeet, een nieuwe aardrijkskundemethode voor het basisonderwijs, beoogt Anton Bakker dichter bij de belevingswereld van kinderen te komen. De methode heeft ook extra aandacht voor het taalniveau van de leerlingen. Is de nieuwe methode daarin uitzonderlijk?

De zin ‘Papa staat in de tuin de heg te knippen met een heggenschaar’ levert voor leerlingen op bijvoorbeeld een zwarte school in de Bijlmer al snel drie moeilijkheden op. “Heggen heb je niet in de Bijlmer, een heggenschaar dus ook niet en papa is er vaak evenmin. Als leerkracht moet je dan veel stappen maken om bij de leefwereld van leerlingen aan te sluiten”, licht Anton Bakker toe, docent aardrijkskunde op de Ipabo in Amsterdam en eindauteur van de nieuwe aardrijkskundemethode ‘De blauwe planeet’ van uitgeverij ThiemeMeulenhoff.
Een ander voorbeeld: “Een collega van mij gaf les over Drents heidelandschap op een basisschool in de Bijlmer. Hij voelde dat het helemaal geen zin had. Je kunt proberen de eerdgronden uit te leggen, maar dat komt totaal niet aan bij kinderen die nooit de stad uitkomen.” Bakker kwam tot de conclusie dat leerkrachten op basisscholen moeite hebben met zulke onderwerpen aan te sluiten bij de leefwereld van kinderen. Taal is een ander probleem. “Zaaklessen bevatten voor leerlingen relatief veel jargon. Leerkrachten zijn vaak veel tijd kwijt aan het uitleggen van woorden.” Met de methode De blauwe planeet, die volgend jaar verschijnt, wil hij drempels voor leerlingen wegnemen. Bakker benadrukt dat het een methode voor alle basisscholen is, niet alleen voor scholen met taalzwakke leerlingen.

Euro
Sommige onderwerpen sluiten goed aan bij allochtone leerlingen, andere niet, merkt ook Tamara Wessels. Zij is leerkracht van groep 7 van de Vliegerschool, een “voor 99,9 procent zwarte school” in Den Haag. Ze zijn bezig met berggebieden en wintersport, wat voor veel leerlingen onbekende thema’s zijn. “Al kennen sommige Turkse kinderen wel bergen en daardoor ook sneeuw. Anderen hebben bij wijze van spreken nog nooit van ski’s gehoord. Daarom neem ik mijn eigen skispullen mee”, vertelt ze.
Een onderwerp als het Europese bestuur is droge stof. Het hangt vaak ook van de leerkracht af of hij een onderwerp tastbaar voor kinderen weet te maken, vindt ze. Daarom verdeelt ze haar klas in drieën en zo hebben ze de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad van ministers nagespeeld. De leerlingen moesten besluiten of de euro er wel of niet moest komen. “Deze kinderen kennen niet anders dan de euro. Alle Europese ministers van financiën waren dus helemaal voor”, lacht ze.
Leerlingen vinden aardrijkskunde erg leuk, heeft Wessels gemerkt. Ook als het over de veengebieden in Drenthe gaat. “Ook hierbij hangt het er vanaf hoe je het brengt”, stelt ze. “Ze zijn heel enthousiast, even geen rekenen of taal, terwijl ze toch aan hun woordenschat werken.” Aan aardrijkskunde besteden ze in groep 7 een half uur per week. “We hebben een heel groot taalaanbod, dan blijft er weinig tijd over. Je moet een keuze maken”, verklaart Wessels. Sinds drie jaar gebruikt ze de methode Hier en daar van uitgeverij Malmberg. Naar tevredenheid. “We hebben deze methode gekozen omdat hij veel aandacht besteedt aan de woordenschat. Om bijvoorbeeld uit te leggen hoe de regering in elkaar zit, gebruikt de methode ook veel plaatjes.”

Schat
Plaatjes gebruiken de makers van de ‘De blauwe planeet’ ook. Zij kozen er bovendien voor om een hoofdstuk te beginnen met een uitdagende vraag. Bij het onderwerp veengebied: Welke schat ligt er onder jouw school? “Zo kun je uitleggen dat in de grond allerlei door mensen achtergelaten schatten zitten en dat de grond zelf ook een schat is waar van alles inzit, veen bijvoorbeeld. Door ze te prikkelen om na te denken, moeten ze aan het eind van het hoofdstuk de vraag kunnen beantwoorden”, legt Bakker uit.
Maximaal vijf begrippen per les worden verbeeld door een foto of tekening. “Een leerkracht kan zonder extra werk laten zien wat hij bedoelt, bijvoorbeeld door een foto van een moeras.” Daarnaast heeft de uitgeverij van elk begrip animaties laten maken, die op een cd-rom staan. “Daarmee kun je de taalzwakke leerlingen alvast voorbereiden, zodat je bij de start van de les die begrippen niet meer hoeft uit te leggen.”
Het is een algemene aardrijkskundemethode voor alle basisscholen waarmee de makers hopen (taal)barrières voor alle leerlingen weg te nemen. Bakker bevestigt dat allochtone leerlingen er extra voordeel bij kunnen hebben. “Voor allochtone kinderen zijn de barrières vaak wat hoger”, weet hij.
“Je moet de tijd nemen om aandacht te besteden aan moeilijke woorden”, merkt ook leerkracht Ruud van Middelaar, op zijn school de Zonnebloem in Barneveld, een zwarte school. “We gebruiken een vrij talige methode en we zijn tevreden met onze keuze voor Wijzer door de wereld.” De leerkracht van groep 7 en 8 besteedt een uur per week aan aardrijkskunde. “Ik stop bij elk moeilijk woordje dat we tegenkomen.” In de les besteedt hij zo ook aandacht aan de woordenschat. “Sommige lessen duren daardoor wat langer, maar dat is geen nadeel”, vindt Middelaar. De onderwerpen zelf sluiten goed aan bij zijn leerlingen. “Veengronden vinden ze weliswaar saai, maar je moet niet alles gaan veranderen”, vindt hij.

Marokko
Niet elke school komt toe aan een uur aardrijkskunde per week, heeft auteur Bakker geconstateerd. Veel zwarte scholen doen wat anders in plaats van aardrijkskunde. Bij de Amsterdamse basisschool Narcis-Querido komt het regelmatig voor dat de tijd ontbreekt voor zaakvakken. De zwarte school gebruikt de methode Het ei van Columbus van uitgeverij Zwijsen. Leerkracht Sila Raghoebarsing geeft aan dat de onderwerpen passen bij de belevingswereld van de kinderen, maar dat er korte en moeilijke teksten in het boek staan. “De onderwerpen zijn goed, maar de lessen kunnen qua tekst eenvoudiger en de stof mag wel wat uitgebreider.” Nu moeten de leerkrachten eerst de tekst uitleggen en er zelf veel bij vertellen, willen de leerlingen snappen waarover de lessen gaan. “Het lijkt soms een les begrijpend lezen.”
Zouden de scholen graag zien dat er een methode wordt ontwikkeld speciaal voor allochtone leerlingen? Narcis-Querido en de Zonnebloem niet. Wessels van de Haagse Vliegerschool heeft gemengde gevoelens over zo’n methode. Aan de ene kant staat zo’n methode dichter bij kinderen en dat is altijd goed, vindt ze. Maar aan de andere kant geef je ze nu juist stof mee die ze niet kennen. “Het zou wel goed zijn om een aantal onderwerpen specifiek over Marokko of Turkije te hebben”, oppert ze.
Aandacht voor de afkomst van leerlingen is goed, valt Radha Gangaram Panday haar bij. Ze is lid van het lectoraat ‘lesgeven in de multiculturele school’ van de Hogeschool Utrecht. Zaakvakonderwijs biedt de mogelijkheid om over interessante onderwerpen te praten en ook positieve kanten van culturen te belichten. “Laat de kinderen zien welke producten Turkije op de wereldmarkt brengt en dat het een rijke cultuur heeft”, betoogt ze.
Zij bevestigt dat zwarte scholen relatief weinig aandacht besteden aan zaakvakken en kiezen voor taal en rekenen. "Het is een gemiste kans om kinderen geen algemene zaakvakkennis mee te geven", stelt Gangaram Panday echter. Zaakvakteksten zijn namelijk ook goed te gebruiken om de taalvaardigheid van kinderen te vergroten. Een van de aandachtspunten van het lectoraat is taalgericht vakonderwijs. Daarmee ben je bij ieder vak met taal bezig. “Een leraar besteedt aan het begin van een aardrijkskundeles aandacht aan een tiental kernbegrippen. Leerlingen begrijpen de les beter en kunnen actiever deelnemen."

{kader}
Aparte methodes?

Zien educatieve uitgeverijen brood in een aparte methode voor zwarte scholen?
Body Bosgra, uitgeefmanager bij Malmberg, kan zich wel voorstellen dat een aparte methode steeds interessanter wordt. “Daar zie ik het nut van in, maar dat geldt voor elke doelgroep. Met de huidige technologieën kun je maatwerk leveren, dat zal in de toekomst ook wel gebeuren. Je kunt denken aan cd-roms, websites of werkbladen.” Bosgra vindt het belangrijk om bij de samenstelling van methodes rekening te houden met de samenstelling van de bevolking. “Je zorgt dus dat blanke kinderen niet overheersen.”
Zijn collega Ingrid van Hoorn geeft een paar voorbeelden. “In een aardrijkskundemethode staat bijvoorbeeld een les over migratie, met als centraal figuur een jongetje wiens ouders geboren zijn in Marokko. In de nieuwste aardrijkskundemethode gaat een blok helemaal over multicultureel Nederland en bijvoorbeeld de verschillen tussen scholen in Turkije en hier”, vertelt ze.
Bij Wolters-Noordhoff “komt de vraag naar een aparte methode absoluut nooit van zwarte scholen”, reageert Ferry Gerrese, uitgever zaakvakken. De uitgeverij ontwikkelt een methode voor het totale schoolveld. “Het is net als met een autostoel: je maakt hem voor alle mensen maar niemand zit er echt lekker in”, zegt Gerrese. De uitgeverij heeft ook geen extra lessen over bijvoorbeeld Marokko in de methodes zitten. Dat komt door de wettelijke beperking van de kerndoelen en de voorgeschreven hoeveelheid tijd die een leerkracht heeft. Ook is het een financiële kwestie. “Als je drie lessen Marokko, drie lessen Turkije en drie lessen Afrika extra zou opnemen, worden de methodes omvangrijker en dus duurder. Daar is geen geld voor in het onderwijs. We moeten allemaal hoger opgeleid zijn, maar het mag niets kosten”, verzucht Gerrese. Maar als er behoefte ontstaat aan specifiek materiaal, is het geen kunst om kopieerbladen, websites en cd-rom’s te maken, zegt hij.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.