• blad nr 2
  • 21-1-2006
  • auteur R. Sikkes 
  • Redactioneel

 

Leraren zoeken nieuwe uitdaging

Carričrekansen genoeg in het onderwijs: een andere taak, verdieping van het vak, het begeleiden van nieuwe collega’s, directeur worden, overstappen naar een andere onderwijssector. Leraren willen graag verandering. Zij zijn in hun loopbaan alleen niet op zoek naar het grote geld, maar naar uitdaging en verdieping. Voor het dreigende docententekort in het voortgezet onderwijs gloort er hoop: ongeveer twintig procent van de leraren basisonderwijs wil best doorstromen naar het voortgezet onderwijs.

Voor buitenstaanders heet het leraarsberoep een fuik te zijn: wie er eenmaal voor kiest om voor de klas te gaan staan, zal de rest van zijn loopbaan weinig anders doen dan voorbereiden, lesgeven en nakijken. Wie in het onderwijs werkt, weet dat het beroep vandaag de dag oneindig veel veelzijdiger is. Leraren basis- en voortgezet onderwijs zijn dan ook vaker tevreden (35%) over de carričremogelijkheden dan ontevreden (25%).
Terecht, want naast het lesgeven zijn er enorm veel aantrekkelijke andere taken die een beroep doen op de kwaliteiten van leraren: beginners begeleiden, kinderen bijstaan die extra zorg nodig hebben, een vakgroep coördineren, een locatie leiden. De aandachtsgroepenmonitor van het ministerie en onderzoeksinstituut ITS laat zien dat bijna 120.000 leraren een taak hebben naast het lesgeven.

(grafiekje)
Leraren met specifieke taken

primair onderwijs

bouwcoördinator 12.742
ict-coördinator 8.970
intern begeleider 12.240
remedial teacher 12.897
ambulant begeleiders 2.329
locatieleider 1.293
begeleider nieuwe leraren 12.601

voortgezet onderwijs

ict-coördinator 2.072
remedial teacher 3.629
begeleider nieuwe leraren 8.635
klassenmentor 36.435
leerjaarcoördinator 4.469
decaan 2.406
sectieleider 15.910
stagecoördinator 3.563
roosteraar 1.778

(bron: ITS/OCW aandachtsgroepen)


Ambitie
Het zijn op dit moment vooral oudere docenten die extra taken hebben, een groep waarvan een groot deel voor het pensioen staat. En het zijn vooral jongeren met ambitie, zo blijkt uit het onderzoek Loopbaan in het onderwijs dat bureau Veldkamp in opdracht van de AOb deed, die geďnteresseerd zijn om die taken over te nemen. Maar liefst 45 procent van de leraren onder de 45 jaar wil naast het lesgeven er een specifieke taak bij. En weet vaak niet wat er aan opleidingen op de markt is.
Voor die groep biedt de beurs Leraar en loopbaan een enorm aanbod aan opleidingen en cursussen van hogescholen en adviesdiensten om zich te oriënteren.
Ongeveer 35 procent van alle leraren voelt wel voor een managementfunctie. In het basisonderwijs ligt dat percentage iets lager, daar is slechts een kwart van de ondervraagden geďnteresseerd in een directiebaan. Toch wordt in het basisonderwijs nog steeds een grote vraag naar directeuren verwacht. Zo denkt volgens de aandachtsgroepenmonitor een op de vier schoolbesturen in het basisonderwijs problemen te krijgen met de vervulling van managementfuncties. In het voortgezet onderwijs is de belangstelling voor een managementbaan met veertig procent hoog te noemen, terwijl maar een op de tien schoolbestuurders denkt dat het moeilijk wordt om iemand te vinden. Over de vraag naar managers en opleidingsmogelijkheden is op de beurs een speciale workshop van de AOb.

Carričrewensen
po vo

andere onderwijssector 41% 49%
speciale taak 35% 32%
managementfunctie 26% 40%


Kwaliteiten
De mobiliteit van leraren is vaak groter dan menigeen denkt. Ongeveer 6000 leraren basisonderwijs verkassen jaarlijks naar een andere onderwijswerkgever, hetzelfde geldt voor ongeveer 6000 docenten uit het voortgezet onderwijs en nog eens 4000 uit de bve. Meestal blijft iedereen in de eigen onderwijssector, maar de wens om over te stappen naar een andere sector speelt bij maar liefst vier van de tien docenten, zo blijkt uit het onderzoek,
In het basisonderwijs is de overstap naar het voortgezet onderwijs de populairste stap, bij de helft van deze groep. Zo bezien bestaat er dus een groep van ongeveer twintig procent van de leraren basisonderwijs die wel eens denkt over doorstroom naar de onderwijssector waar de grootste tekorten worden verwacht. Natuurlijk, ook docenten voortgezet onderwijs hebben plannen om te verkassen, waarbij vooral het hbo hoge ogen gooit. Maar omdat er zoveel meer leraren basisonderwijs zijn, zou daar met geschikte scholing een flink reservoir kunnen bestaan om de openvallende gaten in het voortgezet onderwijs te vullen.
Geld speelt geen rol, was de standaarduitdrukking van heer Bommel als hem gevraagd werd naar de beweegredenen van zijn acties om de wereld te redden. Dat geldt niet alleen voor een heer van stand, maar ook voor een beroep van stand. Leraren basis- en voortgezet onderwijs geven als belangrijkste reden voor hun carričreplannen – of het nu gaat om andere taken, directeur worden of van sector veranderen - steevast aan dat het ze erom gaat hun kwaliteiten op een andere manier in te zetten. Een beter salaris speelt slechts een ondergeschikte rol. En het werk is leuk genoeg, want dat komt op de laatste plaats in de top vijf van motieven voor een carričrestap.

[tabel]
Top vijf motieven carričrestap

1. Kwaliteiten andere manier inzetten 80%
2. Een nieuwe uitdaging hebben 80%
3. Te lang hetzelfde doen 60%
4. Meer verdienen 37%
5. Leuker werk 31%

(bron: Loopbaan in het onderwijs, bureau Veldkamp)

In het onderwijs heeft scholing van het personeel de afgelopen jaren een stevige positie veroverd. Iets dat met het nieuwe bekwaamheidsdossier uit de Wet beroepen in het onderwijs alleen maar belangrijker kan worden. Volgens het onderzoek heeft meer dan de helft van alle leraren basis- en voortgezet onderwijs de afgelopen vijf jaar drie of meer cursussen gevolgd. Meer dan zestig procent denkt ook het komende jaar aan nascholing te doen. Hoewel de trend volgens de managers in het onderwijs steeds meer de kant op gaat van een scholing van het hele team in de onderwijskundige aanpak, zijn docenten zelf het daar niet altijd mee eens. Vier van de tien volgen een cursus op eigen initiatief en drie van de tien doen dat in overleg met de werkgever, maar zijn wel zelf aan zet. Bij een op de drie bepaalt de werkgever wat er voor nascholingsaanbod wordt gekozen.
Wie bij het bepalen van het nascholingsprogramma zelf een stevige vinger in de pap wil houden, kan zich daarom het beste oriënteren op het aanbod. Bijvoorbeeld op de beurs Leraar en loopbaan.

Het volledige rapport Loopbaan in het onderwijs is te vinden op de website www.leraarenloopbaan.nl
De aandachtsgroepenmonitor is te vinden op www.minocw.nl in het dossier Werken in het onderwijs. De cijfers staan ook op www.aandachtsgroepen.nl

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.