- blad nr 2
- 21-1-2006
- auteur A. Kersten
- Redactioneel
Kamerlid Bakker wil met wet topinkomens begrenzen
Tegen de zin van het kabinet bleek een Kamermeerderheid afgelopen najaar voor een wettelijke normering van de topinkomens in de semi-publieke sector te zijn. De Tweede Kamer nam een motie aan van Bakker waarin het kabinet wordt gevraagd om een regeling.
Maar eind december kwam het kabinet met een voorstel waarbij sectoren zelf een beloningscode opstellen en aanvullende wetgeving voorlopig alleen wordt onderzocht. Dat vindt Bakker te weinig en veel te vrijblijvend.
“Het is urgent”, zegt Bakker op de ochtend dat zijn uitspraken over de Afghanistan-missie de politieke verhoudingen op scherp zetten. “In het bedrijfsleven heb je aandeelhouders die kunnen ingrijpen. Maar een hbo-instelling is een ander verhaal.”
Bestuurders wijzen op de controle door hun raden van toezicht.
“Ja, maar die zijn niet onafhankelijk genoeg. Het zijn vaak directeuren van andere instellingen, bekenden uit het eigen wereldje.”
Het kabinet lijkt de boot af te houden, andere kwesties beheersen de politieke agenda. Bent u niet bang dat er niks terechtkomt van een normering, nu de storm weer is gaan liggen?
“Nou, de ervaring is dat de discussie om de zoveel tijd weer terugkomt.”
Omdat die vorige discussies ook niet tot concrete maatregelen hebben geleid?
“Ja, dat ben ik helemaal met u eens. Maar op een gegeven moment heeft de Kamer gezegd: nu is het genoeg, er moet een normering komen. Het kabinet vroeg nog even te wachten en kwam vervolgens in december met een document waarin geen normering staat. Dus nu is het de beurt aan de Kamer. Ik ga eens kijken met mijn collega-ondertekenaars van de motie of we als Kamer tot een initiatiefwet kunnen komen. Kijk, als het aan mij ligt zijn we snel klaar: het ministersalaris is de grens, met misschien een of twee procent aan uitzonderingen, enige ruimte voor differentiatie. Maar voor het uiteindelijke voorstel moet wel een meerderheid zijn in de Kamer. Dus daarin moet je wat praktisch zijn en kijken hoe ver je komt.”
Kunt u zich een reden voor zo’n uitzondering voorstellen in het hbo?
“Als u me vraagt of ik argumenten zie waarom in het hbo van de basisnorm moet worden afgeweken, kan ik er eerlijk gezegd geen bedenken.”
Wanneer gaat u met uw collega’s om de tafel?
“Dat is een kwestie van een of twee weken. Ik had het deze week willen doen, maar ik heb het nu even druk met Afghanistan.”