• blad nr 1
  • 7-1-2006
  • auteur G. van der Mee 
  • Redactioneel

Nieuwe stichting voor doorlopende leerlijn 

Het is dezelfde revolutie als in 1985

In Dordrecht is er deze maand een megafusie tot stand gekomen waardoor kinderen van nul tot achttien jaar allemaal onder dezelfde stichting vallen. Van kinderdagverblijf tot brede scholengemeenschap, de eerste stap naar de doorlopende leerlijn is gezet.

“Ik wil niet de suggestie wekken dat alles al in kannen en kruiken is.” Ger Redert tempert direct de verwachtingen. “Het is wel zo dat achter deze fusie de filosofie zit dat wij kinderen willen begeleiden van nul tot achttien jaar.” Redert is algemeen directeur van het protestants christelijk onderwijs Dordrecht (PCOD), een stichting waaronder tien basisscholen, een school voor speciaal onderwijs en een brede scholengemeenschap vallen. Door een fusie met de christelijke Stichting peuterwerk en buitenschoolse opvang (CSPD) komen er zeventien peuterspeelzalen, vijf locaties voor buitenschoolse opvang en een kinderdagverblijf bij. De nieuwe stichting heeft dan zo’n 6400 kinderen onder zijn hoede en 700 medewerkers.
De doorlopende leerlijn van nul tot achttien jaar is een pedagogisch concept waar steeds meer over gepraat wordt. Volgens dit model wordt een leerling gevolgd vanaf het moment dat hij naar de kinderopvang gaat. “Voorlopig”, zegt Redert “doen wij dit omdat het organisatorisch en financieel beter uitkomt en om iedereen bij ‘de club’ te laten horen. Aan de andere kant zie je nu al de ontwikkeling dat het peuterwerk steeds meer een voorschoolse functie krijgt en omgevormd wordt tot voorschoolse opvang. Ik vind dat aan elke basisschool ook peuterwerk aangeboden moet worden, in Dordrecht zal dat binnen een paar jaar wel gerealiseerd zijn. Idealiter heeft elke school ook kinderopvang. De gemeente heeft tachtig miljoen uitgetrokken voor nieuwbouw of verbouw van scholen, dan komt daar ook een peuterspeelzaal bij en als dat financieel haalbaar is, komen er ruimtes voor de buitenschoolse opvang.”
Redert voorziet wel problemen wanneer een peuterspeelzaal onder de vleugels komt van een basisschool. “Wie is dan de baas? Geloof me, de wereld van de peuters en hun leidsters is een hele andere dan die van de basisschool. We willen een probleemloze overgang voor de kinderen, maar eigenlijk is dat dezelfde revolutie als in 1985, toen de kleuter- en de lagere school samengevoegd werd. De kleuterjuffen voelden zich toen vreemde eenden in de bijt. Daarnaast is er de overgang van de basisschool naar het voortgezet onderwijs voor veel kinderen een grote stap.”

Protest
De fusie van de christelijke scholen in Dordrecht valt midden in de discussie over de verplichting voor basisscholen om buitenschoolse opvang aan te bieden. Minister Maria van der Hoeven wil in 2007 verplichten dat scholen de opvang zelf organiseren. Dat leidde tot een luid protest bij besturen en vakbonden. Redert is het met de kritiek eens: “Je kunt die opvang niet zomaar op het bordje van de school neerleggen. Het is al helemaal geen oplossing om leerkrachten dit te laten doen, het is een vak apart en het zou wel erg duur worden, omdat onderwijsgevenden nu eenmaal duurder zijn dan de begeleiders bij de opvang. Bij ons zijn er wel scholen die ‘s morgens om half acht de deuren open doen, maar dat is meer uit nood geboren, omdat ze zagen dat er kinderen al om half acht op het schoolplein afgezet werden.”
Hij ziet wel mogelijkheden om professionele opvang aan te bieden, voor, tussen en na schooltijd, maar dan moeten ouders en overheid daaraan meebetalen. “Wij willen dat best aanbieden, maar daar hangt een prijskaartje aan, wij hebben de de expertise in huis.” Enige ervaring met de ‘naadloze’ overgang van de peuter naar de basisschool is al opgedaan bij de vroeg- en voorschoolse educatie.
De stichting heeft zo’n dertig procent achterstandsleerlingen. Redert vindt het jammer dat de subsidie voor de vroeg- en voorschoolse educatietrajecten vooral wordt ingezet bij achterstandsscholen. “Dat werkt stigmatiserend, op die manier werk je de segregatie in de hand. Terwijl dit nou een ideale manier was geweest om die te doorbreken, namelijk om alle ouders die geïnteresseerd zijn toe te laten.”
Niet alle directeuren van basisscholen staan te springen om een peuterspeelzaal of kinderopvang onder hun dak te nemen. Redert denkt dat het nog een jaartje of vijf duurt voor iedereen zover is. “Bij alle mooie verhalen over hoe het allemaal zou moeten, gaat het toch vooral om samenwerking tussen mensen. Die moeten inhoudelijk de programma’s afstemmen en een volgsysteem toepassen voor de leerlingen. Het betekent bijvoorbeeld dat een directeur van een basisschool zich ook moet inzetten voor de peuters, en daar ook iets van af moet weten, anders kan hij geen leiding geven aan de leidsters.”
Dat bij de nieuwe stichting personeel werkt met vier verschillende cao’s is volgens Redert geen enkel probleem. Hij ziet juist nieuwe mogelijkheden om bijvoorbeeld het werk van een peuterleidster te combineren met opvangwerk.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.