• blad nr 13
  • 25-6-2005
  • auteur . Overige 
  • Opinie

 

Mbo-leerlingen zijn helemaal geen klanten

Een onderwijssupermarkt is helemaal niet wenselijk, stelt Evelien Polter, beleidsmedewerker bij het roc van Amsterdam. Mbo’ers zijn scholieren, geen vrije consumenten. En voor docenten heeft het vermarkten van het onderwijs ook veel nadelen.

In het mbo klinkt de moderne managersfraseologie. Marketingplannen, afzetgebieden en klanten zijn de nieuwe termen waarin over het onderwijs gesproken wordt. De voorzitter van het college van bestuur van het roc, waar ik werk, vertelt regelmatig dat ons marktwerking te wachten staat. Zijn informatie heeft hij van de staatssecretaris van Onderwijs Mark Rutte. Over drie à vier jaar mag iedereen mbo-opleidingen verzorgen en de leerling wordt de toekomstige klant. In hun plannen gaat een 16-jarige met een rugzakje met onderwijsgeld de markt op om die opleiding te zoeken die bij zijn of haar wensen en mogelijkheden past. In deze onderwijssupermarkt kiest elke leerling die vakken waar hij of zij op dat moment het meeste behoefte aan heeft.
Maar een mbo-leerling is helemaal geen klant. De kwaliteit van het eindproduct is totaal afhankelijk van het kunnen van die zogenaamde onderwijsconsument van Rutte. Die mbo-leerling is degene die zelf moet gaan leren functioneren, die vakbekwaam moet worden. Veel jongeren van 16 jaar kunnen dat niet en weten niet wat ze willen. Zij verspelen straks hun leerrechten in beroepsrichtingen die niet hun uiteindelijke beroepskeuzes blijken te zijn. Wanneer hun rugzakje voor een deel is opgebruikt, maken ze geen kans hun uiteindelijke beroepsopleiding af te ronden.
Voor docenten heeft het vermarkten van het onderwijs vele nadelen. Nu is het vanzelfsprekend dat docenten beschikken over een ruimte vol lesmateriaal, dat er collega’s zijn met wie je als leraar kunt overleggen en dat een begeleider zich bezighoudt met alles wat er speelt bij de leerlingen. Brengt men het beroepsonderwijs als koopwaar op de markt dan is hiervoor geen geld meer beschikbaar. Bij het inburgeringonderwijs is het ‘vermarkten’ van het onderwijs dit jaar ingevoerd door minister Verdonk van Vreemdelingenzaken en Integratie en Mark Rutte. Vele docenten kregen ontslag en voorzieningen, zoals goed geoutilleerde computerlokalen en de faciliteiten ter ondersteuning van het onderwijs, werden afgebroken.

Collegehotel
Onderwijs is voor kansarme groepen een weg naar emancipatie en integratie. Het is voor hen een manier om te ontkomen aan het door hun geboorte gegeven lot. Een voorbeeld daarvan is Fatima (18 jaar). Ze wilde al heel lang juf worden maar een havo-diploma zat er voor haar niet in. Via de twee jarige mbo-opleiding voor verzorgingsassistenten is zij op de opleiding voor onderwijsassistent gekomen. Fatima’s rugzakje met leerrechten bevat straks nog twee leerjaren, de door haar vurig gewenste opleiding duurt vier jaar. De ouders van Fatima zijn niet in staat om de laatste twee jaar zelf volledig te betalen. In de toekomst daardoor geen baan in het onderwijs voor Fatima. Zij kan nu wel in het onderwijs aan het werk omdat het ministerie van Onderwijs het mbo volledig financiert.
Het mbo kent verschillende leerwerkplaatsen die het roc gedeeltelijk zelf betaalt. Deze initiatieven en investeringen zijn mogelijk doordat er een stabiele instroom van leerlingen is en een door het ministerie betaalde overhead. Een van de leerlingen die stage loopt in zo’n leerwerkproject ‘het Collegehotel’ in Amsterdam is Richard (16 jaar). Hij kreeg toen hij van de basisschool kwam een havo-advies. Vervolgens schreven zijn ouders hem in bij een havo/vwo school. In de tweede en de derde klas bleef Richard zitten omdat hij erg veel problemen had met het aanleren van moderne vreemde talen. Gevolg van het twee keer zitten blijven was dat Richard van school moest. Wat nu? Naar de derde klas van het vmbo en daar terecht komen tussen 14 jarigen of naar het mbo? Op zaterdag werkt hij in de keuken van een verzorgingshuis. De keuze van Richard valt daarom op de koksopleidingen van het roc. Nu kan Richard kok worden en stage te lopen in het leerwerkproject ‘het Collegehotel’. Wanneer straks particulieren aan leerlingen als Richard een koksopleiding gaan aanbieden voor een veel lagere prijs verdwijnen de mede door het roc bekostigde stageplaatsen.

Beroepstrots
Een mbo-opleiding is niet een samenraapsel van hapklare brokken waarbij met allerlei kunstjes om aandacht en gunst van de leerling wordt gevraagd. Een mbo-opleiding is een goed doordacht samenhangend geheel. De mbo-leerling is een scholier en dat betekent dat hij niet als een consument volledig vrij zijn eigen studieprogramma kan samenstellen. De docenten zijn er voor om een afgewogen oordeel over het totale onderwijsprogramma te geven. Zij zijn daartoe vakmatig toegerust - daarvoor zijn het docenten. Dat is een essentieel gegeven waarbij onderwijsgevenden zelf nog wat over hun werk te zeggen hebben – dat is wat de essentie van hun beroepstrots en arbeidsvreugde uitmaakt.
Onderwijssupermarkten waar leerlingen met rugzakjes shoppen zijn niet geschikt om dieptekennis op te doen. Voor het aanleren daarvan heb je gemotiveerde en goed geoutilleerde docenten nodig en een door de overheid gesubsidieerd en gecontroleerd management. Dat is de reden dat het onderwijs geen supermarkt mag worden. Misschien kunnen we het ‘vermarkten’ van het beroepsonderwijs tegenhouden zodat dit onderwijs blijft wat het is. Een plaats waar leerlingen kennis opdoen en praktische toepassingen aanleren. Waar jongeren de ruimte hebben om uit te vinden welke beroepsrichting het best bij hen past. Een plaats waar voldoende middelen (computers, lesmaterialen en begeleiding) en mogelijkheden zijn om voor alle mbo-leerlingen kansen op de arbeidsmarkt te creëren.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.