• blad nr 8
  • 16-4-2005
  • auteur R. Sikkes 
  • Commentaar

 

Nevelen

Respect. De meest innovatieve sector. De complimenten van politici vliegen het vmbo om de oren. Gelukkig maar, want de afgelopen jaren hebben politici het vmbo vaak heel anders bejegend. Mislukt project, afschaffen, opheffen, terug naar de ambachtsschool. PvdA en het CDA presenteerden allebei tienpuntenplannen om deze veelgeplaagde onderwijssector te revitaliseren. Dat van de PvdA dateert alweer van een jaar geleden, maar werd onlangs opgewarmd in het boek over sociaal-demcratische onderwijspolitiek. Het CDA kwam deze maand met een Actieplan Beroepsonderwijs.
De politiek komt er in ieder geval achter dat het negatieve beeld niet strookt niet met de werkelijkheid. Op het overgrote deel van de vmbo-scholen gaat het goed, zo bleek bijvoorbeeld ook opnieuw uit het recente onderzoek dat SBO deed naar het personeel in het vmbo en praktijkonderwijs. Negen van de tien leraren werken er graag, voelt zich veilig en wil nog jaren in het vmbo blijven werken. Slechts één op de tien zoekt ander werk vanwege ordeproblemen en de zwaarte van het werk, niet meer of minder dan elders in het onderwijs. Waar het personeel in het vmbo zich echter wild aan ergert is het beeld dat over het vmbo in de media wordt neergezet. Want, zo zeggen zij, het zijn enkele probleemscholen die het beeld voor de rest bepalen.
Daarom is het verheugend dat huidige plannen een andere toon aanslaan en een veel hoger realiteitsgehalte kennen. PvdA en CDA zijn eerst met onderwijspersoneel gaan praten, voordat ze hun plannen - die overgens enorm veel overeenkomst vertonen - formuleerden. Dat is winst. Nieuw zijn ze allerminst, zoals het sneller plaatsen van problematische leerlingen in opvangprojecten. Goed is het dat men wil investeren in het vmbo in probleemwijken. Prima dat er meer praktijk in de theoretische leerweg kan en de nauwelijks tot wasdom gekomen gemengde leerweg mag verdwijnen. Veel scholen zoeken ook al eigen oplossingen.
Problematischer wordt het met de plannen voor een soort verlengde leerplicht tot het 23ste jaar, zoals beiden willen. Een diplomaplicht is een mooi ideaal, maar de grote vraag is of het zal lukken om met de voorgestelde dwang en drang jong volwassenen aan een startkwalificatie te helpen. Vooral omdat één van de belangrijkste voorwaarden – voldoende leer-werkplekken – nauwelijks te realiseren valt. Het aanbod van opleidingsplaatsen in bedrijven deint mee op de golven van de conjunctuur en blijkt nauwelijks met gerichte maatregelen te beinvloeden te zijn.
Een aparte lerarenopleiding voor het vmbo is een andere overeenkomst op het politieke verlanglijstje. De vraag is hoe ‘apart’ dat zou moeten. De lerarenopleidingen voortgezet onderwijs hebben met door het grote aantal opleidingswegen en het geringe aantal studenten al moeite genoeg om de touwtjes aan elkaar te knopen. Beter is het om binnen die lerarenopleidingen creatief om te gaan met minors en majors, bachelors en masterscurussen, waar de didactiek van het beroepsonderwijs een onderdeel van is.
Wat steevast ontbreekt in de wenslijstjes is een helder investeringsprogramma voor het vmbo. Het kabinet trekt nu na het paasakkoord gelukkig wel geld uit voor gebouwen, maar nog niet voor personeel. En dan gebeurt er iets wonderlijks: Zalm boekt alvast wel enige honderden miljoenen in vanwege de cao voor de rijksambtenaren, maar of het kabinet nog iets overheeft voor ‘de frontsoldaten’ in het vmbo en de rest van onderwijs , blijft ten onrechte in nevelen gehuld.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.