• blad nr 7
  • 2-4-2005
  • auteur R. Sikkes 
  • Redactioneel

 

Verleiden of verplichten? PvdA in verwarring

De Partij van de Arbeid heeft de leraren van zich vervreemd door haar idealen te willen bereiken via ingrepen in de structuur. Dat moet anders, luidt de conclusie van het kritische boek Leergeld dat de Wiardi Beckmanstichting deze week presenteerde. Een nieuwe koers moet scholen tot veranderingen verleiden. Of die koerswijziging aanslaat is de vraag. Achterin komen hardleerse PvdA-Kamerleden met een lange lijst van systeemwijzigingen en uiterst noodzakelijke dwingende maatregelen.

Verleiden in plaats van verplichten. Dat zou volgens het boek Leergeld - Sociaal-democratische onderwijspolitiek in een tijd van nieuwe verschillen* de nieuwe toon moeten zijn van een nieuw sociaal-democratisch onderwijsbeleid. Want, zo schrijven Wim Meijnen en Sjoerd Karsten, de PvdA heeft zich te lang gefixeerd op ingrepen in de onderwijsstructuur. Die kwamen weliswaar voort uit goede bedoelingen en mooie idealen – het verheffen van het volk en het bestrijden van achterstanden – maar hielden te weinig rekening met de mogelijkheden van scholen en de ervaringen van leraren.
De systeemdenkers – Van Kemenade, Ritzen, Wallage, Netelenbos – jarenlang toch coryfeeën van het onderwijsbeleid van de PvdA, krijgen er in het boek behoorlijk van langs. Zij hebben ervoor gezorgd dat PvdA en leraren, lange tijd bondgenoten in de strijd voor beter onderwijs, van elkaar zijn vervreemd. Tijd dus voor een nieuwe koers, is de gedachte.
Het onderwijs moet namelijk wel verbeterd worden, maar zo schrijven Meijnen en Karsten, 'wij zullen een grote bescheidenheid aan de dag moeten leggen wanneer we onze idealen in de praktijk willen vormgeven en we zullen ons bewust moeten zijn van de beperkingen en nadelen van de grote structuurwijzigingen van bovenaf'.
Wat niet wegneemt dat de auteurs nog een flinke lijst hebben van wensen die via 'verleiding' bereikt moeten worden. Centraal staat nog steeds het bestrijden van achterstanden. Dat lukt volgens Meijnen en Karsten het beste door de voorschool voor twee- tot vierjarigen te koppelen aan het basisonderwijs. Verder moet de basisschool zich concentreren op de vakken taal en rekenen. Een juniorcollege voor twaalf- tot veertienjarigen kan zorgen voor uitstel van schoolkeuze.

Gemakzucht
Het lijkt misschien een koerswijziging, maar wetenschapper Edith Hooge hakt de nieuwe idealen en pretenties van de PvdA in hetzelfde boek in mootjes. Steeds weer, schrijft ze, ook volgens de nieuwe koers, probeert de sociaal-democratie via het onderwijs alles te compenseren wat kinderen van huis uit niet meekrijgen. Een onhaalbaar ideaal, dat automatisch leidt tot het bouwen van in haar ogen allesomvattende systemen van op elkaar aansluitende crèches, scholen en naschoolse voorzieningen.
De PvdA lijdt volgens haar bovendien aan blikvernauwing door zich alleen maar te concentreren op achterstandskinderen, ook weer in dit nieuwe boek. 'Meer bevoorrechte kinderen worden steevast ingezet ter verheffing en ontplooiing van kinderen uit achterstandssituaties.' Oog voor getalenteerde leerlingen heeft de PvdA zelden of nooit. Ook de ouders worden voortdurend buitenspel gezet in het proces van verheffing. 'Ouders gaan zich dan gedragen zoals ze bejegend worden: passief en onverantwoordelijk.'
Gratis voorschoolse educatie aanbieden aan kinderen uit achterstandsmilieus lijkt haar dan ook geen goed idee. Dat leidt tot jaloezie bij andere ouders en gemakzucht bij achterstandsouders. Haar suggestie: laat ook die ouders betalen voor de voorschool en geef achteraf, als hun kind komt en met succes het programma doorloopt, op vierjarige leeftijd dat geld terug.
Noch de nieuwe koers van Meijnen en Karsten noch de kritiek van Hooge lijkt veel effect te hebben op het denken van de PvdA-onderwijsbestuurders. In het slothoofdstuk zetten Tweede-Kamerleden Mariëtte Hamer en Jacques Tichelaar hun programma neer. Bomvol structuuringrepen, wensdenken en verplichtende maatregelen. Een kleine greep. De mavo verdwijnt en gaat verder met praktijkvakken als algemeen voorbereidend beroepsonderwijs. Jongeren moeten tot hun 23-ste naar school of scholing volgen. Alle crèches, peuterspeelzalen en voorscholen moeten aansluiten bij de basisschool. Scholen moeten een licentiemodel krijgen. De gemeente bepaalt centraal het toelatingsbeleid van alle scholen en legt beperkingen op aan de vrijheid van onderwijs om segregatie te voorkomen. Wie Leergeld dichtslaat, ziet een PvdA in verwarring en kan maar één conclusie trekken: verleiden blijft moeilijk voor sociaal-democraten.

Leergeld. Sociaal-democratische onderwijspolitiek in een tijd van nieuwe verschillen, door Sjoerd Karsten en Wim Meijnen. Mets & Schilt en Wiardi Beckmanstichting, Amsterdam 2005, 12 euro (ISBN 53-30-4460).

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.